NL195021C

Subscriber RF telephone system for providing multiple speech and/or data signals simultaneously over either a single or a plurality of RF channels

Abstract

This record has no abstract on file.

NL195021C, drawing sheet 1
Sheet 1 of 23

Term

Term ended

Expired 10 December 2005, 20.8 years ago.

  1. Priority
  2. Filed
  3. Granted
  4. Expired
  5. Today

15 claims: 5 independent, 10 dependent

  1. 1
    Conclusies 1. Radiofrequent abonneetelefoonsysteem omvattende basisstations en abonneestations, welk systeem voorziet in de transmissie van oproepen op radiofrequente kanaalparen, waarbij zend- en ontvangmiddelen, 5 signaalbewerkingsmiddelen, besturingsmiddelen en controlemiddelen, signaleringsmiddelen, synchronisatiemiddelen en koppelmiddelen aanwezig zijn;waarbij de basisstations zijn voorzien van schakelmiddelen voor verbindingen met trunklijnen van telefooncentrales en voor het routeren van oproepen en de abonneestations zijn voorzien van koppelmiddelen voor het verbinden van oproepen vanaf abonneegebruikers, waarbij het systeem gelijktijdig voorwaartse informatiesignalen en terugwaartse informatiesignalen tussen de 10 trunklijnen en de abonneestations op voorwaartse en terugwaartse frequentiekanalen kan overdragen, waarbij elk van de voorwaartse en terugwaartse frequentiekanalen is verdeeld in een aantal tijdsleuven, met het kenmerk, dat de schakelinrichting in het basisstation voorwaartse informatie vanaf de trunklijnen als voorwaartse signalen koppelt naar een uit een aantal compressoren gekozen compressor en terugwaartse signalen die ontvangen zijn uit de decompressoren in het basisstation als terugwaartse informatie koppelt 15 naar de trunklijnen, waarbij de koppelmiddelen in elk abonneestation terugwaartse informatie als terugwaartse signalen vanuit een gebruiker koppelt en voorwaartse signalen die ontvangen zijn uit een decompressor in het abonneestation als voorwaartse informatie koppelt voor afgifte aan een gebruiker;signaalcompressoren in het basisstation zijn verbonden met de schakelinrichting in het basisstation voor het opwekken van gecomprimeerde voorwaartse signalen op een tijdsleuf in één van de voorwaartse frequentie20 kanalen, welke gecomprimeerde voorwaartse signalen in een abonneestation kunnen worden gereconstrueerd om in hoofdzaak dezelfde informatie als voorwaartse signalen af te geven, die geleverd zijn voorafgaand aan de compressie, waarbij de compressor van elk abonneestation is verbonden met de koppelmiddelen voor het comprimeren van terugwaartse signalen van de koppelmiddelen van het abonneestation en voor het opwekken van gecomprimeerde terugwaartse signalen die in het basisstation kunnen 25 worden gereconstrueerd om in hoofdzaak dezelfde informatie als de terugwaartse signalen te leveren, die geleverd zijn voorafgaand aan de compressie;de signaaldecompressoren in het basisstation zijn verbonden met de schakelinrichting in het basisstation voor het decomprimeren van gecomprimeerde terugwaartse signalen die vanuit de abonneestations op het terugwaartse frequentiekanaal worden ontvangen en voor het opwekken van terugwaartse signalen voor de schakelinrichting van het basisstation, welke in hoofdzaak 30 dezelfde informatie als de afgegeven terugwaartse signalen leveren, waarbij de decompressor van elk abonneestation is verbonden met de koppelmiddelen van het abonneestation voor het decomprimeren van gecomprimeerde voorwaartse signalen die zijn ontvangen vanuit het basisstation op het voorwaartse frequentiekanaal en voor het opwekken van voorwaartse signalen voor de koppelmiddelen van het abonneestation, welke in hoofdzaak dezelfde informatie als de geleverde voorwaartse signalen leveren;een 35 afstandsprocessor aanwezig is, die is verbonden met de trunklijnen en reageert op oproepverzoeken vanuit de trunklijnen en vanuit abonneegebruikers, voor het selecteren van welke van de afzonderlijke compressoren door de schakelinrichting moet worden verbonden met één van de trunklijnen voor het daarbij toewijzen van een kanaal/sleuf voor een van de voorwaartse en terugwaartse gecomprimeerde informatiesignalen, zodat deze kunnen worden overgedragen over respectieve voorwaartse en terugwaartse frequentiekanalen 40 naar een respectievelijk station van het basisstation en abonneestations, waarbij de afstandsprocessor een geheugen bijhoudt ten aanzien van welk kanaal/sleuf aldus is toegewezen en het geheugen raadpleegt bij ontvangst van het oproepverzoek;een oproepprocessor aanwezig is, die met de afstandsprocessors verbonden en reageert op het toewijzingssignaal, waardoor de schakelinrichting de verbinding completeert overeenkomstig het sleuftoewijzingssignaal;een kanaalbesturingsinrichting aanwezig is die met de 45 compressoren van het basisstation is verbonden voor het combineren van de gecomprimeerde voorwaartse signalen voor de toevoer aan het voorwaartse frequentiesignaal, waarbij elk van de respectieve gecomprimeerde voorwaartse signalen een tijdsleuf binnen het voorwaartse frequentiekanaal innemen;en een zender en ontvanger, in het basisstation en in de abonneestations aanwezig zijn voor het verschaffen van de directe communicatie tussen het basisstation en de abonneestations op de radiofrequentie. 50
  2. 2
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 1, waarbij besturingssignalen in gespecificeerde tijdsleuven worden uitgezonden, met het kenmerk, dat een oproepverzoek vergezeld gaat van een abonnee-identificatiesignaal dat een abonneestation identificeert, tot welke de oproep is gericht, waarbij de afstandsprocessor reageert op het abonnee-identificatiesignaal door het naar de kanaalbesturingsinrichting uitzenden van een zendsleufstuursignaal dat een associatie tussen het geïdentificeerde abonneestation en 55 de toegewezen sleuf aangeeft en waarbij de kanaalbesturingsinrichting met de afstandsprocessor is verbonden en reageert op het zendsleufstuursignaal door het in een afzonderlijke sleuf van de zendkanaalbitstroom uitzenden van een afstandsbesturingsbericht gericht aan het abonneestation dat door het zendsleufstuursignaal is geïdentificeerd en door het aangeven van de sleuf die het gecomprimeerde voorwaartse signaal bevat, dat voorwaartse informatiesignalen voorstelt die uit de trunklijn worden ontvangen, waaruit het oproepverzoek en het begeleidende abonnee-identificatiesignaal werden ontvangen.
  3. 3
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat een modem aanwezig 5 is voor het ontvangen van een terugwaarts kanaalsignaal en voor het verwerken van het terugwaartse kanaalsignaal om een terugwaartse kanaalbitstroom op te wekken die gescheiden gecomprimeerde terugwaartse signalen bevat in verschillende respectieve herhaalde sequentiële sleufposities;dat een aantal decompressoren aanwezig zijn die respectievelijk zijn toegevoegd aan een verschillende sleufpositie in de terugwaartse kanaalbitstroom en die de terugwaartse signalen uit de terugwaartse gecomprimeerde 10 kanaalbitstroom reconstrueert, waarbij de kanaalbesturingsinrichting de afzonderlijke gecomprimeerde terugwaartse signalen scheidt uit de terugwaartse kanaalbitstroom en de afgescheiden afzonderlijke gecomprimeerde terugwaartse signalen verdeelt over de afzonderlijke decompressoren toegewezen aan de respectieve tijdsleuven waaruit de signalen zijn afgescheiden;en dat de schakelinrichting de respectieve afzonderlijke terugwaartse signalen toevoert aan de trunklijnen en waarbij de afstandsbesturingsinrichting 15~ reageert op het inkomende oproepverzoeksignaal dat over de trunklijnen is ontvangen, door het opwekken van een toewijzingssignaal dat aangeeft welke decompressor door de schakelinrichting moet worden verbonden met de trunklijn.
  4. 4
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 3, met het kenmerk, dat de afstandsprocessor voorts aan de kanaalbesturingsinrichting een terugwaarts sleufstuursignaal afgeeft, dat de toevoeging 20 aangeeft tussen het abonneestation geïdentificeerd door het ontvangen abonnee-identificatiesignaal en de sleuf in de terugwaartse kanaalbitstroom toegevoegd aan signalen ontvangen uit het geïdentificeerde abonneestation waarbij de kanaalbesturingsinrichting reageert op het terugwaartse sleufstuursignaal door het in een sleuf van de zendkanaalbitstroom opwekken van een afstandsbesturingsbericht gericht aan het abonneestation dat door het terugwaartse sleufstuursignaal wordt geïdentificeerd en aangeeft wanneer het 25 geadresseerde abonneestation de gecomprimeerde terugwaartse signalen zodanig moet uitzenden dat de gecomprimeerde terugwaartse signalen uit het geadresseerde abonneestation de toegewezen sleuf in de terugwaartse kanaalbitstroom in beslag nemen.
  5. 5
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat het abonneestation voorts een kanaalbesturingsinrichting bevat voor het verwerken van het afstandsbesturingsbericht in het 30 ontvangen zendkanaalsignaal om signalen vanaf het abonneestation over te dragen op tijdstippen aangegeven door het afstandsbesturingsbericht.
  6. 6
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens een van de conclusies 1-5, met het kenmerk, dat de spraakcompressoren de kanaalbesturingsinrichtingen en de modem zijn opgenomen in een aantal voorwaartse kanaalketens die elk worden toegewezen aan verschillende radiofrequente kanalen, dat een 35 sleuftoewijzingssignaal een voorwaartse kanaalketen aangeeft, dat de afstandsprocessor de toewijzing van een trunklijn aan een voorwaartse kanaalketen bestuurt, dat de afstandsprocessor een geheugen bijhoudt over welke tijdsleuven zijn toegewezen aan elk van het aantal voorwaartse kanaalketens en bij het raadplegen van het geheugen een sleuftoewijzingssignaal levert voor de verbinding van een voorwaartse kanaalketen waarbij niet alle tijdsleuven zijn toegewezen aan een andere trunklijn. 40
  7. 7
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 6, met het kenmerk, dat in responsie op het abonnee-identificatiesignaal Ie afstandsprocessor een voorwaarts zendsleufstuursignaal toevoert aan de kanaalbesturingsinrichting in de zendkanaalketen toegewezen in responsie op het begeleidende oproepverzoek, dat het voorwaartse kanaalstuursignaal een toewijzing tussen de geïdentificeerde abonnee en het radiofrequente kanaal aangeeft, dat is toegewezen aan de voorwaartse kanaalketen en dat de kanaal45 besturingsinrichting reageert op het voorwaartse sleufstuursignaal en voorts het radiofrequente kanaal aangeeft dat aan de zendkanaalketen is toegewezen in responsie op het oproepverzoek.
  8. 8
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens een van de conclusies 2-7, met het kenmerk, dat de modem, de spraakdecompressoren, de kanaalbesturingsinrichtingen worden opgenomen in een aantal terugwaartse kanaalketens die elk worden gepaard aan een van de voorwaartse kanaalketens, die elk zijn 50 toegewezen aan een verschillend radiofrequent kanaal, dat het sleuftoewijzingssignaal de terugwaartse kanaalketen eren aangeeft, dat de afstandsprocessor de aangegeven terugwaartse kanaalketen toewijst aan de trunklijn en dat de afstandsprocessor een geheugen bijhoudt over welke tijdsleuven in de trugwaartse kanaalbitstroom zijn toegewezen aan een aantal terugwaartse kanaalketens en het geheugen raadpleegt en aan de oproepprocessor een sleuftoewijzingssignaal afgeeft voor het verbinden van de terugwaartse 55 kanaalketen, waarin niet alle tijdsleuven zijn toegewezen aan een andere trunklijn en die behoort bij een voorwaartse kanaalketen waarin niet alle tijdsleuven zijn toegewezen aan een andere trunklijn.
  9. 9
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 8, met het kenmerk, dat de afstandsprocessor aan de kanaalbesturingsinrichting in de terugwaartse kanaalketen een terugwaarts kanaalstuursignaal afgeeft, dat een toewijzing tussen het geïdentificeerde abonneestation en het radiofrequente kanaal aangeeft, dat is toegewezen aan de terugwaartse kanaalketen in responsie op het betreffende oproepverzoek en dat de kanaalbesturingsinrichting het radiofrequente kanaal aangeeft dat aan de terugwaartse 5 kanaalketen is toegewezen in responsie op het oproepverzoek.
  10. 10
    Radiofrequent abonneetelefoonsysteem omvattende basisstations en abonneestations, welk systeem voorziet in de transmissie van oproepen op radiofrequente kanaalparen, waarbij zend- en ontvangmiddelen, signaalbewerkingsmiddelen, besturingsmiddelen en controlemiddelen, signaleringsmiddelen, synchronisatiemiddelen en koppelmiddelen aanwezig zijn;waarbij de basisstations zijn voorzien van schakelmiddelen voor 10 verbindingen met trunklijnen van telefooncentrales en voor het routeren van oproepen en de abonneestations zijn voorzien van koppelmiddelen voor het verbinden van oproepen vanaf abonneegebruikers, waarbij het systeem gelijktijdig voorwaartse informatiesignalen en terugwaartse informatiesignalen tussen de trunklijnen en de abonneestations op voorwaartse en terugwaartse frequentiekanalen kan overdragen, waarbij elk van de voorwaartse en terugwaartse frequentiekanalen is verdeeld in een aantal tijdsleuven, met 15 het kenmerk, dat de schakelinrichting in het basisstation voorwaartse informatie vanaf de trunklijnen als voorwaartse signalen koppelt naar één uit een aantal compressoren gekozen compressor en terugwaartse signalen die ontvangen zijn uit de decompressoren in het basisstation als terugwaartse informatie koppelt naar de trunklijnen, waarbij de koppelmiddelen in elk abonneestation terugwaartse informatie als terugwaartse signalen vanuit een gebruiker koppelt en voorwaartse signalen die ontvangen zijn uit een decom20 pressor in het abonneestation als voorwaartse informatie koppelt voor afgifte aan een gebruiker;signaalcompressoren in het basisstation zijn verbonden met de schakelinrichting in het basisstation voor het opwekken van gecomprimeerde voorwaartse signalen op een tijdsleuf in één van de voorwaartse frequentiekanalen, welke gecomprimeerde voorwaartse signalen in een abonneestation kunnen worden gereconstrueerd om in hoofdzaak dezelfde informatie als voorwaartse signalen af te geven, die geleverd zijn 25 voorafgaand aan de compressie, waarbij de compressor van elk abonneestation is verbonden met de koppelmiddelen voor het comprimeren van terugwaartse signalen van de koppelmiddelen van het abonneestation en voor het opwekken van gecomprimeerde terugwaartse signalen die in het basisstation kunnen worden gereconstrueerd om in hoofdzaak dezelfde informatie als de terugwaartse signalen te leveren, die geleverd zijn voorafgaand aan de compressie;de signaaldecompressoren in het basisstation zijn verbonden 30 met de schakelinrichting in het basisstation voor het decomprimeren van gecomprimeerde terugwaartse signalen die vanuit de abonneestations op het terugwaartse frequentiekanaal worden ontvangen en voor het opwekken van terugwaartse signalen voor de schakelinrichting van het basisstation, welke in hoofdzaak dezelfde informatie als de afgegeven terugwaartse signalen leveren, waarbij de decompressor van elk abonneestation is verbonden met de koppelmiddelen van het abonneestation voor het decomprimeren van 35 gecomprimeerde voorwaartse signalen die zijn ontvangen vanuit het basisstation op het voorwaartse frequentiekanaal en voor het opwekken van voorwaartse signalen voor de koppelmiddelen van het abonneestation, welke in hoofdzaak dezelfde informatie als de geleverde voorwaartse signalen leveren;een kanaalbesturingsinrichting aanwezig is die met de compressoren van het basisstation is verbonden voor het combineren van de gecomprimeerde voorwaartse signalen voor de toevoer aan het voorwaartse frequentie40 signaal, waarbij elk van de respectieve gecomprimeerde voorwaartse signalen een tijdsleuf binnen het voorwaartse frequentiekanaal innemen;en een zender en ontvanger In het basisstation en in de abonneestations aanwezig zijn voor het verschaffen van de directe communicatie tussen het basisstation en de abonneestations op de radiofrequentie;en elk abonneestation werkt in een half-duplex modus binnen een frame voor tijdsverdeelde meervoudige toegang, waarbij deze zendt in één gedeelte van het frame en 45 ontvangt in een verder gedeelte van het frame;waarbij het basisstation werkt op de voorwaartse en terugwaartse frequentiekanalen in full-duplex modus teneinde plaats te bieden aan een veelvoud van gelijktijdige signalen op elk van de voorwaartse en terugwaartse frequentiekanalen, waarbij het voorwaartse frequentiekanaal is toegewezen aan het basisstation voor zenden naar de abonneestations en voor ontvangst door de abonneestations wanneer de abonneestations niet zenden en het terugwaartse 50 frequentiekanaal is toegewezen aan de abonneestations voor zenden naar het basisstation en voor ontvangst door het basisstation vanaf een abonneestation wanneer het basisstation niet zendt naar dat abonneestation.
  11. 11
    Abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 10, met het kenmerk, dat de signaalcompressoren voorzien in het digitaliseren van spraak met een codeersnelheid van 14,6 Kbps gecombineerd met een DPSK55 modulatie van 16 niveaus om volledige duplexverbindingen op een enkel paar van 20 kHz kanalen uit te voeren.
  12. 12
    Abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 10, met het kenmerk, dat de kanaalbesturingsinrichting de transmissie van gecomprimeerde digitale signaalmonsters uit het basisstation naar de abonneestations synchroniseert om de signalen die aan het basisstation worden ontvangen uit de abonneestations op te lijnen om tegemoet te komen aan variaties in de afstanden tussen de afzonderlijke abonneestations en het basisstation. 5 13. Werkwijze voor het bedrijven van een abonneetelefoonsysteem volgens conclusie 1 of 10 voor het leveren van een aantal spraak- en/of datasignalen over hetzij een enkel of een aantal radiofrequente kanalen, waarbij een aantal signalen die informatie kunnen dragen, worden verwerkt en worden ontvangen over telefoonlijnen voor de transmissie over radiofrequente verbinding naar vooraf bepaalde ontvangeenheden, gekenmerkt door 10 (A) het ontvangen van het aantal voorwaartse informatiesignalen uit telefoonlijnen voor de verwerking voor transmissie over radiofrequente verbindingen naar vooraf bepaalde ontvangeenheden die de voorwaartse informatiesignalen kunnen verwerken volgens de stap (B);(B) het verwerken van het aantal voorwaartse informatiesignalen volgens de volgende deelstappen, (1) het toewijzen en routeren voor het verwerken van elk voorwaartse informatiesignaal dat over
  13. 13
    15 radiofrequente verbindingen moet worden overgedragen naar een vooraf bepaalde ontvangeenheid, (2) het op een vooraf bepaalde manier vangen van elk voorwaartse informatiesignaal dat volgens de routering wordt verwerkt toegewezen bij deelstap (B) (1) om signaalmonsters voort te brengen die representatief zijn voor elk van het aantal voorwaartse informatiesignalen, (3) het comprimeren van de signaalmonsters, zodanig dat deze signaalmonsters in vooraf bepaalde
  14. 14
    20 ontvangeenheden kunnen worden gereconstrueerd om wezenlijk dezelfde informatie als die in respectieve voorwaartse informatiesignalen te leveren, die volgens stap (B) zijn verwerkt, waarbij de compressiestap resulteert in een selectieve verwijdering van ten minste een signaalkenmerk van de signaalmonsters en (4) het plaatsen van de gecomprimeerde signaalmonsters in vooraf bepaalde discrete posities van elk
  15. 15
    25 herhaald segment van een zendsignaalkanaal; en (C) het uitzenden van het aantal voorwaartse informatiesignalen over ten minste een van de radiofrequente verbindingen naar ten minste een vooraf bepaalde ontvangeenheid waarbij het gedeelte van elk herhaald segment van het zendsignaalkanaal de gecomprimeerde signaalmonsters voor elk van het aantal informatiemonsters bevat. Hierbij 22 bladen tekening FIG. 14 Γ” 1 J ro F/G 4 A 8 ON REE BASIS ABONNEE STATION A STATION STATION B STUUR KANAAL DATAKANAAL BEGJM GEHEUGEN STACK Rl/IMTE T0F6E VEZEN DOOR BEDR'JFSTUÜR· SYSTEEM FFEOOO FFFFFF STACK TOEGE VEZEN DOOR DE INDELING5EENHEID FZG 9 FIG. !2 FIG. 13 FIG 16 17,28) 18,29 VCUSDAT I FIG. IS H-|»o ja _v o ro ro oo oi oi σ o o' IO Oi gv o —o _:εϊδ S3-·” Σ β - - ro C3NVIU SflOflHOmZ ) g v 1* δΫ o CD ξν «V O oi co o oi % oV % Oi ► o· to ö J o (0 OI £’ OiCI CD ’ cö VJii CD SV ro o· ja δ Q) Ζ* δ Na * S SB —4 2» φ» » 3» « S: S 3 isa I s 55 I δ” a £ •o Ό in i\ J» ✓ · f\3 ®/Τ kZ si ro SV ro N NV /7 I»» w A UI ··ο f\3 * w o N l»_i_ ro a ro - . Λ» . .O FRAME RID ffi w δ te o Λ FRAME T'JD N in U • RF/IF STI/I/R LOGICA
Independent claims15