NL2016801A

Devices and Methods for Capturing and Interacting with Enhanced Digital Images

Abstract

An electronic device includes a camera. While in a first media acquisition mode for the camera the device displays a live preview on the display. While displaying the live preview, the device detects activation of a shutter button. In response to detecting activation of the shutter button, the device groups a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button into a sequence of images. The sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button; a representative image that represents the first sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the first sequence of images; and a plurality of images acquired by the camera after acquiring the representative image.

NL2016801A, drawing sheet 1
Sheet 1 of 183

Term

9.7 yearsto projected expiry

Projected expiry 19 May 2036, counted from filing; an application has no term until it is granted.

  1. Priority
  2. Filed
  3. Published
  4. Today
  5. Projected expiry

408 claims: 301 independent, 107 dependent

  1. 1
    CONCLUSIES 1. Werkwijze omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een camera, een of meer verwerkingseenheden, en geheugen: terwijl in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera: tonen van een live voorvertoning op het beeldscherm;tijdens het tonen van de live voorvertoning, detecteren van activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: groeperen van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid van de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  2. 2
    Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van 198 activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip een vooraf bepaald aantal afbeeldingen is.
  3. 3
    Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip afbeeldingen zijn die binnen een vooraf bepaalde tijd voorafgaand aan het eerste tijdstip liggen.
  4. 4
    Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip afbeeldingen zijn die liggen binnen een vooraf bepaalde tijdsduur voorafgaand aan een tijdstip waarop de representatieve afbeelding is verkregen.
  5. 5
    Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip afkomstig zijn uit een tijdbereik tussen het eerste tijdstip en een tweede tijdstip dat voorafgaand is aan het eerste tijdstip, en verkrijgen van de veelheid afbeeldingen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip onafhankelijk is van het detecteren van een interactie met de sluiterknop die in tijd nabij het tweede tijdstip ligt.
  6. 6
    Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de veelheid afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen, die zijn verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip, voldoen aan een of meer vooraf gedefinieerde groeperingscriteria. 199
  7. 7
    Werkwijze volgens conclusie 6, waarbij de vooraf gedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van een vooraf gedefinieerd aantal afbeeldingen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop.
  8. 8
    Werkwijze volgens conclusie 6, waarbij de vooraf gedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van een vooraf gedefinieerd aantal afbeeldingen voorafgaand aan de representatieve afbeelding.
  9. 9
    Werkwijze volgens conclusie 6, waarbij de vooraf gedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van afbeeldingen in een vooraf gedefinieerd tijdbereik direct voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop .
  10. 10
    Werkwijze volgens conclusie 6, waarbij de vooraf gedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van afbeeldingen in een vooraf gedefinieerd tijdbereik direct voorafgaand aan het tijdstip waarop de representatieve afbeelding is verkregen.
  11. 11
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot 10, waarbij de inrichting begint met het verkrijgen en opslaan van afbeeldingen bij het ingaan van de eerste mediaverkrijgingsmodus en vervolgens afbeeldingen verwijdert die niet zijn gegroepeerd tot een betreffende veelheid afbeeldingen die in een tijdnabijheid liggen van activering van de sluiterknop op een betreffend tijdstip terwijl deze in de mediaverkrijgingsmodus is. 200
  12. 12
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 10, waarbij de inrichting begint met het verkrijgen en opslaan van afbeeldingen bij het tonen van de live voorvertoning en vervolgens afbeeldingen verwijdert die niet zijn gegroepeerd tot een betreffende veelheid afbeeldingen die in tijdnabijheid zijn tot activering van de sluiterknop op een betreffend tijdstip terwijl deze in de eerste mediaverkrijgingsmodus is.
  13. 13
    Werkwijze volgens conclusie 1, waarbij de inrichtingen afbeeldingen verkrijgt en opslaat tijdens het tonen van de live voorvertoning, onafhankelijk van het detecteren van activering van de sluiterknop, en verkregen en opgeslagen afbeeldingen verwijdert die niet zijn gegroepeerd tot een betreffende veelheid afbeeldingen die in tijdnabijheid zijn tot activering van de sluiterknop op een betreffend tijdstip terwijl deze in de eerste mediaverkrijgingsmodus is.
  14. 14
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 13, waarbij de eerste reeks afbeeldingen is opgeslagen als een eerste afzonderlijke verzameling afbeeldingen in het geheugen .
  15. 15
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 14, waarbij de live voorvertoning afbeeldingen toont op een eerste resolutie en de eerste reeks afbeeldingen afbeeldingen omvat, op de eerste resolutie, die in de live voorvertoning zijn getoond.
  16. 16
    Werkwijze volgens conclusie 15, waarbij de representatieve afbeelding verkregen door de camera een tweede resolutie heeft die hoger is dan de eerste resolutie. 201
  17. 17
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 16, omvattende:het in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: associëren, met de eerste reeks afbeeldingen, van geluid dat overeenstemt met de eerste reeks afbeeldingen.
  18. 18
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 17, omvattende:het, in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: associëren, met de eerste reeks afbeeldingen, van metagegevens die overeenstemmen met de eerste reeks afbeeldingen .
  19. 19
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 18, waarbij de eerste mediaverkrijgingsmodus is ingericht om te worden geactiveerd of uitgeschakeld door een gebruiker van de inrichting.
  20. 20
    Werkwijze volgens conclusie 19, waarbij:de live voorvertoning wordt vertoond als deel van een mediaopneemgebruikersinterface die een permissie omvat voor het activeren van de eerste mediaverkrijgingsmodus;terwijl de eerste mediaverkrijgingsmodus geactiveerd is, de permissie wordt geanimeerd;en terwijl de eerste mediaverkrijgingsmodus uitgeschakeld is, de permissie niet wordt geanimeerd.
  21. 21
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 20, waarbij parameters voor een betreffende reeks afbeeldingen gegroepeerd in reactie op het detecteren van een betreffende 202 activering van de sluiterknop configureerbaar zijn door een gebruiker van de inrichting.
  22. 22
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 21, waarbij:de live voorvertoning wordt vertoond als deel van een mediaopneemgebruikersinterface die een permissie omvat voor het activeren van de eerste mediaverkrijgingsmodus;en de sluiterknop een programmatuurknop is die wordt vertoond in de mediaopneemgebruikersinterface;en de werkwijze omvat: het, in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop, tonen van een animatie die is geassocieerd met de sluiterknop die voortduurt gedurende een hoeveelheid tijd die overeenstemt met een hoeveelheid tijd na de activering van de sluiterknop waarin de camera afbeeldingen verkrijgt voor de eerste reeks afbeeldingen.
  23. 23
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 22, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip wordt opgeslagen in een eerste vorm in het geheugen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip wordt opgeslagen in een tweede vorm in het geheugen in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip.
  24. 24
    Werkwijze volgens conclusie 1, omvattende:het, na detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip, detecteren van een volgende activering van de sluiterknop op een tweede tijdstip;en 203 in reactie op het detecteren van de volgende activering van de sluiterknop op het tweede tijdstip: groeperen van een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het tweede tijdstip tot een tweede reeks afbeeldingen, waarbij de tweede reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het tweede tijdstip;en een representatieve afbeelding die de tweede reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera nadat een of meer van de andere afbeeldingen in de na een of meer van de andere afbeeldingen in de tweede reeks afbeeldingen .
  25. 25
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 24, omvattende het automatische uitsluiten van vage afbeeldingen uit de eerste reeks afbeeldingen.
  26. 26
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 25, waarbij:de eerste reeks afbeeldingen omvat: een beginafbeelding in de eerste reeks afbeeldingen, een eerste aantal afbeeldingen verkregen tussen de beginafbeelding en de representatieve afbeelding, een laatste afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen, en een tweede aantal afbeeldingen verkregen tussen representatieve afbeelding en de laatste afbeelding;en de werkwijze omvat: 204 het detecteren van een invoer die overeenstemt met een verzoek om de representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen te wijzigen;en het, in reactie op het detecteren van de invoer die overeenstemt met het verzoek om de representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen te wijzigen: wijzigen van de representatieve afbeelding naar een herziene representatieve afbeelding in overeenstemming met de gedetecteerde invoer;en wijzigen van de gegroepeerde veelheid afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen door het toevoegen van afbeeldingen aan een uiteinde van de eerste reeks afbeeldingen en het verwijderen van afbeeldingen aan het andere einde van de eerste reeks afbeeldingen in overeenstemming met de gedetecteerde invoer zodanig dat de eerste reeks afbeeldingen een herziene beginafbeelding en een herziene laatste afbeelding heeft.
  27. 27
    Werkwijze volgens een van de conclusies 1 tot en met 26, waarbij het beeldscherm een aanraakgevoelig beeldscherm is, en de werkwijze omvat:het ontvangen van een verzoek om de representatieve afbeelding uit de eerste reeks afbeeldingen te tonen;in reactie op het ontvangen van het verzoek om de representatieve afbeelding te tonen, tonen van de representatieve afbeelding op het aanraakgevoelige beeldscherm;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding, ontvangen van een aanraakinvoer op het aanraakgevoelige beeldscherm op de representatieve afbeelding, waarbij de aanraakinvoer een eigenschap omvat die in de tijd verandert;en 205 in reactie op het ontvangen van de aanraakinvoer op het aanraakgevoelige beeldscherm op de representatieve afbeelding, tonen van afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen met een snelheid die wordt vastgesteld op basis van de verandering in de eigenschap van de aanraakinvoer gedurende de ti jd.
  28. 28
    Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een camera;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: terwijl in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera : tonen van een live voorvertoning op het beeldscherm;tijdens het tonen van de live voorvertoning, detecteren van activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: groeperen van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid van de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat : 206 een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  29. 29
    Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm, een camera, geheugen en een of meer verwerkingseenheden, veroorzaken dat de inrichting:terwijl deze in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera is: een live voorvertoning op het beeldscherm toont;tijdens het tonen van de live voorvertoning, activering detecteert van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip groepeert tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;207 een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  30. 30
    Elektronische inrichting, omvattend:een beeldscherm;een camera;en middelen, geactiveerd terwijl deze in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera is, voor het: tonen van een live voorvertoning op het beeldscherm;tijdens het tonen van de live voorvertoning, detecteren van activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: groeperen van een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding. 208
  31. 31
    Informatieverwerkingsapparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een camera, omvattende:middelen, geactiveerd terwijl in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera, voor het: tonen van een live voorvertoning op het beeldscherm;tijdens het tonen van de live voorvertoning, detecteren van activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: groeperen van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid van de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat : een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding . . Elektronische inrichting, omvattende: een beeldscherm;een camera;een of meer verwerkingseenheden;209 geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 1 tot en met 27.
  32. 32
    33. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een camera, veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijzen volgens conclusies 1 tot en met 27 uitvoert.
  33. 33
    34. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een camera, geheugen en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer programma's die zijn opgeslagen in het geheugen, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden vertoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 1 tot en met 27.
  34. 34
    35. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een camera;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 1 tot en met 27.
  35. 35
    36. Informatieverwerkingsapparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een camera, omvattende:210 middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 1 tot en met 27.
  36. 36
    37. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid ingericht voor het tonen van een live voorvertoning;een camera-eenheid ingericht voor het verkrijgen van afbeeldingen;en een verwerkingseenheid gekoppeld met de beeldschermeenheid en de camera-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: terwijl deze in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera-eenheid is: tonen van de live voorvertoning op de beeldschermeenheid;tijdens het tonen van de live voorvertoning, detecteren van activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: groeperen van een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera-eenheid in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip na een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera-eenheid voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera-eenheid na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en 211 een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera-eenheid na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  37. 37
    38. Elektronische inrichting volgens conclusie 37, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip een vooraf bepaald aantal afbeeldingen is.
  38. 38
    39. Elektronische inrichting volgens conclusie 37, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip afbeeldingen zijn die binnen een vooraf gedefinieerde tijd voorafgaand aan het eerste tijdstip liggen.
  39. 39
    40. Elektronische inrichting volgens conclusie 37, waarbij de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip afbeeldingen zijn die binnen een vooraf gedefinieerde tijd liggen voorafgaand aan het tijdstip waarop de representatieve afbeelding werd verkregen.
  40. 40
    41. Elektronische inrichting volgens conclusie 37, waarbij veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip liggen in een tijdbereik tussen het eerste tijdstip en het tweede tijdstip dat voorafgaand aan het eerste tijdstip is, en het verkrijgen van de veelheid afbeeldingen verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip onafhankelijk is van het detecteren van een interactie met de sluiterknop die in tijd nabij het tweede tijdstip ligt. 212
  41. 41
    42. Elektronische inrichting volgens conclusie 37, waarbij de veelheid afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip voldoet aan een of meer voorgedefinieerde groeperingscriteria.
  42. 42
    43. Elektronische inrichting volgens conclusie 42, waarbij de voorgedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van een voorgedefinieerd aantal afbeeldingen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop.
  43. 43
    44. Elektronische inrichting volgens conclusie 42, waarbij de voorgedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van een voorgedefinieerd aantal afbeeldingen voorafgaand aan de representatieve afbeelding.
  44. 44
    45. Elektronische inrichting volgens conclusie 42, waarbij de voorgedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van afbeeldingen in een voorgedefinieerd tijdbereik direct voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop .
  45. 45
    46. Elektronische inrichting volgens conclusie 42, waarbij de voorgedefinieerde groeperingscriteria het selecteren omvatten van afbeeldingen in een voorgedefinieerd tijdbereik direct voorafgaand aan het tijdstip waarop de representatieve afbeelding is verkregen.
  46. 46
    47. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 46, waarbij de inrichting begint met het verkrijgen en opslaan van afbeeldingen bij het ingaan van de eerste 213 mediaverkrijgingsmodus en vervolgens afbeeldingen verwijdert die niet zijn gegroepeerd tot een betreffende hoeveelheid afbeeldingen die in tijdnabijheid zijn tot activering van de sluiterknop op een betreffend tijdstip terwijl in de eerste mediaverkrijgingsmodus.
  47. 47
    48. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 46, waarbij de inrichting begint met het verkrijgen en opslaan van afbeeldingen tijdens het tonen van de live voorvertoning en vervolgens afbeeldingen verwijdert die niet zijn gegroepeerd tot een betreffende veelheid afbeeldingen die in tijdnabijheid zijn tot activering van de sluiterknop op een betreffend tijdstip terwijl deze in de eerste mediaverkrijgingsmodus is.
  48. 48
    49. Elektronische inrichting volgens conclusie 37, waarbij de inrichting afbeeldingen verkrijgt en opslaat tijdens het tonen van de live voorvertoning, onafhankelijk van het detecteren van activeringen van de sluiterknop, en verkregen en opgeslagen afbeeldingen verwijdert die niet zijn gegroepeerd tot een betreffende veelheid afbeeldingen die in tijdnabijheid zijn tot activering van de sluiterknop op een betreffend tijdstip terwijl deze in de eerste mediaverkrijgingsmodus is.
  49. 49
    50. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 49, waarbij de eerste reeks afbeeldingen wordt opgeslagen als een eerste afzonderlijke verzameling afbeeldingen in het geheugen.
  50. 50
    51. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 50, waarbij de live voorvertoning afbeeldingen 214 toont op een eerste resolutie en de eerste reeks afbeeldingen afbeeldingen omvat, op de eerste resolutie, die in de live voorvertoning zijn getoond.
  51. 51
    52. Elektronische inrichting volgens conclusie 51, waarbij de representatieve afbeelding die is verkregen door de cameraeenheid een tweede resolutie heeft die hoger is dan de eerste resolutie.
  52. 52
    53. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 52, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: associëren, met de eerste reeks afbeeldingen, van geluid dat overeenstemt met de eerste reeks afbeeldingen.
  53. 53
    54. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 53, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op de eerste tijdstip: associëren, met de eerste reeks afbeeldingen, van metagegevens die overeenstemmen met de eerste reeks afbeeldingen .
  54. 54
    55. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 54, waarbij de eerste mediaverkrijgingsmodus is ingericht om te worden geactiveerd of geactiveerd door een gebruiker van de inrichting.
  55. 55
    56. Elektronische inrichting volgens conclusie 55, waarbij:215 de live voorvertoning wordt getoond als deel van een mediaopneemgebruikersinterface die een permissie omvat voor het activeren van de eerste mediaverkrijgingsmodus;terwijl de eerste mediaverkrijgingsmodus geactiveerd is, de permissie wordt geanimeerd;en terwijl de eerste mediaverkrijgingsmodus is gedeactiveerd, de permissie niet wordt geanimeerd.
  56. 56
    57. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 56, waarbij parameters voor een betreffende reeks afbeeldingen die zijn gegroepeerd in reactie op het detecteren van een betreffende activering van de sluiterknop configureerbaar zijn door een gebruiker van de inrichting.
  57. 57
    58. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 57, waarbij:de live voorvertoning wordt getoond als deel van een mediaopneemgebruikersinterface die een permissie omvat voor het activeren van de eerste mediaverkrijgingsmodus;en de sluiterknop een softwarematige knop is die wordt vertoond in de mediaopneemgebruikersinterface;en de verwerkingseenheid is ingericht voor het: in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop, op de beeldschermeenheid tonen van een animatie die is geassocieerd met de sluiterknop die gedurende een hoeveelheid tijd na de activering van de sluiterknop voortduurt waarin de camera-eenheid afbeeldingen verkrijgt voor de eerste reeks afbeeldingen.
  58. 58
    59. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 58, waarbij de veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera-eenheid voorafgaand aan het detecteren 216 van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip zijn opgeslagen in een eerste vorm in het geheugen voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip en zijn opgeslagen in een tweede vorm in het geheugen in reactie op het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip.
  59. 59
    60. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 59, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:na het detecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip, detecteren van een volgende activering van de sluiterknop op een tweede tijdstip;en in reactie op het detecteren van volgende activering van de sluiterknop op het tweede tijdstip: groeperen van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera-eenheid in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het tweede tijdstip tot een tweede reeks afbeeldingen, waarbij de tweede reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen verkregen door de camera-eenheid voorafgaand aan het detecteren van activering van de sluiterknop op het tweede tijdstip;en een representatieve afbeelding die de tweede reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera-eenheid na een of meer van de andere afbeeldingen in de tweede reeks afbeeldingen.
  60. 60
    61. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 60, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het automatisch uitsluiten van vage afbeeldingen uit de eerste reeks afbeeldingen. 217
  61. 61
    62. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 61, waarbij:de eerste reeks afbeeldingen omvat: een beginafbeelding in de eerste reeks afbeeldingen, een eerste aantal afbeeldingen verkregen tussen de beginafbeelding en de representatieve afbeelding, een laatste afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen, en, een tweede aantal afbeeldingen verkregen tussen de representatieve afbeelding en de laatste afbeelding;en de verwerkingseenheid is ingericht voor het: detecteren van invoer die overeenstemt met een verzoek om het wijzigen van de representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen;en in reactie op het detecteren van invoer die overeenstemt met het verzoek om het wijzigen van de representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen: wijzigen van de representatieve afbeelding naar een herziene representatieve afbeelding in overeenstemming met de gedetecteerde invoer;en wijzigen van de gegroepeerde veelheid afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen door het toevoegen van afbeeldingen aan een uiteinde van de eerste reeks afbeeldingen en het verwijderen van afbeeldingen aan het andere uiteinde van de eerste reeks afbeeldingen in overeenstemming met de gedetecteerde invoer zodanig dat de eerste reeks afbeeldingen een herziene beginafbeelding heeft en een herziene laatste afbeelding. 218
  62. 62
    63. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 37 tot en met 62, waarbij de beeldschermeenheid een aanraakgevoelige beeldschermeenheid is, en de verwerkingseenheid is ingericht voor het:ontvangen van een verzoek om vertoning van de representatieve afbeelding uit de eerste reeks afbeeldingen;in reactie op het ontvangen van het verzoek om vertoning van de representatieve afbeelding, tonen van de representatieve afbeelding op de aanraakgevoelige beeldschermeenheid;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding, ontvangen van een aanraakinvoer op de aanraakgevoelige beeldschermeenheid op de representatieve afbeelding, waarbij de aanraakinvoer een eigenschap omvat die verandert met de tijd;en in reactie op het ontvangen van de aanraakinvoer op de aanraakgevoelige beeldschermeenheid op de representatieve afbeelding, tonen van afbeeldingen op de aanraakgevoelige beeldschermeenheid in de eerste reeks afbeeldingen met een snelheid die wordt bepaald op basis van de verandering in de eigenschap van de aanraakinvoer in de tijd.
  63. 63
    64. Werkwijze, omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak: tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen genomen door de camera;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en 219 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een eerste gedeelte van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door vertoning, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, op volgorde tonen van de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  64. 64
    65. Werkwijze volgens conclusie 64, waarbij de eerste invoer een druk-en-houdgebaar is.
  65. 65
    66. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 65, waarbij de inrichting een of meer sensoren omvat voor het detecteren van intensiteit van aanrakingen op het aanraakgevoelige oppervlak, en de eerste invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerstecontactintensiteitcriteria. 220
  66. 66
    67. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 66, waarbij de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding worden vertoond, in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, op volgorde met een snelheid die is gebaseerd op een intensiteit van een contact in het eerste gedeelte van de invoer.
  67. 67
    68. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 66, waarbij de reeks afbeeldingen wordt vertoond, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, op volgorde met een vaste snelheid.
  68. 68
    69. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 68, omvattend:het kruis-faden van tonen, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding naar het tonen, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  69. 69
    70. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 69, omvattende:het, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, presenteren van geluid dat overeenstemt met de reeks afbeeldingen.
  70. 70
    71. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 70, omvattende:221 het, na detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, detecteren van een derde gedeelte van de eerste invoer;en het, in reactie op het detecteren van het derde gedeelte van de eerste invoer, tonen, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  71. 71
    72. Werkwijze volgens conclusie 71, omvattende:het, in reactie op het detecteren van het derde gedeelte van de eerste invoer, tonen van metagegevens die overeenstemmen met de reeks afbeeldingen.
  72. 72
    73. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 72, omvattende:het detecteren van beëindiging van de eerste invoer;en het, in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer, tonen van de representatieve afbeelding.
  73. 73
    74. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 72, omvattende:het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;het, in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt voorafgaand aan de representatieve 222 afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, op chronologische volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, in omgekeerd chronologische volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerst afbeelding tot de representatieve afbeelding.
  74. 74
    75. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 72, waarbij de reeks afbeeldingen is ingericht om achter elkaar te worden vertoond in een lus in hetzij een voorwaartse richting of een achterwaartse richting, waarbij de werkwijze omvat:het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van een eerste afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;in het reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: het, in overeenstemming met een vaststelling dat er minder afbeeldingen tussen de eerste afbeelding en de representatieve afbeelding zijn wanneer de lus wordt doorlopen in de voorwaartse richting, achter elkaar tonen van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding in de voorwaartse richting;en in overeenstemming met een vaststelling dat er minder afbeeldingen tussen de eerste afbeelding en de representatieve afbeelding zijn wanneer de lus wordt doorlopen in de achterwaartse richting, achter elkaar tonen van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding in de omgekeerde richting. 223
  75. 75
    76. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 75, waarbij de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding achter elkaar worden vertoond in overeenstemming met respectievelijke intensiteitniveaus van de eerste invoer.
  76. 76
    77. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 76, waarbij het eerste gedeelte van de eerste invoer een verandering in intensiteit van een op het aanraakgevoelige oppervlak waargenomen contact omvat; en de werkwijze omvat:het, terwijl de representatieve afbeelding wordt vertoond en het contact een eerste intensiteit heeft, detecteren van een toename van intensiteit van het contact met een betreffende hoeveelheid tot een tweede intensiteit;in reactie op het detecteren van de toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid, vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door vertoning van een eerste opvolgende afbeelding die een respectievelijk aantal afbeeldingen na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen ligt;terwijl de eerste opvolgende afbeelding wordt getoond en het contact de tweede intensiteit heeft, detecteren van een toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid tot een derde intensiteit;en in reactie op het detecteren van de toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid vanaf de tweede intensiteit naar de derde intensiteit, vervangen van vertoning van de eerste opvolgende afbeelding door vertoning van een tweede opvolgende afbeelding die het betreffende aantal afbeeldingen na de eerste opvolgende afbeelding in de reeks afbeeldingen ligt. 224
  77. 77
    78. Werkwijze volgens een van de conclusies 64 tot en met 76, waarbij het eerste gedeelte van de eerste invoer een verandering omvat in intensiteit van een contact dat is gedetecteerd op het aanraakgevoelige oppervlak; en de werkwijze omvat:terwijl de representatieve afbeelding wordt vertoond en het contact een eerste intensiteit heeft, detecteren van een toename in intensiteit van het contact met een betreffende hoeveelheid naar een tweede intensiteit;in reactie op het detecteren van de toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid, vervangen van vertoning van de betreffende afbeelding door vertoning van een eerste opvolgende afbeelding die een betreffend aantal afbeeldingen na de representatieve afbeelding ligt in de reeks afbeeldingen;en terwijl de eerste opvolgende afbeelding wordt vertoond en het contact de tweede intensiteit heeft, detecteren van een verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid;en in reactie op het detecteren van de verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid: in overeenstemming met een vaststelling dat de verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid een toename omvat in intensiteit van het contact vanaf de tweede intensiteit naar een derde intensiteit, vervangen van vertoning van de eerste opvolgende afbeelding door vertoning van een tweede opvolgende afbeelding die het betreffende aantal afbeeldingen na de eerste opvolgende afbeelding in de reeks afbeeldingen ligt;en in overeenstemming met een vaststelling dat de verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid een afname omvat in intensiteit van het contact 225 vanaf de tweede intensiteit naar de eerste intensiteit, vervangen van vertoning van de eerste opvolgende afbeelding door vertoning van de representatieve afbeelding.
  78. 78
    79. Werkwijze volgens een van de conclusies 77 tot en met 78, waarbij het betreffende aantal afbeeldingen is gebaseerd op de grootte van de betreffende verandering in intensiteit van het contact.
  79. 79
    80. Werkwijze volgens een van de conclusies 77 tot en met 79, waarbij:wanneer de betreffende verandering in intensiteit van het contact een eerste grootte heeft, de eerste opvolgende afbeelding direct na de betreffende afbeelding in de reeks afbeeldingen ligt en de tweede opvolgende afbeelding direct na de eerste opvolgende afbeelding in de reeks afbeeldingen ligt;en wanneer de betreffende verandering in intensiteit van het contact een tweede grootte heeft die groter is dan de eerste grootte, de eerste opvolgende afbeelding op afstand van de betreffende afbeelding ligt met een betreffend aantal afbeeldingen in de reeks afbeeldingen en de tweede opvolgende afbeelding op afstand van de eerste opvolgende afbeelding ligt met een betreffend aantal afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, waarbij het betreffende aantal afbeeldingen een of meer afbeeldingen is.
  80. 80
    81. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en 226 een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks door een camera genomen afbeeldingen;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van een representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een eerste gedeelte van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door vertoning, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, achter elkaar tonen van de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen 227 verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  81. 81
    82. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting:een representatieve afbeelding op het beeldscherm toont, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks door een camera genomen afbeeldingen;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, een eerste gedeelte van een eerste invoer detecteert;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, vertoning vervangt van de representatieve afbeelding door vertoning, achter elkaar, van de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, een tweede gedeelte van de eerste invoer detecteert;en in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, achter elkaar de een of meer afbeeldingen toont die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het 228 verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  82. 82
    83. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: een representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks door een camera genomen afbeeldingen;een reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en een reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste gedeelte van een eerste invoer;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, voor het vervangen van vertoning van de betreffende afbeelding door vertoning, achter elkaar, van de een of meer door de camera verworven afbeeldingen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd na het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, voor het detecteren van een tweede gedeelte van de eerste invoer;en 229 middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, voor het achter elkaar tonen van de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  83. 83
    84. Intormatieverwerkingsapparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen genomen door de camera;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste gedeelte van een eerste invoer;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, voor het vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door vertoning, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;230 middelen, geactiveerd na het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, voor het detecteren van een tweede gedeelte van de eerste invoer;en middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, voor het achter elkaar tonen van de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  84. 84
    85. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 64 tot en met 80.
  85. 85
    86. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijzen volgens conclusies 64 tot en met 80 uitvoert. 231
  86. 86
    87. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, een geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer in het geheugen opgeslagen programma's, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden vertoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 64 tot en met 8 0.
  87. 87
    88. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 64 tot en met 80.
  88. 88
    89. Intormatieverwerkingsapparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens de conclusies 64 tot en met 80.
  89. 89
    90. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een aanraakgevoelig oppervlakte-eenheid ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;en een verwerkingseenheid gekoppeld aan de beeldschermeenheid en de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: tonen van een representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, waarbij: 232 de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen die zijn gemaakt door een camera;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, vervangen van vertoning van de betreffende afbeelding door vertoning, op de beeldschermeenheid, achter elkaar, van de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, op de beeldschermeenheid tonen, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  90. 90
    91. Elektronische inrichting volgens conclusie 90, waarbij de eerste invoer een druk-en-houdgebaar is. 233
  91. 91
    92. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 91, waarbij de inrichting een of meer sensoren omvat die zijn gekoppeld aan de verwerkingseenheid voor het detecteren van intensiteit van aanrakingen op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid, en de eerste invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerste contactintensiteit criteria .
  92. 92
    93. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 92, waarbij de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding worden vertoond, op de beeldschermeenheid, in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, achter elkaar, met een snelheid die is gebaseerd op een intensiteit van een contact in het eerste gedeelte van de invoer.
  93. 93
    94. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 92, waarbij de reeks afbeeldingen op de beeldschermeenheid wordt vertoond, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, met een vaste snelheid achter elkaar.
  94. 94
    95. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 94, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:kruis-faden van het tonen, op de beeldschermeenheid, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding na het tonen, op de beeldschermeenheid, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen die 234 zijn verkregen door de camera voor het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  95. 95
    96. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 95, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, presenteren van geluid dat overeenstemt met de reeks afbeeldingen.
  96. 96
    97. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 96, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:na het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, detecteren van een derde gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het derde gedeelte van de eerste invoer, op de beeldschermeenheid tonen, achter elkaar, van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  97. 97
    98. Elektronische inrichting conclusie 97, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van het derde gedeelte van de eerste invoer, op de beeldschermeenheid tonen van metagegevens die overeenstemmen met de reeks afbeeldingen. 235
  98. 98
    99. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 98, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer, op de beeldschermeenheid tonen van de representatieve afbeelding.
  99. 99
    100. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 98, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen, op de beeldschermeenheid, van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen, op de beeldschermeenheid, van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt voorafgaand aan de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, op de beeldschermeenheid, in chronologische volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, op de beeldschermeenheid, in omgekeerd chronologische volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding.
  100. 100
    101. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 98, waarbij de reeks afbeeldingen is ingericht 236 om achter elkaar te worden vertoond op de beeldschermeenheid in een lus in hetzij een voorwaartse richting of een achterwaartse richting, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen, op de beeldschermeenheid, van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen, op de beeldschermeenheid, van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: in overeenstemming met een vaststelling dat er minder afbeeldingen tussen de eerste afbeelding en de representatieve afbeelding zijn wanneer de lus wordt doorlopen in de voorwaartse richting, achter elkaar tonen van afbeeldingen, op de beeldschermeenheid, vanaf de eerste afbeelding naar de representatieve afbeelding in de voorwaartse richting;en in overeenstemming met een vaststelling dat er minder afbeeldingen zijn tussen de eerste afbeelding en de representatieve afbeelding wanneer de lus wordt doorlopen in de achterwaartse richting, achter elkaar tonen van afbeeldingen, op de beeldschermeenheid, vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding in de achterwaartse richting.
  101. 101
    102. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 101, waarbij de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding achter elkaar worden vertoond in overeenstemming met betreffende door de eerste invoer uitgeoefende intensiteitniveaus. 237
  102. 102
    103. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 102, waarbij het eerste gedeelte van de eerste invoer een verandering in intensiteit omvat van een op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid gedetecteerd contact, en de verwerkingseenheid is ingericht voor het:terwijl de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid wordt vertoond en het contact een eerste intensiteit heeft, detecteren van een toename in de intensiteit van het contact met een betreffende hoeveelheid tot een tweede intensiteit;in reactie op het detecteren van de toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid, vervangen van vertoning van de betreffende afbeelding door vertoning, op de beeldschermeenheid, van een eerste opvolgende afbeelding die een betreffend aantal afbeeldingen ligt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen;terwijl de eerste opvolgende afbeelding op de beeldschermeenheid wordt vertoond en het contact de tweede intensiteit heeft, detecteren van een toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid naar een derde intensiteit, en, in reactie op het detecteren van de toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid vanaf de tweede intensiteit naar de derde intensiteit, vervangen van vertoning van de eerste opvolgende afbeelding door vertoning, op de beeldschermeenheid, van een tweede opvolgende afbeelding die het betreffende aantal afbeeldingen na de eerste opvolgende afbeelding in een reeks afbeeldingen ligt.
  103. 103
    104. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 90 tot en met 102, waarbij het eerste gedeelte van de eerste invoer een verandering in intensiteit omvat van een contact 238 dat is gedetecteerd op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid en de verwerkingseenheid is ingericht voor het:terwijl de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid wordt vertoond en het contact een eerste intensiteit heeft, detecteren van een toename in de intensiteit van het contact met een betreffende hoeveelheid naar een tweede intensiteit ;in reactie op het detecteren van de toename in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid, vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door vertoning, op de beeldschermeenheid, van een eerste opvolgende afbeelding die een betreffend aantal afbeeldingen ligt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen;terwijl de eerste opvolgende afbeelding wordt vertoond en het contact de tweede intensiteit heeft, detecteren van een verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid;en, in reactie op het detecteren van de verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid: in overeenstemming met een vaststelling dat de verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid een toename in intensiteit van het contact omvat vanaf de tweede intensiteit naar een derde intensiteit, vervangen van vertoning van de eerste opvolgende afbeelding door vertoning, op de beeldschermeenheid, van een tweede opvolgende afbeelding die een betreffend aantal afbeeldingen ligt na de eerste opvolgende afbeelding in de reeks afbeeldingen;en in overeenstemming met een vaststelling dat de verandering in intensiteit van het contact met de betreffende hoeveelheid een afname omvat in intensiteit van het contact 239 vanaf de tweede intensiteit naar de eerste intensiteit, vervangen van vertoning van de eerste opvolgende afbeelding door vertoning, op de beeldschermeenheid, van de representatieve afbeelding.
  104. 104
    105. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 103 tot en met 104, waarbij het betreffende aantal afbeeldingen is gebaseerd op de grootte van de betreffende verandering in intensiteit van het contact.
  105. 105
    106. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 103 tot en met 105, waarbij:wanneer de betreffende verandering in intensiteit van het contact een eerste grootte heeft, de eerste opvolgende afbeelding direct na de betreffende afbeelding ligt in de reeks afbeeldingen en de tweede opvolgende afbeelding direct na de eerste opvolgende afbeelding ligt in de reeks afbeeldingen;en wanneer de betreffende verandering in intensiteit van het contact een tweede grootte heeft, die groter is dan de eerste grootte, de eerste opvolgende afbeelding op afstand ligt van de betreffende afbeelding met een betreffend aantal afbeeldingen in de reeks afbeeldingen en de tweede opvolgende afbeelding op afstand ligt vanaf de eerste opvolgende afbeelding met het betreffende aantal afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, waarbij het betreffende aantal afbeeldingen een of meer afbeeldingen is.
  106. 106
    107. Werkwijze omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak: 240 tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen genomen door een camera;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;terwijl de representatieve afbeelding op het beeldscherm wordt getoond, detecteren van een eerste gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer: overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van een respectievelijke voorafgaande afbeelding in de reeks afbeeldingen, waarbij de respectievelijke voorafgaande afbeelding werd verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, na het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de respectievelijke voorafgaande afbeelding, achter elkaar tonen, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding. 241
  107. 107
    108. Werkwijze volgens conclusie 107, waarbij het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding, het tonen omvat, achter elkaar, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en vervolgens vervangen van vertoning van de betreffende opvolgende afbeelding die is verkregen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding door de betreffende voorafgaande afbeelding.
  108. 108
    109. Werkwijze volgens conclusie 107, waarbij het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding het vervangen omvat van vertoning van de representatieve afbeelding door de betreffende voorafgaande afbeelding.
  109. 109
    110. Werkwijze volgens conclusie 107, waarbij het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding omvat:het, in overeenstemming met een vaststelling dat het eerste gedeelte van de eerste invoer voldoet aan eerste afspeelcriteria, achter elkaar tonen van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en vervolgens vervangen van vertoning van een betreffende opvolgende afbeelding die is verkregen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding door de respectievelijke voorafgaande afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat het eerste gedeelte van de eerste invoer voldoet aan tweede afspeelcriteria, afwijkend van de eerste afspeelcriteria, vervangen van 242 vertoning van de betreffende afbeelding door de betreffende voorafgaande afbeelding.
  110. 110
    111. Werkwijze volgens conclusie 110, waarbij:de inrichting een of meer sensoren omvat voor het detecteren van intensiteit van aanrakingen op het aanraakgevoelige oppervlak;de eerste invoer een contact op het aanraakgevoelige oppervlak omvat;de eerste afspeelcriteria een criterium omvatten waaraan is voldaan wanneer het contact een karakteristieke intensiteit heeft boven een eerste intensiteitdrempelwaarde;en de tweede afspeelcriteria een criterium omvatten waaraan is voldaan wanneer het contact een karakteristieke intensiteit heeft boven een tweede intensiteitdrempelwaarde die groter is dan de eerste intensiteitdrempelwaarde.
  111. 111
    112. Werkwijze volgens een van de conclusies 107 tot en met 111, waarbij de eerste invoer een druk-en-houdgebaar is.
  112. 112
    113. Werkwijze volgens een van de conclusies 107 tot en met 112, waarbij de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding worden vertoond, achter elkaar, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, op een vaste snelheid.
  113. 113
    114. Werkwijze volgens een van de conclusies 107 tot en met 113, omvattend:het presenteren van geluid dat overeenstemt met de reeks afbeeldingen. 243
  114. 114
    115. Werkwijze volgens een van de conclusies 107 tot en met 114, omvattend:het, na het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, tonen, achter elkaar, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  115. 115
    116. Werkwijze volgens conclusie 115, omvattend:het, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, tonen van metagegevens die overeenstemmen met de reeks afbeeldingen.
  116. 116
    117. Werkwijze volgens een van de conclusies 107 tot en met 116, omvattend:het detecteren van beëindiging van de eerste invoer;en het, in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer, tonen van de representatieve afbeelding.
  117. 117
    118. Werkwijze volgens een van de conclusies 107 tot en met 116, omvattend:het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;244 in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding plaatsvindt voorafgaand aan de betreffende afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, op chronologische volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt na betreffende afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, in omgekeerd chronologische volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding.
  118. 118
    119. Werkwijze volgens een van de conclusies 107 tot en met 116, waarbij de reeks afbeeldingen is ingericht om achter elkaar te worden vertoond in een lus in hetzij een voorwaartse richting of een achterwaartse richting, waarbij de werkwijze omvat:het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;in overeenstemming met een vaststelling dat er minder afbeeldingen tussen de eerste afbeelding en de betreffende afbeelding zijn wanneer de lus wordt doorlopen in de voorwaartse richting, achter elkaar tonen van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding naar de representatieve afbeelding in de voorwaartse richting, en 245 in overeenstemming met een vaststelling dat er minder afbeeldingen tussen de eerste afbeelding en de representatieve afbeelding zijn wanneer de lus wordt doorlopen in de achterwaartse richting, achter elkaar tonen van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding in de omgekeerde richting.
  119. 119
    120. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen genomen door de camera;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;terwijl de representatieve afbeelding op het beeldscherm wordt vertoond, detecteren van een eerste gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer: 246 overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van een betreffende voorafgaande afbeelding in de reeks afbeeldingen, waarbij de betreffende voorafgaande afbeelding werd verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, na het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding, tonen, achter elkaar, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, ten minste van enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  120. 120
    121. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting:een representatieve afbeelding op het beeldscherm toont, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen genomen door een camera;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;247 terwijl de representatieve afbeelding op het beeldscherm wordt vertoond, detecteren van een eerste gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer: overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van een betreffende voorafgaande afbeelding in de reeks afbeeldingen, waarbij de betreffende voorafgaande afbeelding werd verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, na het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding, tonen, achter elkaar, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  121. 121
    122. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks door een camera genomen afbeeldingen;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en 248 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste gedeelte van een eerste invoer;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, voor het: overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding in de reeks afbeeldingen, waarbij de betreffende voorafgaande afbeelding werd verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, na het overgaan van het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding, achter elkaar tonen, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  122. 122
    123. Informatieverwerkingsapparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks door een camera genomen afbeeldingen;249 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste gedeelte van een eerste invoer;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, voor: overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding in de reeks afbeeldingen, waarbij de betreffende voorafgaande afbeelding werd verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, na het overgaan van het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding, achter elkaar tonen, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  123. 123
    124. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en 250 een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 107 tot en met 119.
  124. 124
    125. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijzen uitvoert volgens conclusies 107 tot en met 119.
  125. 125
    126. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, een geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer in het geheugen opgeslagen programma's, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden vertoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 107 tot en met 119.
  126. 126
    127. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 107 tot en met 119. 251
  127. 127
    128. Informatieverwerkingsapparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens de conclusies 107 tot en met 119.
  128. 128
    129. Elektronische inrichting, omvattend:een beeldschermeenheid ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;en een verwerkingseenheid gekoppeld met de beeldschermeenheid en de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: activeren van vertoning van een representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een door een camera genomen reeks afbeeldingen;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het activeren van vertoning van de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een eerste gedeelte van een eerste invoer;en, in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer: overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding in de reeks afbeeldingen, waarbij de 252 betreffende voorafgaande afbeelding werd verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, na het overgaan van het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding, achter elkaar tonen, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  129. 129
    130. Elektronische inrichting volgens conclusie 129, waarbij het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de respectievelijke voorafgaande afbeelding het activeren omvat van vertoning, achter elkaar, van ten minste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en vervolgens activeren van het vervangen van tonen van een betreffende opvolgende afbeelding verkregen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding door de betreffende voorafgaande afbeelding.
  130. 130
    131. Elektronische inrichting volgens conclusie 129, waarbij het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de respectievelijke voorafgaande afbeelding het activeren omvat van het vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door de respectievelijke voorafgaande afbeelding. 253
  131. 131
    132. Elektronische inrichting volgens conclusie 129, waarbij het overgaan vanaf het tonen van de representatieve afbeelding naar het tonen van de betreffende voorafgaande afbeelding omvat:het, in overeenstemming met een vaststelling dat het eerste gedeelte van de eerste invoer voldoet aan de eerste afspeelcriteria, activeren van vertoning van, achter elkaar, ten minste enkele van de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en vervolgens activeren van het vervangen van vertoning van een betreffende opvolgende afbeelding die is verkregen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding door de betreffende voorafgaande afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat het eerste gedeelte van de eerste invoer voldoet aan de tweede afspeelcriteria, afwijkend van de eerste afspeelcriteria, activeren van het vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door de betreffende voorafgaande afbeelding.
  132. 132
    133. Elektronische inrichting volgens conclusie 132, waarbij:de inrichting een of meer sensoren omvat voor het detecteren van intensiteit van contacten op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid;de eerste invoer een contact omvat op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid;de eerste afspeelcriteria een criterium omvatten waaraan is voldaan wanneer het contact een karakteristieke intensiteit heeft boven een eerste intensiteitdrempelwaarde;en de tweede afspeelcriteria een criterium omvatten waaraan is voldaan wanneer het contact een karakteristieke intensiteit heeft boven een tweede intensiteitdrempelwaarde die groter is dan de eerste intensiteitdrempelwaarde. 254
  133. 133
    134. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 129 tot en met 133, waarbij de eerste invoer een druk-enhoudgebaar is.
  134. 134
    135. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 129 tot en met 134, waarbij de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen na het verkrijgen van de representatieve afbeelding worden vertoond, achter elkaar, beginnend met de betreffende voorafgaande afbeelding, op een vaste snelheid.
  135. 135
    136. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 129 tot en met 135, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:presenteren van geluid dat overeenstemt met een reeks afbeeldingen.
  136. 136
    137. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 129 tot en met 136, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:na detecteren van het eerste gedeelte van de eerste invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, activeren van vertoning van, achter elkaar, ten minste enkele van de een of meer door de camera verkregen afbeeldingen voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en ten minste van de een of meer 255 afbeeldingen verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  137. 137
    138. Elektronische inrichting volgens conclusie 137, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de eerste invoer, activeren van vertoning van metagegevens die overeenstemmen met de reeks afbeeldingen.
  138. 138
    139. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 129 tot en met 138, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer, activeren van vertoning van de representatieve afbeelding.
  139. 139
    140. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 129 tot en met 138, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het activeren van vertoning van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het activeren van vertoning, van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt voorafgaand aan de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, activeren van achter elkaar tonen van, in chronologische volgorde, afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding;en 256 in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, activeren van vertoning achter elkaar van afbeeldingen in omgekeerd chronologische volgorde, vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding.
  140. 140
    141. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 129 tot en met 138, waarbij de reeks afbeeldingen is ingericht om achter elkaar te worden vertoond in een lus in hetzij een voorwaartse richting of een achterwaartse richting, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het activeren van vertoning van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het activeren van vertoning van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt voorafgaand aan de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, activeren van achter elkaar tonen van, in chronologische volgorde, afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, activeren van vertoning achter elkaar van afbeeldingen in omgekeerd chronologische volgorde, vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding.
  141. 141
    142. Werkwijze, omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak en een of meer sensoren 257 voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelig oppervlak: tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm;waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen genomen door de camera;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;terwijl de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid wordt vertoond, detecteren van een eerste invoer die het detecteren omvat van een toename in een karakteristieke intensiteit van een contact op het aanraakgevoelige oppervlak naar een eerste intensiteit die groter is dan de eerste intensiteitdrempelwaarde;in reactie op het detecteren van de toename in de karakteristieke intensiteit van het contact, in een eerste richting voortgaan door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die wordt bepaald ten minste gedeeltelijk op basis van de eerste intensiteit;en na het voortgaan door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met de snelheid die is vastgesteld op basis van de eerste intensiteit, detecteren van een afname in intensiteit van het contact na een tweede intensiteit die kleiner is dan de eerste intensiteit;en, in reactie op het detecteren van de afname in de karakteristieke intensiteit van het contact naar de tweede intensiteit: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit boven de eerste intensiteitdrempelwaarde 258 ligt, doorgaan met het voortgaan, in de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een tweede snelheid, waarbij: de tweede snelheid ten minste gedeeltelijk wordt vastgesteld op basis van de tweede intensiteit;en de tweede snelheid kleiner is dan de eerste snelheid;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit onder de eerste intensiteitdrempelwaarde ligt, in een tweede richting bewegen die tegenovergesteld aan de eerste richting is, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die ten minste gedeeltelijk wordt bepaald op basis van de tweede intensiteit .
  142. 142
    143. Werkwijze volgens conclusie 142, waarbij de eerste snelheid ten minste gedeeltelijk wordt bepaald op basis van een nabijheid van een momenteel vertoonde afbeelding tot een einde van de reeks afbeelding.
  143. 143
    144. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 143, waarbij de tweede snelheid gedeeltelijk wordt bepaald op basis van een nabijheid van een momenteel vertoonde afbeelding tot een aanvang van de reeks afbeeldingen.
  144. 144
    145. Werkwijze volgens een van conclusies 142 tot en met 144, waarbij de snelheid van voortschrijden door de reeks afbeeldingen wordt begrensd door een maximumsnelheid terwijl het contact op het aanraakgevoelige oppervlak wordt gedetecteerd. 259
  145. 145
    146. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 145, waarbij intensiteit de waarden van de karakteristieke intensiteit van het contact nabij de eerste intensiteit drempelwaarde verband houden met snelheidwaarden die tenminste een vooraf bepaalde hoeveelheid verwijderd zijn van een snelheid van nul afbeeldingen per seconde.
  146. 146
    147. Werkwijze volgens een van conclusies 142 tot en met 146, waarbij de snelheid van beweging door de reeks afbeeldingen wordt begrensd door een maximale achterwaartse snelheid terwijl het contact wordt gedetecteerd op het aanraakgevoelige oppervlak.
  147. 147
    148. Werkwijze volgens conclusie om het 47, omvattend:het detecteren van lancering van het contact vanaf het aanraakgevoelige oppervlak;en in reactie op het detecteren van lancering van het contact, door de afbeeldingen bewegen in de tweede richting met een snelheid die groter is dan de maximale achterwaartse snelheid.
  148. 148
    149. Werkwijze volgens een van conclusies 142 tot en met 148, waarbij achter elkaar afbeeldingen worden vertoond met een snelheid die toeneemt naarmate de karakteristieke intensiteit van het contact toeneemt.
  149. 149
    150. Werkwijze volgens een van conclusies 142 tot en met 148, waarbij de afbeeldingen achter elkaar worden vertoond, met een snelheid proportioneel tot een verschil tussen de karakteristieke intensiteit van het contact en de eerste intensiteitdrempelwaarde. 260
  150. 150
    151. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 150, omvattend:het verkleinen van een snelheid waarmee afbeeldingen in de reeks afbeeldingen worden vertoond wanneer een eindpunt van de reeks afbeeldingen wordt genaderd.
  151. 151
    152. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 151, waarbij de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  152. 152
    153. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 152, waarbij de representatieve afbeelding wordt vertoond als een achtergrondafbeelding op een vergrendelscherm van een inrichting, en een of meer voorgrondelementen niet worden veranderd terwijl de inrichting voortschrijdt door de een of meer afbeeldingen die zijn opgenomen na de betreffende afbeelding .
  153. 153
    154. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 153, waarbij de eerste invoer een druk-en-houd gebaar is.
  154. 154
    155. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 154, omvattende het tonen van metadata die overeenstemt met de reeks afbeeldingen.
  155. 155
    156. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 155, omvattende:het detecteren van beëindiging van de eerste invoer;en het, in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer, tonen van de representatieve afbeelding. 261
  156. 156
    157. Werkwijze volgens een van de conclusies 142 tot en met 155, omvattende:het detecteren van beëindiging van een eerste invoer tijdens het tonen van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen;in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer tijdens het tonen van de eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen: het, in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt voorafgaand aan de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, in chronologisch volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding, en het, in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, achter elkaar tonen, in omgekeerd chronologisch volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding.
  157. 157
    158. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten met het aanraakgevoelige oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's zijn opgeslagen in het geheugen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: 262 tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die zijn genomen door een camera;en de reeks afbeeldingen één of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;terwijl de representatieve afbeelding op het beeldscherm wordt vertoond, detecteren van een eerste invoer die het detecteren omvat van een toename van een karakteristieke intensiteit van een contact op het aanraakgevoelige oppervlak naar een eerste intensiteit die groter is dan een eerste intens it ei tdrempelwaarde ;in reactie op het detecteren van de toename van de karakteristieke intensiteit van het contact, voortschrijden, in een eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk op basis van de eerste intensiteit is bepaald;en na het voortschrijden door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met de snelheid die is bepaald op basis van de eerste intensiteit, detecteren van een afname van de intensiteit van het contact naar een tweede intensiteit die kleiner is dan de eerste intensiteit;en, in reactie op het detecteren van de afname van de karakteristieke intensiteit van het contact naar de tweede intensiteit: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit boven de eerste intensiteit-drempelwaarde ligt, doorgaan met het voortschrijden, in de eerste richting, 263 door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een tweede snelheid, waarbij: de tweede snelheid tenminste gedeeltelijk wordt bepaald op basis van de tweede intensiteit en de tweede snelheid langzamer is dan de eerste snelheid;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit onder de eerste intensiteit drempelwaarde ligt, in een tweede richting die tegengesteld is aan de eerste richting bewegen, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk op basis van de tweede intensiteit is bepaald.
  158. 158
    159. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, en een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelige oppervlak, veroorzaken dat de inrichting :een representatieve afbeelding toont op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die zijn genomen door een camera;en de reeks afbeeldingen één of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;264 terwijl de representatieve afbeelding op het beeldscherm wordt vertoond, een eerste invoer detecteert die het detecteren omvat van een toename van een karakteristieke intensiteit van een contact op het aanraakgevoelige oppervlak naar een eerste intensiteit die groter is dan een eerste intensiteitdrempelwaarde;in reactie op het detecteren van de toename van de karakteristieke intensiteit van het contact, voortschrijdt, in een eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk op basis van de eerste intensiteit is bepaald;en na het voortschrijden door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met de snelheid die is bepaald op basis van de eerste intensiteit, een afname detecteert van de intensiteit van het contact naar een tweede intensiteit die kleiner is dan de eerste intensiteit;en, in reactie op het detecteren van de afname van de karakteristieke intensiteit van het contact naar de tweede intensiteit: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit boven de eerste intensiteit-drempelwaarde ligt, doorgaat met het voortschrijden, in de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een tweede snelheid, waarbij: de tweede snelheid tenminste gedeeltelijk wordt bepaald op basis van de tweede intensiteit en de tweede snelheid langzamer is dan de eerste snelheid;en 265 in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit onder de eerste intensiteit-drempelwaarde ligt, in een tweede richting die tegengesteld is aan de eerste richting bewegen, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk op basis van de tweede intensiteit is bepaald.
  159. 159
    160. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelige oppervlak;en middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die zijn gemaakt door een camera;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste invoer die het detecteren omvat van een toename van een karakteristieke intensiteit van een contact op het aanraakgevoelige oppervlak naar een eerste intensiteit die groter is dan een eerste intensiteit drempelwaarde;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de toename van de karakteristieke intensiteit van het contact, voor het voortschrijden, in een eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een 266 snelheid die tenminste gedeeltelijk is bepaald op basis van de eerste intensiteit;en middelen, geactiveerd na het voortschrijden door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die is bepaald op basis van de eerste intensiteit, voor het detecteren van een toename van de intensiteit van het contact naar een tweede intensiteit die kleiner is dan de eerste intensiteit;en middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de afname van de karakteristieke intensiteit van het contact naar de tweede intensiteit, voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit boven de eerste intensiteit drempelwaarde ligt, doorgaan met voortschrijden, in de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een tweede snelheid, waarbij: de tweede snelheid tenminste gedeeltelijk is bepaald op basis van de tweede intensiteit, en de tweede snelheid langzamer is dan de eerste snelheid;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit onder de eerste intensiteit drempelwaarde ligt, bewegen, in een tweede richting die tegengesteld is aan de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk op basis van de tweede intensiteit is bepaald.
  160. 160
    161. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig 267 oppervlak, en een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelige oppervlak, omvattende:middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste invoer die het detecteren omvat van een toename van een karakteristieke intensiteit van een contact op het aanraakgevoelige oppervlak naar een eerste intensiteit die groter is dan een eerste intensiteit drempelwaarde, middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de toename van de karakteristieke intensiteit van het contact, voor het voortschrijden, in een eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk is bepaald op basis van de eerste intensiteit;en middelen, geactiveerd na het voortschrijden door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die is bepaald op basis van de eerste intensiteit, voor het detecteren van een toename van de intensiteit van het contact naar een tweede intensiteit die kleiner is dan de eerste intensiteit;en, 268 middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de afname van de karakteristieke intensiteit van het contact naar de tweede intensiteit, voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit boven de eerste intensiteit de drempelwaarde ligt, doorgaan met voortschrijden, in de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een tweede snelheid, waarbij: de tweede snelheid tenminste gedeeltelijk op basis van de tweede intensiteit is bepaald en de tweede snelheid langzamer is dan de eerste snelheid, en, in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit onder de eerste intensiteit drempelwaarde ligt, bewegen, in een tweede richting die tegengesteld is aan de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk is bepaald op basis van de tweede intensiteit.
  161. 161
    162. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelige oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor 269 het uitvoeren van een van de werkwijze volgens conclusies 142 tot en met 157.
  162. 162
    163. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, en een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijze volgens conclusies 142 tot en met 157 uitvoert.
  163. 163
    164. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelig oppervlak, een geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer in het geheugen opgeslagen programma's, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden vertoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 142 tot en met 157.
  164. 164
    165. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelige oppervlak;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 142 tot en met 157. 270
  165. 165
    166. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm, en aanraakgevoelig oppervlak, en een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelige oppervlak, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 142 tot en met 157.
  166. 166
    167. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;een of meer sensoreenheden ingericht voor het detecteren van intensiteit van contacten op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid;en een verwerkingseenheid gekoppeld aan de beeldscherm en het, de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid, en de een of meer sensoreneenheden, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: activeren van een vertoning van een representatieve afbeelding op het beeldscherm eenheid, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;terwijl het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm eenheid wordt geactiveerd, detecteren van een eerste invoer die het detecteren omvat van een toename in een 271 karakteristieke intensiteit van een contact op de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid naar een eerste intensiteit die groter is dan een eerste intensiteitdrempelwaarde;in reactie op het detecteren van de toename van de karakteristieke intensiteit van het contact, voortschrijden, in een eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk is bepaald op basis van de eerste intensiteit;en na het voortschrijden door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die is bepaald op basis van de eerste intensiteit, detecteren van een afname van de intensiteit van het contact naar een tweede intensiteit die kleiner is dan de eerste intensiteit;en, in reactie op het detecteren van de afname van de karakteristieke intensiteit van het contact naar de tweede intensiteit: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede intensiteit boven de eerste intensiteit drempelwaarde ligt, doorgaan met voortschrijden, in de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een tweede snelheid, waarbij: de tweede snelheid tenminste gedeeltelijk is bepaald op basis van de tweede intensiteit en in overeenstemming met een vaststelling dat het tweede intensiteit onder de eerste intensiteit drempelwaarde ligt, bewegen, in een tweede richting die tegengesteld is aan de eerste richting, door de een of meer afbeeldingen die zijn 272 verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding met een snelheid die tenminste gedeeltelijk wordt bepaald op basis van de tweede intensiteit.
  167. 167
    168. Elektronische inrichting volgens conclusie 167, waarbij de eerste snelheid tenminste gedeeltelijk wordt bepaald op basis van een nabijheid van een momenteel vertoonde afbeelding tot een einde van de reeks afbeeldingen.
  168. 168
    169. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 168, waarbij de tweede snelheid tenminste gedeeltelijk wordt bepaald op basis van een nabijheid van een momenteel vertoonde afbeelding tot een begin van de reeks afbeeldingen .
  169. 169
    170. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 169, waarbij de snelheid van voortschrijden door de reeks afbeeldingen wordt begrensd door een maximale snelheid terwijl het contract wordt gedetecteerd op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid.
  170. 170
    171. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 170, waarbij intensiteit de waarden van de karakteristieke intensiteit van het contact nabij de eerste intensiteit drempelwaarde geassocieerd zijn met snelheidwaarden die tenminste een vooraf bepaalde hoeveelheid verwijderd zijn van een snelheid van nul afbeeldingen per seconde.
  171. 171
    172. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 171, waarbij de snelheid van beweging door de 273 reeks afbeeldingen wordt begrensd door een maximale omgekeerde snelheid terwijl het contact wordt gedetecteerd op de aanraakgevoelige oppervlakte-eenheid.
  172. 172
    173. Elektronische inrichting volgens conclusie 172, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van lancering van het contact vanaf de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid;en in reactie op het detecteren van lancering van het contact, door de afbeeldingen bewegen in de tweede richting met een snelheid die groter is dan de maximale omgekeerde snelheid .
  173. 173
    174. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 173, waarbij afbeeldingen worden vertoond, achter elkaar, met een snelheid die toeneemt naarmate de karakteristieke intensiteit van het contact toeneemt.
  174. 174
    175. Elektronische inrichting volgens een van conclusies 167 tot en met 173, waarbij de afbeeldingen worden vertoond, achter elkaar, met een snelheid die proportioneel is aan een verschil tussen de karakteristieke intensiteit van het contact en de eerste intensiteitdrempelwaarde.
  175. 175
    176. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 175, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:verlagen van een snelheid waarmee afbeeldingen in de reeks afbeeldingen worden vertoond wanneer een eindpunt van de reeks afbeeldingen nadert. 274
  176. 176
    177. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 176, waarbij de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  177. 177
    178. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 177, waarbij de representatieve afbeelding wordt vertoond als een achtergrondafbeelding op een vergrendelscherm van een inrichting, en een of meer voorgrondelementen niet worden veranderd terwijl de inrichting voortschrijdt door de een of meer afbeeldingen die zijn opgenomen na de betreffende representatieve afbeelding.
  178. 178
    179. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 178, waarbij de eerste invoer een druk-en-houd gebaar is.
  179. 179
    180. Elektronische inrichting volgens een van conclusies 167 tot en met 179, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het activeren van een vertoning van metagegevens die overeenstemmen met de reeks afbeeldingen.
  180. 180
    181. Elektronische inrichting volgens een van conclusies 167 tot en met 180, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer;en in reactie op het detecteren van beëindiging van de eerste invoer, activeren van vertoning van de representatieve afbeelding. 275
  181. 181
    182. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 167 tot en met 181, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van de eerste invoer terwijl vertoning van een eerste afbeelding in de reeks afbeeldingen wordt geactiveerd;in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt voorafgaand aan de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, activeren van het achter elkaar vertonen, in chronologisch volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding, en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding voorkomt na de representatieve afbeelding in de reeks afbeeldingen, activeren van het achter elkaar vertonen, in omgekeerd chronologisch volgorde, van afbeeldingen vanaf de eerste afbeelding tot de representatieve afbeelding.
  182. 182
    183. Werkwijze, omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak: opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij de betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;276 tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;detecteren van een sleepgebaar op het aanraakgevoelige oppervlak;in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een eerste richting op het aanraakgevoelige oppervlak is : in het verplaatsbare eerste gebied, vervangen van een vertoning van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen door een vertoning, in chronologisch volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen voor de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen;en verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting.
  183. 183
    184. Werkwijze volgens conclusie 183, waarbij het verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het eerste gebied van het beeldscherm af in de eerste richting.
  184. 184
    185. Werkwijze volgens een van conclusies 183 tot en met 184, omvattende:in overeenstemming met de vaststelling dat het sleepgebaar in de eerste richting op het aanraakgevoelige oppervlak is : verplaatsen van een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting;en 277 tijdens het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, tonen, in chronologische volgorde in het tweede gebied, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen voor een tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen.
  185. 185
    186. Werkwijze volgens conclusie 185, waarbij het verplaatsen van een tweede gebied in de eerste richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het tweede gebied op het beeldscherm in de eerste richting.
  186. 186
    187. Werkwijze volgens een van de conclusies 185 tot en met 186, omvattende:het, in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in de eerste richting op het aanraakgevoelige oppervlak is : na het plaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, tonen van de representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  187. 187
    188. Werkwijze volgens conclusie om het 87, omvattend:het, terwijl de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied wordt vertoond, detecteren van een verandering van de intensiteit van een invoer die overeenstemt met de tweede representatieve afbeelding;en het, in reactie op het detecteren van de verandering van de intensiteit van de invoer, voortschrijden door de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied zonder het tweede gebied op het beeldscherm te verplaatsen. 278
  188. 188
    189. Werkwijze volgens een van de conclusies 185 tot en met 188, omvattende:het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied;en in reactie op het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar voldoet aan volgende-reeks-navigatie-criteria: volledig van het beeldscherm af verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting;volledig naar het beeldscherm verplaatsen van het tweede gebied;tonen van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  189. 189
    190. Werkwijze volgens conclusie 189, omvattende:het, in reactie op het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en de tweede gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar niet voldoet aan de volgende-reeks-navigatie-criteria : verplaatsen van een tweede gebied volledig van het beeldscherm af in een tweede richting, tegenovergesteld aan de eerste richting;volledig naar het beeldscherm verplaatsen van het eerste gebied;en tonen van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen in het eerste gebied. 279
  190. 190
    191. Werkwijze volgens een van de conclusies 183 tot en met 190, omvattende:het, in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een tweede richting is op het aanraakgevoelige oppervlak: in het verplaatsbare eerste gebied, vervangen van vertoning van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen door een vertoning, in omgekeerd chronologisch volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen voor de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen;en verplaatsen van het eerste gebied in de tweede richting.
  191. 191
    192. Werkwijze volgens conclusie 191, waarbij het verplaatsen van het eerste gebied in de tweede richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het eerste gebied van het beeldscherm af in de tweede richting.
  192. 192
    193. Werkwijze volgens een van de conclusies 191 tot en met 192, omvattende het:in overeenstemming met de vaststelling dat het sleepgebaar in de tweede richting op het aanraakgevoelige oppervlak ligt: verplaatsen van een derde gebied in de tweede richting;en tijdens het verplaatsen van het derde gebied in de tweede richting, in omgekeerd chronologisch volgorde in het derde gebied tonen van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen voor een derde reeks afbeeldingen die zijn 280 verkregen door de camera na het verkrijgen van een derde representatieve afbeelding voor de derde reeks afbeeldingen.
  193. 193
    194. Werkwijze volgens conclusie 193, waarbij het verplaatsen van het derde gebied in de tweede richting het naar het beeldscherm verplaatsen omvat van tenminste een deel van het derde gebied in de tweede richting.
  194. 194
    195. Werkwijze volgens een van de conclusies 193 en 194, omvattende :het, in overeenstemming met de vaststelling dat het sleepgebaar in de tweede richting op het aanraakgevoelige oppervlak ligt: na het verplaatsen van het derde gebied in de tweede richting, tonen van de derde representatieve afbeelding voor de derde reeks afbeeldingen in het derde gebied.
  195. 195
    196. Werkwijze volgens een van de conclusies 193 tot en met 195, omvattende:het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het derde gebied;en in reactie op het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het derde gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar doet aan voorgaande-reeks-navigatie-criteria: verplaatsen van het eerste gebied volledig van het beeldscherm af in de tweede richting;verplaatsen van het derde gebied volledig naar het beeldscherm;en 281 tonen van de derde representatieve afbeelding voor de derde reeks afbeeldingen in het derde gebied;in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar niet voldoet aan de voorgaande-reeks-navigatie-criteria: verplaatsen van het derde gebied volledig van het beeldscherm af in de eerste richting;verplaatsen van het eerste gebied volledig naar het beeldscherm;en tonen van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen in het eerste gebied.
  196. 196
    197. Werkwijze volgens een van conclusies 193 tot en met 196, waarbij de eerste reeks afbeeldingen werd verkregen door de camera voorafgaand aan de tweede reeks afbeeldingen en de eerste reeks afbeeldingen werd verkregen door de camera na de derde reeks afbeeldingen.
  197. 197
    198. Werkwijze volgens een van conclusies 183 tot en met 197, waarbij de eerste reeks afbeeldingen een bericht is in een berichtconversatie vertoond in een scrollbaar gebied van een berichtgevingstoepassing, en de eerste reeeks afbeeldingen wordt vertoond wanneer het scrollbare gebied van de berichtgevingstoepassing wordt gescrolld.
  198. 198
    199. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, 282 waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;detecteren van een sleepgebaar op het aanraakgevoelige oppervlak;in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een eerste richting op het aanraakgevoelige oppervlak is: in het verplaatsbare eerste gebied, vervangen van vertoning van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen door vertoning, in chronologische volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen van de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen;en verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting. 283
  199. 199
    200. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting:een veelheid reeksen afbeeldingen opslaat, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de respectievelijke representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;een eerste representatieve afbeelding toont voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;een sleepgebaar detecteert op het aanraakgevoelige oppervlak ;in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een eerste richting op het aanraakgevoelige oppervlak ligt: in het verplaatsbare eerste gebied, vertoning van de eerste representatieve afbeelding van de eerste reeks afbeeldingen vervangt door vertoning, in chronologisch volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen van de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding van de eerste reeks afbeeldingen;en het eerste gebied verplaatst in de eerste richting. 284
  200. 200
    201. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de respectievelijke representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de respectievelijke representatieve afbeelding;middelen voor het tonen van een eerste representatieve afbeelding in een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;middelen voor het detecteren van een sleepgebaar op het aanraakgevoelige oppervlak;middelen, geactiveerd in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een eerste richting is op het aanraakgevoelige oppervlak voor het: in het verplaatsbare eerste gebied, vervangen van vertoning van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen door vertoning, in gewone logische volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen;en verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting. 285
  201. 201
    202. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;middelen voor het tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;middelen voor het detecteren van een sleepgebaar op het aanraakgevoelige oppervlak;middelen, geactiveerd in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een eerste richting is op het aanraakgevoelige oppervlak voor het: in het verplaatsbare eerste gebied, vervangen van vertoning van de eerste representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen door vertoning, in chronologisch volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door camera na het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen;en het verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting.
  202. 202
    203. Elektronische inrichting, omvattende:286 een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 183 tot en met 198.
  203. 203
    204. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer programma's die zijn opgeslagen in het geheugen, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden getoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 183 tot en met 198 .
  204. 204
    205. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 183 tot en met 198.
  205. 205
    206. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid die is ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid die is ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;287 geheugeneenheid die is ingericht voor het opslaan van afbeeldingen;en een verwerkingseenheid die is gekoppeld aan de beeldschermeenheid, de geheugeneenheid, en de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: opslaan, in de geheugeneenheid, van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat : een betreffende representatieve door een camera gemaakte afbeelding, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de respectievelijke representatieve afbeelding;op de beeldschermeenheid tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op de beeldschermeenheid;detecteren van een sleepgebaar op de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid;in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een eerste richting op de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid is: in het verplaatsbare eerste gebied, vervangen van vertoning van de eerste representatieve afbeelding door de eerste reeks afbeeldingen door vertoning, op de beeldschermeenheid, in chronologisch volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen;en verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting op de beeldschermeenheid.
  206. 206
    207. Elektronische inrichting volgens conclusie 206, waarbij het verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het eerste gebied van de beeldschermeenheid af in de eerste richting.
  207. 207
    208. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 206 tot en met 207, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in overeenstemming met de vaststelling dat het sleepgebaar in de eerste richting is op de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid: verplaatsen van een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting op de beeldschermeenheid;en tijdens het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, op de beeldschermeenheid tonen, in chronologisch volgorde in het tweede gebied, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen in een tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen.
  208. 208
    209. Elektronische inrichting volgens conclusie 208, waarbij het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het tweede gebied naar de beeldschermeenheid in de eerste richting. 289
  209. 209
    210. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 208 tot en met 209, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in overeenstemming met de vaststelling dat het sleepgebaar in de eerste richting ligt op de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid: na het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, op de beeldschermeenheid tonen van de tweede representatieve afbeelding in de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  210. 210
    211. Elektronische inrichting volgens conclusie 210, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:terwijl de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied wordt vertoond, detecteren van een verandering van intensiteit van een invoer die overeenstemt met de tweede representatieve afbeelding;en in reactie op het detecteren van de verandering intensiteit van de invoer, voortschrijden door de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied zonder het tweede gebied op de beeldschermeenheid te verplaatsen.
  211. 211
    212. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 208 tot en met 211, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied;en in reactie op het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied: 290 in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar voldoet aan volgende-reeks-navigatie-criteria: volledig van de beeldschermeenheid af verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting;volledig naar de beeldschermeenheid verplaatsen van hey tweede gebied;en op de beeldschermeenheid tonen van de tweede representatieve afbeelding in de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  212. 212
    213. Elektronische inrichting volgens conclusie 212, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar niet voldoet aan de volgende-reeks-navigatie-criteria: volledig van de beeldschermeenheid af verplaatsen van het tweede gebied in een tweede richting, tegengesteld aan de eerste richting;volledig naar de beeldschermeenheid verplaatsen van het eerste gebied;en op de beeldschermeenheid tonen van de eerste representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen in het eerste gebied.
  213. 213
    214. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 206 tot en met 213, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:291 in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in een tweede richting is op de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid: in het verplaatsbare eerste gebied, vervangen van vertoning van de eerste representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen door een vertoning, op de beeldschermeenheid, in omgekeerd chronologisch volgorde, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de eerste representatieve afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen;en verplaatsen van het eerste gebied in de tweede richting op de beeldschermeenheid.
  214. 214
    215. Elektronische inrichting volgens conclusie 214, waarbij het verplaatsen van het eerste gebied in de tweede richting het van de beeldschermeenheid af verplaatsen omvat van tenminste een deel van het eerste gebied in de tweede richting.
  215. 215
    216. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 214 tot en met 215, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in overeenstemming met de vaststelling dat het sleepgebaar in de tweede richting is op de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid: verplaatsen van een derde gebied in de tweede richting op de beeldschermeenheid;en tijdens het verplaatsen van het derde gebied in de tweede richting, tonen, in omgekeerd chronologische volgorde in het derde gebied, van tenminste enkele van een of meer afbeeldingen in een derde reeks afbeeldingen die zijn verkregen 292 door de camera na het verkrijgen van een derde representatieve afbeelding in de derde reeks afbeeldingen.
  216. 216
    217. Elektronische inrichting volgens conclusie 216, waarbij het verplaatsen van het derde gebied in de tweede richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het derde gebied op de beeldschermeenheid in de tweede richting.
  217. 217
    218. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 216 tot en met 217, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar in de tweede richting is op de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid: na het verplaatsen van het derde gebied in de tweede richting, op de beeldschermeenheid tonen van de derde representatieve afbeelding voor de derde reeks afbeeldingen in het derde gebied.
  218. 218
    219. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 216 tot en met 218, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het derde gebied;en in reactie op het detecteren van beëindiging van het sleepgebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en de derde gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar voldoet aan voorgaande-reeks-navigatie-criteria: volledig van de beeldschermeenheid af verplaatsen van het eerste gebied in de tweede richting;293 volledig naar de beeldschermeenheid verplaatsen van het derde gebied;en tonen van de derde representatieve afbeelding voor de derde reeks afbeeldingen in het derde gebied;in overeenstemming met een vaststelling dat het sleepgebaar voldoet aan de voorgaande-reeks-navigatie-criteria: volledig van de beeldschermeenheid af verplaatsen van het derde gebied in de eerste richting;volledig naar de beeldschermeenheid verplaatsen van het eerste gebied;en op de beeldschermeenheid tonen van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen in het eerste gebied.
  219. 219
    220. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 216 tot en met 219, waarbij de eerste reeks afbeeldingen werd verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de tweede reeks afbeeldingen en de eerste reeks afbeeldingen werd verkregen door de camera na de derde reeks afbeeldingen.
  220. 220
    221. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 206 tot en met 220, waarbij de eerste reeks afbeeldingen een bericht is in een berichtenconversatie vertoond in een scrollbaar gebied van een berichtentoepassing, en de eerste reeks afbeeldingen wordt vertoond wanneer door het scrollbare gebied van wordt gescrolld.
  221. 221
    222. Werkwijze omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak: 294 opslaan van een veelheid extra afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;detecteren van een gebaar op het aanraakgevoelige oppervlak, waarbij het gebaar verplaatsing omvat door een contact dat overeenstemt met verplaatsing in een eerste richting op het beeldscherm;in reactie op het detecteren van het gebaar op het aanraakgevoelige oppervlak: verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting op het beeldscherm;verplaatsen van een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting op het beeldscherm;en, in overeenstemming met een vaststelling dat is voldaan aan reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van een tweede gebied in de eerste richting, in chronologische volgorde in het tweede gebied tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen voor een tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen.
  222. 222
    223. Werkwijze volgens conclusie 222, omvattende:het, in reactie op het detecteren van het gebaar op het aanraakgevoelige oppervlak: 295 in overeenstemming met een vaststelling dat niet is voldaan aan de reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, tonen van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het verplaatsbare tweede gebied op het beeldscherm.
  223. 223
    224. Werkwijze volgens een van de conclusies 222 tot en met 223, waarbij de reeks-vertooncriteria een criterium omvatten dat het contact wordt gelanceerd voorafgaand aan het tonen, in chronologisch volgorde in het tweede gebied, van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen voor de tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de tweede representatieve afbeelding.
  224. 224
    225. Werkwijze volgens een van conclusies 222 tot en met 224, waarbij het verplaatsen van het verplaatsbare tweede gebied in de eerste richting op het beeldscherm het tonen omvat van een betreffende voorafgaande afbeelding die werd verkregen voorafgaand aan het verkrijgen van de tweede representatieve afbeelding in het tweede gebied.
  225. 225
    226. Werkwijze volgens een van de conclusies 222 tot en met 225, waarbij de reeks-vertooncriteria het detecteren omvatten van lancering van het contact; en de werkwijze omvat:het, in reactie op het detecteren van lancering van het contact, doorgaan met het verplaatsen van het verplaatsbare tweede gebied in de eerste richting en doorgaan met verplaatsen van het verplaatsbare eerste gebied in de eerste richting, waarbij de afbeeldingen uit de tweede reeks afbeeldingen worden vertoond met een snelheid zodanig dat de tweede 296 representatieve afbeelding wordt vertoond in het verplaatsbare tweede gebied wanneer het verplaatsbare tweede gebied stopt met bewegen in de eerste richting.
  226. 226
    227. Werkwijze volgens een van conclusies 222 tot en met 226, omvattende het tijdens het verplaatsen van het verplaatsbare eerste gebied, tonen van een gesimuleerd parallaxeffeet voor een afbeelding binnen het verplaatsbare eerste gebied zodanig dat de afbeelding binnen het verplaatsbare eerste gebied verschuift ten opzichte van een frame van het verplaatsbare eerste gebied.
  227. 227
    228. Werkwijze volgens een van de conclusies 222 tot en met 227, omvattende het, tijdens het verplaatsen van het verplaatsbare tweede gebied terwijl het contact wordt gedetecteerd op het aanraakgevoelig oppervlak, tonen van een gesimuleerd parallaxeffeet voor een afbeelding binnen het verplaatsbare tweede gebied zodanig dat de afbeelding binnen het verplaatsbare tweede gebied verschuift ten opzichte van een frame van het verplaatsbare tweede gebied.
  228. 228
    229. Werkwijze volgens een van de conclusies 222 tot en met 228, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding.
  229. 229
    230. Werkwijze volgens een van conclusies 222 tot en met 229, waarbij het verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het eerste gebied van het beeldscherm af in de eerste richting. 297
  230. 230
    231. Werkwijze volgens een van de conclusies 222 tot en met 230, waarbij het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het tweede gebied naar het beeldscherm in de eerste richting.
  231. 231
    232. Werkwijze volgens een van conclusies 222 tot en met 231, omvattende het, na het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, tonen van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  232. 232
    233. Werkwijze volgens conclusie 232, omvattende:het, tijdens het tonen van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in de tweede gebied, detecteren van een verandering van de intensiteit van een invoer die overeenstemt met de tweede representatieve afbeelding;en in reactie op het detecteren van de verandering van intensiteit van de invoer, voortschrijden door de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied zonder het tweede gebied op het beeldscherm te verplaatsen.
  233. 233
    234. Werkwijze volgens een van de conclusies 222 tot en met 233, omvattende:het detecteren van beëindiging van het gebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied;en in reactie op het detecteren van beëindiging van het gebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het gebaar voldoet aan volgende-reeks-navigatie-criteria: 298 volledig van het beeldscherm af verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting;volledig naar het beeldscherm verplaatsen van het tweede gebied;en tonen van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  234. 234
    235. Werkwijze volgens conclusie 234, omvattende:het, in reactie op het detecteren van beëindiging van het gebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het gebaar niet voldoet aan de volgende-reeks-navigatie-criteria: volledig van het beeldscherm af verplaatsen van het tweede gebied in een tweede richting, tegenovergesteld aan de eerste richting;volledig naar het beeldscherm verplaatsen van het eerste gebied;en tonen van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen in het eerste gebied.
  235. 235
    236. Werkwijze volgens een van conclusies 222 tot en met 235, waarbij de eerste reeks afbeeldingen een bericht is in een berichtenconversatie die wordt vertoond in een scrollbaar gebied van een berichtentoepassing, en de eerste reeks afbeeldingen wordt vertoond wanneer door het scrollbare gebied van de berichtentoepassing wordt gescrolld.
  236. 236
    237. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;299 geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's zijn opgeslagen in het geheugen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die is gemaakt door een camera, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;detecteren van een gebaar op het aanraakgevoelig oppervlak, waarbij het gebaar verplaatsing omvat door een contact dat overeenstemt met verplaatsing in een eerste richting op het beeldscherm;in reactie op het detecteren van het gebaar op het aanraakgevoelige oppervlak: verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting op het beeldscherm;verplaatsen van een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting op het beeldscherm;en in overeenstemming met een vaststelling dat is voldaan aan reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, in chronologische volgorde in het tweede gebied tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen voor een tweede reeks afbeeldingen 300 die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen.
  237. 237
    238. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting:een veelheid reeksen afbeeldingen opslaat, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, en een of meer afbeeldingen die door een camera zijn verkregen voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;een eerste representatieve afbeelding toont voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbare eerste gebied op het beeldscherm;een gebaar detecteert op het aanraakgevoelige oppervlak, waarbij het gebaar verplaatsing omvat door een contact dat overeenstemt met verplaatsing in een eerste richting op het beeldscherm;in reactie op het detecteren van het gebaar op het aanraakgevoelige oppervlak: het eerste gebied in de eerste richting verplaatst op het beeldscherm verplaatsen;een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting verplaatst op een beeldscherm;en, in overeenstemming met een vaststelling dat is voldaan aan reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van 301 het tweede gebied in de eerste richting, het in chronologische volgorde in het tweede gebied tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen toont voor een tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen.
  238. 238
    239. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;middelen voor het tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;middelen voor het detecteren van een gebaar op het aanraakgevoelige oppervlak, waarbij het gebaar verplaatsing omvat door een contact dat overeenstemt met verplaatsing in een eerste richting op een beeldscherm;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het gebaar op het aanraakgevoelig oppervlak voor het: verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting op het beeldscherm;verplaatsen van een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting op een beeldscherm;en in overeenstemming met een vaststelling dat is voldaan aan reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van 302 het tweede gebied in de eerste richting, in chronologische volgorde in het tweede gebied tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen voor een tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen.
  239. 239
    240. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in de elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, en middelen voor het tonen van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op het beeldscherm;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van het gebaar op het aanraakgevoelig oppervlak voor het: verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting op het beeldscherm;verplaatsen van een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting op een beeldscherm;en in overeenstemming met een vaststelling dat is voldaan aan reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, in chronologische volgorde in het tweede gebied tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen voor een tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen. 303
  240. 240
    241. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusie 222 tot en met 236.
  241. 241
    242. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijzen volgens conclusies 222 tot en met 236 uitvoert.
  242. 242
    243. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer in het geheugen opgeslagen programma's, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden getoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 222 tot en met 236.
  243. 243
    244. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en 304 middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 222 tot en met 236.
  244. 244
    245. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 222 tot en met 236.
  245. 245
    246. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid die is ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid die is ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;en een verwerkingseenheid die is gekoppeld aan de beeldschermeenheid en de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, en een of meer afbeeldingen die door de camera zijn verkregen voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;activeren van vertoning van een eerste representatieve afbeelding voor een eerste reeks afbeeldingen in een verplaatsbaar eerste gebied op de beeldschermeenheid;detecteren van een gebaar op de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid, waarbij het gebaar verplaatsing omvat door een contact dat overeenstemt met verplaatsing in een eerste richting op de beeldschermeenheid;305 in reactie op het detecteren van het gebaar op de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid: verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting op de beeldschermeenheid;verplaatsen van een verplaatsbaar tweede gebied in de eerste richting op de beeldschermeenheid;en, in overeenstemming met een vaststelling dat is voldaan aan reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, activeren van een vertoning van, in chronologisch volgorde in het tweede gebied, tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen voor een tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen.
  246. 246
    247. Elektronische inrichting volgens conclusie 246, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van het gebaar op de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid: in overeenstemming met een vaststelling dat niet is voldaan aan de reeks-vertooncriteria, tijdens het verplaatsen van een tweede gebied in de eerste richting, activeren van vertoning van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het verplaatsbaar het tweede gebied op de beeldschermeenheid.
  247. 247
    248. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 247, waarbij de reeks-vertooncriteria een criterium omvatten dat het contact is gelanceerd voorafgaand aan het activeren van de vertoning, in chronologische volgorde in het tweede gebied, van tenminste enkele van de een of meer 306 afbeeldingen voor de tweede reeks afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de tweede representatieve afbeelding.
  248. 248
    249. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 248, waarbij het verplaatsen van het verplaatsbare tweede gebied in de eerste richting op de beeldschermeenheid het activeren omvat van een vertoning van een betreffende voorafgaande afbeelding die werd verkregen voorafgaand aan het verkrijgen van de tweede representatieve afbeelding in het tweede gebied.
  249. 249
    250. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 249, waarbij de reeks-vertooncriteria het detecteren omvatten van lancering van het contact; en de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van lancering van het contact, voortgaan met verplaatsen van het verplaatsbare tweede gebied in de eerste richting en voortgaan met het verplaatsen van het verplaatsbare eerste gebied in de eerste richting, waarbij de afbeeldingen uit de tweede reeks afbeeldingen worden vertoond met een snelheid zodanig dat de tweede representatieve afbeelding wordt vertoond in het verplaatsbare tweede gebied wanneer het verplaatsbare tweede gebied stopt met bewegen in de eerste richting.
  250. 250
    251. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 250, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het, tijdens het verplaatsen van het verplaatsbare eerste gebied, activeren van vertoning van een gesimuleerd parallaxeffeet voor een afbeelding binnen het verplaatsbare 307 eerste gebied zodanig dat de afbeelding binnen het verplaatsbare eerste gebied verschuift ten opzichte van een frame van het verplaatsbare eerste gebied.
  251. 251
    252. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 251, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het, tijdens het verplaatsen van het verplaatsbare tweede gebied terwijl het contact wordt gedetecteerd op de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid, activeren van vertoning van een gesimuleerd parallaxeffeet voor een afbeelding binnen het verplaatsbare tweede gebied zodanig dat afbeelding binnen het verplaatsbare tweede gebied verschuift ten opzichte van een frame van het verplaatsbare tweede gebied.
  252. 252
    253. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 252, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding.
  253. 253
    254. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 253, waarbij het verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting het verplaatsen van tenminste deel van het eerste gebied van de beeldschermeenheid af in de eerste richting omvat.
  254. 254
    255. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 254, waarbij het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting het verplaatsen omvat van tenminste een deel van het tweede gebied naar de beeldschermeenheid in de eerste richting. 308
  255. 255
    256. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 255, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het, na het verplaatsen van het tweede gebied in de eerste richting, activeren van vertoning van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  256. 256
    257. Elektronische inrichting volgens conclusie 256, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:tijdens het activeren van een vertoning van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied, detecteren van een verandering van intensiteit van een invoer die overeenstemt met de tweede representatieve afbeelding;en in reactie op het detecteren van de verandering van de intensiteit van de invoer, voortschrijden door de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied zonder het tweede gebied te verplaatsen op de beeldschermeenheid.
  257. 257
    258. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 257, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van beëindiging van het gebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied;en in reactie op het detecteren van beëindiging van het gebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en de tweede gebied: in overeenstemming met een vaststelling dat het gebaar voldoet aan volgende-reeks-navigatie-criteria: volledig van de beeldschermeenheid af verplaatsen van het eerste gebied in de eerste richting;309 volledig naar de beeldschermeenheid verplaatsen van het tweede gebied;en activeren van vertoning van de tweede representatieve afbeelding voor de tweede reeks afbeeldingen in het tweede gebied.
  258. 258
    259. Elektronische inrichting volgens conclusie 258, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van beëindiging van het gebaar tijdens het verplaatsen van het eerste gebied en het tweede gebied: in overeenstemming met de vaststelling dat het gebaar niet voldoet aan de volgende-reeks-criteria: volledig van de beeldschermeenheid af verplaatsen van het tweede gebied in een tweede richting, tegengesteld aan de eerste richting;volledig naar de beeldschermeenheid verplaatsen van het eerste gebied;en activeren van vertoning van de eerste representatieve afbeelding voor de eerste reeks afbeeldingen in het eerste gebied.
  259. 259
    260. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 246 tot en met 259, waarbij de eerste reeks afbeeldingen een bericht is in een berichtenconversatie die wordt vertoond in een scrollbaar gebied van een berichtentoepassing, en de eerste reeks afbeeldingen wordt vertoond wanneer door het scrollbare gebied van de berichtentoepassing wordt gescrolld.
  260. 260
    261. Werkwijze, omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak: 310 opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;opslaan van een veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende afbeelding in de veelheid afbeeldingen geen deel uitmaakt van een reeks afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen;tonen van een eerste afbeelding op het beeldscherm;tijdens het tonen van de eerste afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in een eerste reeks afbeeldingen, uitvoeren van een eerste handeling die het tonen omvat van tenminste enkele van de afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen naast de eerste afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in de veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, uitvoeren van een tweede handeling, onderscheiden van de eerste handeling, waarbij de eerste afbeelding is betrokken.
  261. 261
    262. Werkwijze volgens conclusie 261, waarbij:311 de eerste invoer een druk-en-houdgebaar is;de eerste handeling tenminste een gedeelte toont van de eerste reeks afbeeldingen;en de tweede handeling informatie toont over de eerste afbeelding met de eerste afbeelding.
  262. 262
    263. Werkwijze volgens conclusie 261, waarbij:de eerste invoer een druk-en-houdgebaar is;de eerste handeling tenminste een gedeelte toont van de eerste reeks afbeeldingen;en de tweede handeling een animatie toont die verschillende gedeelten van de eerste afbeelding toont.
  263. 263
    264. Werkwijze volgens conclusie 261, waarbij:de inrichting een of meer sensoren omvat voor het detecteren van intensiteit van contacten met het aanraakgevoelige oppervlak;de eerste invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerste contactintensiteitcriteria;de eerste handeling tenminste een gedeelte van de eerste reeks afbeeldingen toont;en de tweede handeling informatie toont over de eerste afbeelding met de eerste afbeelding.
  264. 264
    265. Werkwijze volgens conclusie 261, waarbij:de inrichting een of meer sensoren omvat voor het detecteren van intensiteit van contacten met het aanraakgevoelige oppervlak;de eerste invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerste contactintensiteitcriteria;de eerste handeling tenminste een gedeelte toont van de eerste reeks afbeeldingen;en 312 de tweede handeling een animatie toont die verschillende gedeelten van de eerste afbeelding toont.
  265. 265
    266. Werkwijze volgens conclusie 261, waarbij:de eerste invoer een sleepgebaar is;de eerste handeling tenminste enkele van de afbeeldingen toont in de eerste reeks afbeeldingen tijdens het overgaan van het tonen van de eerste afbeelding naar het tonen van een tweede afbeelding, waarbij de tweede afbeelding geen afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen is;en de tweede handeling overgaat van het tonen van de eerste afbeelding naar het tonen van een derde afbeelding, waarbij de derde afbeelding geen afbeelding in de eerste reeks afbeeldingen is.
  266. 266
    267. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door de camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en 313 een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;opslaan van een veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende afbeelding in de veelheid afbeeldingen geen deel uitmaakt van een reeks afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen;tonen van een eerste afbeelding op het beeldscherm;tijdens het tonen van de eerste afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in een eerste reeks afbeeldingen, uitvoeren van een eerste handeling die het tonen omvat van tenminste enkele van de afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen naast de eerste afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in de veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, uitvoeren van een tweede handeling, onderscheiden van de eerste handeling, waarbij de eerste afbeelding is betrokken.
  267. 267
    268. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting:de veelheid reeksen afbeeldingen opslaat, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: 314 een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die door de camera zijn verkregen na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;een veelheid afbeeldingen opslaat die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende afbeelding in de veelheid afbeeldingen geen deel uitmaakt van een reeks afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen;een eerste afbeelding toont op het beeldscherm;tijdens het tonen van de eerste afbeelding op het beeldscherm, een eerste invoer detecteert;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in een eerste reeks afbeeldingen, een eerste handeling uitvoert die het tonen omvat van tenminste enkele van de afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen naast de eerste afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in de veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, een tweede handeling uitvoert, onderscheiden van de eerste handeling, waarbij de eerste afbeelding is betrokken .
  268. 268
    269. Elektronische inrichting, omvattend:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en 315 middelen voor het opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;middelen voor het opslaan van een veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende afbeelding in de veelheid afbeeldingen geen deel uitmaakt van een reeks afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen;middelen voor het tonen van een eerste afbeelding op het beeldscherm;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de eerste afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste invoer;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de eerste invoer voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in een eerste reeks afbeeldingen, uitvoeren van een eerste handeling die het tonen omvat van tenminste enkele van de afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen naast de eerste afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in de veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid 316 reeksen afbeeldingen, uitvoeren van een tweede handeling, onderscheiden van de eerste handeling, waarbij de eerste afbeelding betrokken is.
  269. 269
    270. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat: een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt;een of meer afbeeldingen die door de camera zijn verkregen na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;middelen voor het opslaan van een veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende afbeelding in de veelheid afbeeldingen geen deel uitmaakt van een reeks afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen;middelen voor het tonen van een eerste afbeelding op het beeldscherm;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de eerste afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een eerste invoer;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de eerste invoer voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in een eerste reeks 317 afbeeldingen, uitvoeren van een eerste handeling die het tonen omvat van tenminste enkele van de afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen naast de eerste afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in de veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, uitvoeren van een tweede handeling, onderscheiden van de eerste handeling, waarbij de eerste afbeelding betrokken is.
  270. 270
    271. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusie 261 tot en met 266.
  271. 271
    272. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door de elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijzen volgens conclusies 261 tot en met 266 uitvoert.
  272. 272
    273. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, 318 geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer programma's die zijn opgeslagen in het geheugen, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden getoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 261 tot en met 266 .
  273. 273
    274. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 261 tot en met 266.
  274. 274
    275. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusie 261 tot en met 266.
  275. 275
    276. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid die is ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid die is ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;een geheugeneenheid die is ingericht voor het opslaan van afbeeldingen;en een verwerkingseenheid die is gekoppeld met de beeldschermeenheid, de geheugeneenheid, en de aanraakgevoeligeoppervlakte-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: 319 in de geheugeneenheid opslaan van een veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende reeks afbeeldingen omvat : een betreffende representatieve afbeelding die door een camera is gemaakt, een of meer afbeeldingen die door de camera zijn verkregen na het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die door de camera zijn verkregen voorafgaand aan het verkrijgen van de betreffende representatieve afbeelding;in de geheugeneenheid opslaan van een veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen, waarbij een betreffende afbeelding in de veelheid afbeeldingen geen deel uitmaakt van een reeks afbeeldingen in de veelheid reeksen afbeeldingen;tonen van een eerste afbeelding op het beeldschermeenheid;tijdens het tonen van de eerste afbeelding op het beeldscherm eenheid, detecteren van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in een eerste reeks afbeeldingen, uitvoeren van een eerste handeling die het tonen omvat, op de beeldschermeenheid, van tenminste enkele van de afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen naast de eerste afbeelding;en in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste afbeelding een afbeelding is in de veelheid afbeeldingen die onderscheiden zijn van de afbeeldingen in de veelheid 320 reeksen afbeeldingen, uitvoeren van een tweede handeling, onderscheiden van de eerste handeling, waarbij de eerste afbeelding betrokken is.
  276. 276
    277. Elektronische inrichting volgens conclusie 276, waarbij:de eerste invoer een druk-en-houdgebaar is;de eerste handeling tenminste een gedeelte toont van de eerste reeks afbeeldingen;en de tweede handeling op de beeldschermeenheid informatie toont over de eerste afbeelding met de eerste afbeelding.
  277. 277
    278. Elektronische inrichting volgens conclusie 276, waarbij:de eerste invoer een druk-en-houdgebaar is;de eerste handeling tenminste een gedeelte toont van de eerste reeks afbeeldingen;en de tweede handeling op de beeldschermeenheid een animatie toont die verschillende gedeelten van de eerste afbeelding toont.
  278. 278
    279. Elektronische inrichting volgens conclusie 276, waarbij:de inrichting een of meer sensoren eenheden omvat voor het detecteren van intensiteit van contacten met de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid;de eerste invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerste contact-intensiteitcriteria;de eerste handeling tenminste een gedeelte toont van de eerste reeks afbeeldingen;en de tweede handeling, op de beeldschermeenheid, informatie toont over de eerste afbeelding met de eerste afbeelding.
  279. 279
    280. Elektronische inrichting volgens conclusie 276, waarbij:321 de inrichting een of meer sensoreenheden omvat voor het detecteren van intensiteit van contacten met de aanraakgevoelige -opper vlak te -eenheid;de eerste invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerste contactintensiteitcriteria;de eerste handeling tenminste een gedeelte toont van de eerste reeks afbeeldingen;en de tweede handeling op de beeldschermeenheid een animatie toont die verschillende gedeelten van de eerste afbeelding toont.
  280. 280
    281. Elektronische inrichting volgens conclusie 276, waarbij:de eerste invoer een sleepgebaar is;de eerste handeling op de beeldschermeenheid tenminste enkele van de afbeeldingen toont in de eerste reeks afbeeldingen tijdens het overgaan van het tonen van de eerste afbeelding naar het tonen van een tweede afbeelding, waarbij de tweede afbeelding geen afbeelding is in de eerste reeks afbeeldingen;en de tweede handeling overgaat van het tonen van de eerste afbeelding naar het tonen van een derde afbeelding, waarbij de derde afbeelding geen afbeelding is in de eerste reeks afbeeldingen .
  281. 281
    282. Werkwijze, omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak: tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;322 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding;in reactie op het detecteren van de invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding: in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een eerste bewerkingsmodus is, wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een tweede bewerkingsmodus is, onderscheiden van de eerste bewerkingsmodus, wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  282. 282
    283. Werkwijze volgens conclusie 282, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn 323 verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm;tijdens het tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, vervangen van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door vertoning, achter elkaar, van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding zonder wijziging, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  283. 283
    284. Werkwijze volgens conclusie 282, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer 324 afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm;tijdens het tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding zonder wijziging, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  284. 284
    285. Werkwijze volgens conclusie 282, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm;tijdens het tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van het tweede invoer, vervangen van de vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door een vertoning van, 325 achter elkaar, tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  285. 285
    286. Werkwijze volgens conclusie 282, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een tweede invoer;en in reactie op het detecteren van de tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van 326 een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  286. 286
    287. Werkwijze volgens conclusie 282, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding;tijdens het op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, vervangen van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door een vertoning achter elkaar van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding. 327
  287. 287
    288. Werkwijze volgens conclusie 282, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding;tijdens het op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  288. 288
    289. Werkwijze volgens een van de conclusies 282 tot en met 288, omvattende:het detecteren van een tweede invoer die overeenstemt met een verzoek om het verwijderen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, het, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, verwijderen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen die 328 zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  289. 289
    290. Werkwijze volgens een van de conclusies 282 tot en met 289, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding;tijdens het op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van het tweede invoer, vervangen van de vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door een vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van het tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding. 329
  290. 290
    291. Werkwijze volgens een van de conclusies 282 tot en met 289, omvattende:het, na het wijzigen van de representatieve afbeelding, van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding : op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding;tijdens het op het beeldscherm tonen van de gewijzigde representatieve afbeelding, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, achter elkaar tonen van tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  291. 291
    292. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, 330 waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: op het beeldscherm tonen van een representatieve afbeelding, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het op het beeldscherm tonen van de representatieve afbeelding, detecteren van een invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding;in reactie op het detecteren van de invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding: in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een eerste bewerkingsmodus is, wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een tweede bewerkingsmodus is, onderscheiden van de eerste bewerkingsmodus, wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera 331 voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  292. 292
    293. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting:een representatieve afbeelding op het beeldscherm toont, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen één of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het op het beeldscherm tonen van de representatieve afbeelding, een invoer detecteert voor het wijzigen van de representatieve afbeelding;in reactie op het detecteren van de invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding: in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een eerste bewerkingsmodus is, de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding wijzigt;en, 332 in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een tweede bewerkingsmodus is, onderscheiden van de eerste bewerkingsmodus, de representatieve afbeelding wijzigt, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  293. 293
    294. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het op het beeldscherm tonen van de representatieve afbeelding, voor het detecteren van een invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een eerste bewerkingsmodus is, wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die 333 zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een tweede bewerkingsmodus is, onderscheiden van de eerste bewerkingsmodus, wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  294. 294
    295. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het tonen van een representatieve afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het op het beeldscherm tonen van de representatieve afbeelding, voor het detecteren van een invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding;334 middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een eerste bewerkingsmodus is, wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een tweede bewerkingsmodus is, wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  295. 295
    296. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijze volgens conclusie 282 tot en met 291. 335
  296. 296
    297. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijze volgens conclusies 282 tot en met 291 uitvoert.
  297. 297
    298. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, en aanraakgevoelig oppervlak, geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer programma's die in het geheugen zijn opgeslagen, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden getoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 282 tot en met 291.
  298. 298
    299. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 282 tot en met 291.
  299. 299
    300. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 282 tot en met 291.
  300. 300
    301. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid ingericht voor het tonen van afbeeldingen;336 een aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;en een verwerkingseenheid die is gekoppeld aan de beeldschermeenheid en de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: activeren van vertoning van een representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het activeren van een vertoning van de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding;in reactie op het detecteren van de invoer voor het wijzigen van de representatieve afbeelding: in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een eerste bewerkingsmodus is, wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de inrichting in een tweede bewerkingsmodus is, onderscheiden van de eerste bewerkingsmodus, wijzigen van de representatieve 337 afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  301. 301
    302. Elektronische inrichting volgens conclusie 301, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;tijdens het activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, activeren van het vervangen van de vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de tweede invoer, activeren van de vertoning, achter elkaar, van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn 338 verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding zonder wijziging, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  302. 302
    303. Elektronische inrichting volgens conclusie 301, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder wijziging van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;tijdens het activeren van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, activeren van vertoning achter elkaar van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de representatieve afbeelding zonder wijziging, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  303. 303
    304. Elektronische inrichting volgens conclusie 301, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:339 na het wijzigen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;tijdens het activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van de eerste gedeelte van de tweede invoer, activeren van het vervangen van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door vertoning, achter elkaar, van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de tweede invoer, activeren van vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  304. 304
    305. Elektronische inrichting volgens conclusie 301, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:340 na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder de een of meer afbeeldingen te wijzigen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeeldingen, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;tijdens het activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, activeren van vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  305. 305
    306. Elektronische inrichting volgens conclusie 301, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;341 tijdens het activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van de eerste gedeelte van de tweede invoer, activeren van het vervangen van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de tweede invoer, activeren van vertoning, achter elkaar, van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  306. 306
    307. Elektronische inrichting volgens conclusie 301, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:na het wijzigen van de representatieve afbeelding, zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en zonder het wijzigen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;342 tijdens het activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, activeren van vertoning, achter elkaar, van tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding .
  307. 307
    308. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 301 tot en met 307, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:detecteren van een tweede invoer die overeenstemt met een verzoek om het verwijderen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, verwijderen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  308. 308
    309. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 301 tot en met 308, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:343 na het wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;tijdens het activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een eerste gedeelte van een tweede invoer;in reactie op het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, activeren van het vervangen van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding door vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;na het detecteren van het eerste gedeelte van de tweede invoer, detecteren van een tweede gedeelte van de tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van het tweede gedeelte van de tweede invoer, activeren van vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  309. 309
    310. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 301 tot en met 308, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:344 na het wijzigen van de representatieve afbeelding, de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding, en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding: activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid;tijdens het activeren van vertoning van de gewijzigde representatieve afbeelding op het beeldscherm eenheid, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, activeren van vertoning, op volgorde, van tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding, de gewijzigde representatieve afbeelding, en tenminste enkele van de gewijzigde een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  310. 310
    311. Werkwijze, omvattende:het, op een eerste elektronische inrichting met een beeldscherm: op het beeldscherm tonen van een representatieve afbeelding in een gebruikersinterface van een toepassing die is ingericht voor het communiceren met andere elektronische inrichtingen, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;345 tijdens het op het beeldscherm tonen van de representatieve afbeelding, detecteren van een invoer die overeenstemt met een verzoek, het verzenden van de representatieve afbeelding of een verzoek om het selecteren van de representatieve afbeelding voor het verzenden naar een tweede elektronische inrichting, op afstand van de eerste elektronische inrichting, onder gebruikmaking van de toepassing;en, in reactie op het detecteren van de invoer die overeenstemt met het verzoek om het verzenden van de representatieve afbeelding of met het verzoek om het selecteren van de representatieve afbeelding voor het verzenden naar de tweede elektronische inrichting: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting;en in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede elektronische inrichting niet is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een tweede verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting, waarbij de tweede verzameling opties verschillend is van de eerste verzameling opties.
  311. 311
    312. Werkwijze volgens conclusie 311, waarbij de toepassing die is ingericht voor het communiceren met andere elektronische inrichtingen wordt vertoond in reactie op het detecteren van een selectie van een toepassingicoon dat overeenstemt met een toepassing in een gebruikersinterface voor het delen. 346
  312. 312
    313. Werkwijze volgens een van de conclusies 311 tot en met 312, waarbij de eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het verzenden van de gehele reeks afbeeldingen.
  313. 313
    314. Werkwijze volgens een van conclusies 311 tot en met 313, waarbij de tweede verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het verzenden van de representatieve afbeelding zonder het verzenden van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en zonder het verzenden van een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  314. 314
    315. Werkwijze volgens een van de conclusies 311 tot en met 314, omvattende:het vaststellen of de eerste elektronische inrichting in een eerste modus is die het verzenden van de reeks afbeeldingen toelaat;en, het, in overeenstemming met een vaststelling dat de eerste elektronische inrichting niet in de eerste modus is die het verzenden van de reeks afbeeldingen als een groep toelaat, wijzigen van de eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste het gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting.
  315. 315
    316. Werkwijze volgens een van de conclusies 311 tot en met 315, waarbij, 347 de tweede verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het omzetten van tenminste het gedeelte van de reeks afbeeldingen naar een videoformaat.
  316. 316
    317. Werkwijze volgens een van de conclusies 311 tot en met 316, waarbij, de eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het omzetten van tenminste het gedeelte van de reeks afbeeldingen naar een videoformaat.
  317. 317
    318. Werkwijze volgens een van conclusies zult 11 tot en met 317, omvattende:het, in overeenstemming met de vaststelling dat de tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, verzenden van geluid dat overeenstemt met de reeks afbeeldingen.
  318. 318
    319. Werkwijze volgens een van de conclusies 311 tot en met 318, omvattende:het, in overeenstemming met de vaststelling dat de tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, verzenden van metagegevens die overeenstemmen met de eerste reeks afbeeldingen.
  319. 319
    320. Werkwijze volgens een van de conclusies 311 tot en met 319, omvattende:het, tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm: 348 detecteren van een tweede invoer;en in reactie op het detecteren van de tweede invoer, vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door vertoning van, achter elkaar, tenminste enkele van de afbeeldingen in de reeks afbeeldingen.
  320. 320
    321. Werkwijze volgens conclusie 320, waarbij:de eerste elektronische inrichting een aanraakgevoelig oppervlak omvat en een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten met het aanraakgevoelige oppervlak;en de tweede invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerste contactintensiteitcriteria.
  321. 321
    322. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's zijn opgeslagen in het geheugen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: op het beeldscherm tonen van een representatieve afbeelding in een gebruikersinterface van een toepassing die is ingericht om te communiceren met andere elektronische inrichtingen, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en 349 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een invoer die overeenstemt met een verzoek om het verzenden van de representatieve afbeelding of een verzoek om het selecteren van de representatieve afbeelding voor het verzenden naar een tweede elektronische inrichting, op afstand van de elektronische inrichting, onder gebruikmaking van de toepassing;en, in reactie op het detecteren van een invoer die overeenstemt met het verzoek om de representatieve afbeelding te verzenden of met het verzoek om de representatieve afbeelding te selecteren voor verzending naar de tweede elektronische inrichting: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting;en, in overeenstemming met een vaststelling dat het tweede elektronische inrichting niet is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een tweede verzameling opties voor verzending van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting, waarbij de tweede verzameling opties verschillend is van de eerste verzameling opties.
  322. 322
    323. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden 350 uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm, veroorzaken dat de inrichting:op het beeldscherm een representatieve afbeelding toont in een gebruikersinterface van een toepassing die is ingericht om te communiceren met andere elektronische inrichtingen, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, een invoer detecteert die overeenstemt met een verzoek om het verzenden van de representatieve afbeelding of een verzoek om het selecteren van de representatieve afbeelding voor verzending naar een tweede elektronische inrichting, op afstand van de elektronische inrichting, onder gebruikmaking van de toepassing;en, in reactie op het detecteren van de invoer die overeenstemt met het verzoek om verzending van de representatieve afbeelding of met het verzoek om selectie van de representatieve afbeelding voor verzending naar de tweede elektronische inrichting: in overeenstemming met een vaststelling dat het tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, een eerste verzameling opties toont voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting, en, 351 in overeenstemming met een vaststelling dat het tweede elektronische inrichting niet is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, een tweede verzameling opties toont voor verzending van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting, waarbij de tweede verzameling opties verschillend is van de eerste verzameling opties.
  323. 323
    324. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;en middelen voor het op het beeldscherm het tonen van een representatieve afbeelding in een gebruikersinterface van een toepassing die is ingericht om te communiceren met andere elektronische inrichtingen, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks van afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, voor het detecteren van een invoer die overeenstemt met een verzoek om het verzenden van de representatieve afbeelding of een verzoek om het selecteren van de representatieve afbeelding voor verzending naar een tweede elektronische inrichting, op afstand van de elektronische inrichting, onder gebruikmaking van de toepassing;en, middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de invoer die overeenstemt met het verzoek om verzending van 352 de representatieve afbeelding of met het verzoek om het selecteren van de representatieve afbeelding voor verzending naar de tweede elektronische inrichting, voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede elektronische inrichting niet is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een tweede verzameling opties voor verzending van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting, waarbij de tweede verzameling opties verschillend is van de eerste verzameling opties.
  324. 324
    325. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een eerste elektronische inrichting met een beeldscherm, omvattende:middelen voor het op het beeldscherm het tonen van een representatieve afbeelding in een gebruikersinterface van een toepassing die is ingericht om te communiceren met andere elektronische inrichtingen, waarbij: de representatieve afbeelding een afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;353 middelen, geactiveerd tijdens het op het beeldscherm het tonen van de representatieve afbeelding, voor het detecteren van een invoer die overeenstemt met een verzoek om verzending van de representatieve afbeelding of een verzoek om selectie van de representatieve afbeelding voor verzending naar een tweede elektronische inrichting, op afstand van de eerste elektronische inrichting, onder gebruikmaking van de toepassing;en, middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van een invoer die overeenstemt met het verzoek om verzending van de representatieve afbeelding of met het verzoek om selectie van de representatieve afbeelding voor verzending naar de tweede elektronische inrichting, voor het: in overeenstemming met een vaststelling dat het tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een eerste verzameling opties voor verzending van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede elektronische inrichting niet is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, tonen van een tweede verzameling opties voor verzending van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting, waarbij de tweede verzameling opties verschillend is van de eerste verzameling opties.
  325. 325
    326. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en 354 een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 311 tot en met 321.
  326. 326
    327. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijze volgens conclusies 311 tot en met 321 uitvoert.
  327. 327
    328. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer in het geheugen opgeslagen programma's, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden getoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 311 tot en met 321.
  328. 328
    329. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusie 311 tot en met 321.
  329. 329
    330. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 311 tot en met 321. 355
  330. 330
    331. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid die is ingericht voor het tonen van afbeeldingen;en een verwerkingseenheid gekoppeld aan de beeldschermeenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: activeren van vertoning, op de beeldschermeenheid, van een representatieve afbeelding in een gebruikersinterface van een toepassing die is ingericht om te communiceren met andere elektronische inrichtingen, waarbij: de representatieve afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die de camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het activeren van het tonen van de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een invoer die overeenstemt met een verzoek om verzending van de representatieve afbeelding of een verzoek om selectie van de representatieve afbeelding voor verzending naar een tweede elektronische inrichting, op afstand van de elektronische inrichting, onder gebruikmaking van de toepassing;en, in reactie op het detecteren van de invoer die overeenstemt met het verzoek om verzending van de representatieve afbeelding of met het verzoek om selectie van de representatieve afbeelding voor verzending naar de tweede elektronische inrichting: in overeenstemming met een vaststelling dat de tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie 356 met de reeks afbeeldingen als een groep, activeren van vertoning van een eerste verzameling opties voor verzending van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting;en, in overeenstemming met een vaststelling dat het tweede elektronische inrichting niet is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, activeren van vertoning van een tweede verzameling opties voor verzending van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting, waarbij de tweede verzameling opties verschillend is van de eerste verzameling opties.
  331. 331
    332. Elektronische inrichting volgens conclusie 331, waarbij de toepassing die is ingericht voor communicatie met andere elektronische inrichtingen wordt getoond in reactie op het detecteren van een selectie van een toepassingicoon dat overeenstemt met de toepassing in een gebruikersinterface voor het delen.
  332. 332
    333. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 332, waarbij de eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het verzenden van de gehele reeks afbeeldingen.
  333. 333
    334. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 333, waarbij de tweede verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het verzenden van de representatieve afbeelding zonder verzending van de een of meer afbeeldingen die zijn 357 verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en zonder het verzenden van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  334. 334
    335. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 334, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:vaststellen of de elektronische inrichting in een eerste modus is die het verzenden van de reeks afbeeldingen toelaat;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de elektronische inrichting niet in de eerste modus is die het verzenden van de reeks afbeeldingen als een groep toelaat, wijzigen van de eerste verzameling opties voor het naar de tweede elektronische inrichting verzenden van tenminste het gedeelte van de reeks afbeeldingen.
  335. 335
    336. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 335, waarbij:de tweede verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het omzetten van tenminste het gedeelte van de reeks afbeeldingen naar een videoformaat.
  336. 336
    337. elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 336, waarbij:de eerste verzameling opties voor het verzenden van tenminste een gedeelte van de reeks afbeeldingen naar de tweede elektronische inrichting een optie omvat voor het omzetten 358 van tenminste het gedeelte van de reeks afbeeldingen naar een videoformaat.
  337. 337
    338. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 337, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in overeenstemming met de vaststelling dat de tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, verzenden van geluid dat overeenstemt met de reeks afbeeldingen.
  338. 338
    339. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 338, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in overeenstemming met de vaststelling dat het tweede elektronische inrichting is ingericht voor interactie met de reeks afbeeldingen als een groep, verzenden van metagegevens die overeenstemmen met de eerste reeks afbeeldingen.
  339. 339
    340. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 331 tot en met 339, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:tijdens het activeren van vertoning van de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid: detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van de tweede invoer, activeren van het vervangen van de vertoning van de representatieve afbeelding door vertoning, achter elkaar, van ten minste enkele van de afbeeldingen in de reeks afbeeldingen .
  340. 340
    341. Elektronische inrichting volgens conclusie 340, waarbij:359 de eerste elektronische inrichting een aanraakgevoelig oppervlak omvat en een of meer sensoren voor het detecteren van intensiteit van contacten op het aanraakgevoelige oppervlak;en de tweede invoer een vingercontact omvat dat voldoet aan eerste contactintensiteitcriteria.
  341. 341
    342. Werkwijze, omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een camera, een of meer verwerkingseenheden, en geheugen: terwijl in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera : tonen van een live voorvertoning van een scène op het beeldscherm;uitvoeren van scèneherkenning op de scène;tijdens het tonen van de live voorvertoning van de scène, detecteren van een enkele activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en, in reactie op het detecteren van de enkele activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: in overeenstemming met een vaststelling dat de scène voldoet aan actieopneemcriteria, tenminste gedeeltelijk gebaseerd op de scèneherkenning die is uitgevoerd op de scène, bewaren van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip en het groeperen van de veelheid afbeeldingen tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het selecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;360 een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de scène niet voldoet aan de actieopneemcriteria, bewaren van een enkele afbeelding in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip.
  342. 342
    343. Werkwijze volgens conclusie 342, waarbij:de actieopneemcriteria het herkennen van een of meer gezichten in de scène omvatten.
  343. 343
    344. Werkwijze volgens een van de conclusies 342 tot en met 3 43, waarbi j:de actieopneemcriteria het herkennen van beweging in de scène omvatten.
  344. 344
    345. Werkwijze volgens een van de conclusies 342 tot en met 344, waarbij:de actieopneemcriteria het detecteren van beweging van de elektronische inrichting boven een vooraf bepaalde drempelwaarde omvatten.
  345. 345
    346. Werkwijze volgens een van de conclusies uit342 tot en met 345, waarbij:het uitvoeren van scèneherkenning op de scène het herkennen van tekst omvat;en 361 de actieopneemcriteria een criterium omvatten waaraan is voldaan wanneer een hoeveelheid tekst in de scène onder een vooraf bepaalde drempelwaarde ligt.
  346. 346
    347. Werkwijze volgens een van de conclusies 342 tot en met 346, waarbij:het uitvoeren van scèneherkenning op de scène het bepalen omvat van een hoeveelheid beweging in de scène;en het bewaren van de veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid van de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip omvat: het, in overeenstemming met een vaststelling dat de hoeveelheid beweging een eerste hoeveelheid is, bewaren van de veelheid afbeeldingen met een eerste framesnelheid;en het, in overeenstemming met een vaststelling dat de hoeveelheid beweging een tweede hoeveelheid is die groter is dan de eerste hoeveelheid, bewaren van afbeeldingen met een tweede framesnelheid die hoger is dan de eerste framesnelheid.
  347. 347
    348. Werkwijze volgens een van de conclusies 342 tot en met 347, waarbij het aantal afbeeldingen in de bewaarde hoeveelheid afbeeldingen afhankelijk is van gedetecteerde beweging van de inrichting tijdens het verkrijgen van de veelheid afbeeldingen .
  348. 348
    349. Werkwijze volgens een van de conclusies 342 tot en met 348, waarbij de inrichting standaard beeldopneemparameters omvat voor het verkrijgen van afbeeldingen, en de werkwijze omvat:het vaststellen dat de scène een enkel gezicht in portretoriëntatie omvat, waarbij het enkele gezicht meer dan een 362 vooraf bepaalde hoeveelheid van het beeldscherm in beslag neemt;in reactie op het vaststellen dat de scène een enkel gezicht in portretoriëntatie omvat, waarbij het enkele gezicht meer dan een vooraf bepaalde hoeveelheid van het beeldscherm in beslag neemt: verkrijgen van de veelheid afbeeldingen met beeldopneemparameters die onderscheiden zijn van de standaard beeldopneemparameters.
  349. 349
    350. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een camera;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: terwijl in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera : tonen van een live voorvertoning van een scène op het beeldscherm;uitvoeren van scèneherkenning op de scène;tijdens het tonen van de live voorvertoning van de scène, detecteren van een enkele activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en, in reactie op het detecteren van de enkele activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: in overeenstemming met een vaststelling dat de scène voldoet aan actieopneemcriteria, tenminste gedeeltelijk 363 gebaseerd op de scèneherkenning die is uitgevoerd op de scène, bewaren van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip en het groeperen van de veelheid afbeeldingen tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het selecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de scène niet voldoet aan de actieopneemcriteria, bewaren van een enkele afbeelding in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip.
  350. 350
    351. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een camera, veroorzaken dat de inrichting:terwijl in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera : een live voorvertoning toont van een scène op het beeldscherm;scèneherkenning uitvoert op de scène;364 tijdens het tonen van de live voorvertoning van de scène, een enkele activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip detecteert;en, in reactie op het detecteren van de enkele activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: in overeenstemming met een vaststelling dat de scène voldoet aan actieopneemcriteria, tenminste gedeeltelijk gebaseerd op de scèneherkenning die is uitgevoerd op de scène, een veelheid afbeeldingen bewaart die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip en het groeperen van de veelheid afbeeldingen tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het selecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de scène niet voldoet aan de actieopneemcriteria, een enkele afbeelding bewaart in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip.
  351. 351
    352. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een camera;en 365 middelen, geactiveerd terwijl in een mediaverkrijgingsmodus voor de camera, voor het: tonen van een live voorvertoning van een scène op het beeldscherm;uitvoeren van scèneherkenning op de scène;tijdens het tonen van de live voorvertoning van de scène, detecteren van een enkele activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en, in reactie op het detecteren van de enkele activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: in overeenstemming met een vaststelling dat de scène voldoet aan actieopneemcriteria, tenminste gedeeltelijk gebaseerd op de scèneherkenning die is uitgevoerd op de scène, bewaren van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip en het groeperen van de veelheid afbeeldingen tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het selecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de scène niet voldoet aan de actieopneemcriteria, bewaren van een enkele afbeelding in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip. 366
  352. 352
    353. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in de elektronische inrichting met een beeldscherm en een camera, omvattende:middelen, geactiveerd terwijl in een eerste mediaverkrijgingsmodus voor de camera, voor het: tonen van een live voorvertoning van een scène op het beeldscherm;uitvoeren van scèneherkenning op de scène;tijdens het tonen van de live voorvertoning van de scène, detecteren van een enkele activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en, in reactie op het detecteren van de enkele activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: in overeenstemming met een vaststelling dat de scène voldoet aan actieopneemcriteria, tenminste gedeeltelijk gebaseerd op de scèneherkenning die is uitgevoerd op de scène, bewaren van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip en het groeperen van de veelheid afbeeldingen tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het selecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, 367 in overeenstemming met een vaststelling dat de scène niet voldoet aan de actieopneemcriteria, bewaren van een enkele afbeelding in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip.
  353. 353
    354. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een camera;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's zijn opgeslagen in het geheugen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 342 tot en met 349.
  354. 354
    355. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een camera, veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijzen volgens conclusies 342 tot en met 349 uitvoert.
  355. 355
    356. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een camera, geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer in het geheugen opgeslagen programma's, waarbij de grafische gebruikersinterface gebruikersinterfaces omvat die worden vertoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 342 tot en met 349. 368
  356. 356
    357. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een camera;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 342 tot en met 349.
  357. 357
    358. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een camera, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 342 tot en met 349.
  358. 358
    359. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid die is ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een camera-eenheid die is ingericht voor het verkrijgen van afbeeldingen;en een verwerkingseenheid die is gekoppeld aan de beeldschermeenheid en de camera-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: terwijl in een eerste mediaverkrijgmodus voor de cameraeenheid : activeren van het vertonen van een live voorvertoning van een scène op de beeldschermeenheid;uitvoeren van scèneherkenning op de scène;tijdens het activeren van het vertonen van de live voorvertoning van de scène, detecteren van een enkele activering van een sluiterknop op een eerste tijdstip;en, in reactie op het detecteren van de enkele activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip: in overeenstemming met een vaststelling dat de scène voldoet aan actieopneemcriteria, tenminste gedeeltelijk 369 gebaseerd op de scèneherkenning die is uitgevoerd op de scène, bewaren van een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip en het groeperen van de veelheid afbeeldingen tot een eerste reeks afbeeldingen, waarbij de eerste reeks afbeeldingen omvat: een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het selecteren van activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip;een representatieve afbeelding die de eerste reeks afbeeldingen vertegenwoordigt en werd verkregen door de camera-eenheid na een of meer van de andere afbeeldingen in de eerste reeks afbeeldingen;en een veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera-eenheid na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en, in overeenstemming met een vaststelling dat de scène niet voldoet aan de actieopneemcriteria, bewaren van een enkele afbeelding in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip.
  359. 359
    360. Elektronische inrichting volgens conclusie 359, waarbij:de actieopneemcriteria het herkennen omvatten van een of meer gezichten in de scène.
  360. 360
    361. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 359 tot en met 360, waarbij:de actieopneemcriteria het herkennen omvatten van beweging in de scène.
  361. 361
    362. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 359 tot en met 361, waarbij:370 de actieopneemcriteria het detecteren omvatten van beweging van de elektronische inrichting boven een vooraf bepaalde drempelwaarde.
  362. 362
    363. Elektronische inrichting volgens een van conclusies 359 tot en met 362, waarbij:het uitvoeren van scèneherkenning op de scène het herkennen van tekst omvat;en de actieopneemcriteria een criterium omvatten waaraan is voldaan wanneer een hoeveelheid tekst in de scène onder een vooraf gedefinieerde drempelwaarde ligt.
  363. 363
    364. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 359 tot en met 363, waarbij:het uitvoeren van scèneherkenning op de scène het bepalen omvat van een hoeveelheid beweging in de scène;en het bewaren van de veelheid afbeeldingen die zijn verkregen door de camera-eenheid in tijdnabijheid tot de activering van de sluiterknop op het eerste tijdstip omvat: in overeenstemming met een vaststelling dat de hoeveelheid beweging een eerste hoeveelheid is, bewaren van de veelheid afbeeldingen met een eerste framesnelheid;en in overeenstemming met een vaststelling dat de hoeveelheid beweging een tweede hoeveelheid is die groter is dan de eerste hoeveelheid, bewaren van afbeeldingen met een tweede framesnelheid die groter is dan de eerste framesnelheid.
  364. 364
    365. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 359 tot en met 364, waarbij het aantal afbeeldingen in de bewaarde veelheid afbeeldingen afhangt van gedetecteerde 371 beweging van de inrichting terwijl de veelheid afbeeldingen werd verkregen.
  365. 365
    366. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 359 tot en met 365, waarbij de inrichting standaard beeldopneemparameters omvat voor het verkrijgen van afbeelding, en de verwerkingseenheid is ingericht voor het:vaststellen dat de scène een enkel gezicht in portretoriëntatie omvat, waarbij het enkele gezicht meer in beslag neemt dan een vooraf bepaalde hoeveelheid van de beeldschermeenheid : in reactie op het vaststellen dat de scène het enkele gezicht in portretoriëntatie omvat, waarbij het enkele gezicht meer in beslag neemt dan de vooraf bepaalde hoeveelheid van de beeldschermeenheid: verkrijgen van de veelheid afbeeldingen met beeldvangparameters die onderscheiden zijn van de standaard beeldvangparameters.
  366. 366
    367. Werkwijze, omvattende:het, op een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak: tonen van een afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een representatieve afbeelding omvat ;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en 372 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de afbeelding in de reeks afbeeldingen op het beeldscherm, detecteren van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: tonen van een gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar een deelverzameling, kleiner dan de gehele reeks, van de reeks afbeeldingen, waarbij de gebruikersinterface omvat: een gebied dat representaties bevat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;een door een gebruiker aanpasbaar begin-bijknippen icoon dat een beginafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het begin-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;en een door de gebruiker aanpasbaar einde-bijknippen icoon dat een eindafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het eind-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;waarbij: het begin-bijknippen icoon is gelegen op een eerste positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting, en het einde bijknippen icoon is gelegen op een tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting;373 tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van een tweede invoer, bijknippen van de reeks afbeeldingen naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met een huidige positie van het begin-bijknippen icoon en een huidige positie van het eind-bijknippen icoon.
  367. 367
    368. Werkwijze volgens conclusie 367, waarbij de deelverzameling van de reeks afbeeldingen een ononderbroken verzameling afbeeldingen is vanaf de beginafbeelding tot de eindafbeelding.
  368. 368
    369. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 368, waarbij representaties van afbeeldingen tussen het begin-bi jknippen icoon en het einde-bijknippen icoon visueel onderscheiden zijn van de andere representaties in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen .
  369. 369
    370. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 369, waarbij:de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen een tweede gebied omvat dat de afbeelding toont in de reeks afbeeldingen, en het tweede gebied gelijktijdig wordt vertoond met het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen. 374
  370. 370
    371. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 370, waarbij de getoonde afbeelding de representatieve afbeelding is uit de reeks afbeeldingen.
  371. 371
    372. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 370, waarbij de getoonde afbeelding een huidige geselecteerde afbeelding is uit de reeks afbeeldingen.
  372. 372
    373. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 372, bovendien omvattend:het automatisch selecteren van de beginafbeelding in de deelverzameling en de bijbehorende eerste positie van het begin-bijknippen icoon is gebaseerd op een of meer eigenschappen van de afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;en het automatisch selecteren van de eindafbeelding in de deelverzameling en de bijbehorende tweede positie van het begin-bijknippen icoon is gebaseerd op een of meer eigenschappen van de afbeeldingen in de reeks afbeeldingen.
  373. 373
    374. Werkwijze volgens een van conclusies 367 tot en met 373, waarbij de reeks afbeeldingen een beginafbeelding en een eindafbeelding omvat, en de werkwijze omvat:het, in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen, tonen van een of meer representaties van afbeeldingen, niet opgenomen in de reeks afbeeldingen, die zijn verkregen voorafgaand aan de beginafbeelding in de reeks afbeeldingen en/of die zijn verkregen na de eindafbeelding in de reeks afbeeldingen.
  374. 374
    375 375. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 374, omvattende:het, voorafgaand aan het detecteren van de tweede invoer, tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, detecteren van een invoer op het einde-bijknippen icoon;en in reactie op het detecteren van de invoer op het eindebijknippen icoon, verplaatsen van het einde-bijknippen icoon vanaf de tweede positie naar een derde positie in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen .
  375. 375
    376. Werkwijze volgens een van conclusies 367 tot en met 375, waarbij:de reeks afbeeldingen een beginafbeelding en een eindafbeelding omvat, en de gebruikersinterface een terugstelpermissie omvat, en de werkwijze omvat: voorafgaand aan het detecteren van de tweede invoer, tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, detecteren van een invoer op de terugstelpermissie;en, in reactie op het detecteren van de invoer op de terugstelpermissie : tonen van het begin-bijknippen icoon op een positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die overeenstemt met het afbakenen van de beginafbeelding in de reeks afbeeldingen, en tonen van het einde-bijknippen iconen op een positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen 376 in de reeks afbeeldingen, die overeenstemt met het afbakenen van de eindafbeelding in de reeks afbeeldingen.
  376. 376
    377. Werkwijze volgens conclusie 376, omvattende:in reactie op het detecteren van de invoer van de terugstelpermissie: tonen van een automatische-selectiepermissie die, wanneer deze is geactiveerd het begin-bijknippen icoon toont op de eerste positie en het einde-bijknippen icoon op de tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen.
  377. 377
    378. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 377, omvattende:het verwijderen van afbeeldingen, uit de reeks afbeeldingen, die niet zijn opgenomen in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen.
  378. 378
    379. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 378, omvattende:het, in reactie op het detecteren van een derde invoer, selecteren van een nieuwe representatieve afbeelding voor de deelverzameling van de reeks afbeeldingen.
  379. 379
    380. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 379, omvattend:het, na het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met de huidige positie van het begin-bijknippen icoon en de huidige positie van het einde-bijknippen icoon, tonen van een representatieve afbeelding van de deelverzameling van de reeks afbeeldingen op het beeldscherm;377 het, tijdens het tonen van de representatieve afbeelding op het beeldscherm, detecteren van een derde invoer;en, het, in reactie op het detecteren van de derde invoer, vervangen van de vertoning van de representatieve afbeelding door een geanimeerd afspelen van de deelverzameling van de reeks afbeeldingen.
  380. 380
    381. Werkwijze volgens conclusie 380, omvattende:het, in reactie op het detecteren van een vierde invoer, deactiveren van het geanimeerde afspelen van de deelverzameling van de reeks afbeeldingen onder het bewaren van de deelverzameling afbeeldingen.
  381. 381
    382. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 381, omvattende:het, in reactie op het detecteren van een derde invoer die overeenstemt met een verzoek om het bewerken van de representatieve afbeelding, aan een gebruiker van de inrichting verschaffen van opties voor het: doorgaan het bewerken van de representatieve afbeelding met het geanimeerde afspelen van de deelverzameling van de reeks gedeactiveerde afbeeldingen;en opheffen van het bewerken van de representatieve afbeelding.
  382. 382
    383. Werkwijze volgens een van de conclusies 367 tot en met 382, omvattende:het presenteren van een permissie voor het verwijderen van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen anders dan de representatieve afbeelding;en, in reactie op het detecteren van een derde invoer, verwijderen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door 378 de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding.
  383. 383
    384. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;em een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het: tonen van een afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een representatieve afbeelding omvat ;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de afbeelding in de reeks afbeeldingen op het beeldscherm, detecteren van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: tonen van een gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar een deelverzameling, 379 kleiner dan de gehele reeks, van de reeks afbeeldingen, waarbij de gebruikersinterface omvat: een gebied dat representaties bevat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;een door een gebruiker aanpasbaar begin-bijknippen icoon dat een beginafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het begin-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;en een door de gebruiker aanpasbaar einde-bijknippen icoon dat een eindafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het eind-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;waarbij: het begin-bijknippen icoon is gelegen op een eerste positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting, en het einde bijknippen icoon is gelegen op een tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting;tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van een tweede invoer, bijknippen van de reeks afbeeldingen naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met een huidige positie van het begin-bijknippen icoon en een huidige positie van het eind-bijknippen icoon. 380
  384. 384
    385. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die, wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm met aanraakgevoelig oppervlak, veroorzaken dat de inrichting:een afbeelding toont op het beeldscherm, waarbij: de afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een representatieve afbeelding omvat ;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;tijdens het tonen van de afbeelding in de reeks afbeeldingen op het beeldscherm, een eerste invoer detecteert;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: een gebruikersinterface toont voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar een deelverzameling, kleiner dan de gehele reeks, van de reeks afbeeldingen, waarbij de gebruikersinterface omvat: een gebied dat representaties bevat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;een door een gebruiker aanpasbaar begin-bijknippen icoon dat een beginafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het begin-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;en 381 een door de gebruiker aanpasbaar einde-bijknippen icoon dat een eindafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het eind-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;waarbij: het begin-bijknippen icoon is gelegen op een eerste positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting, en het einde bijknippen icoon is gelegen op een tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting;tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, een tweede invoer detecteert;en, in reactie op het detecteren van een tweede invoer, de reeks afbeeldingen bijknipt naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met een huidige positie van het begin-bijknippen icoon en een huidige positie van het eind-bijknippen icoon.
  385. 385
    386. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het tonen van een afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een representatieve afbeelding omvat ;382 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de afbeelding in de reeks afbeeldingen op het beeldscherm, detecteren van een eerste invoer;middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de eerste invoer voor het: tonen van een gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar een deelverzameling, kleiner dan de gehele reeks, van de reeks afbeeldingen, waarbij de gebruikersinterface omvat: een gebied dat representaties bevat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;een door een gebruiker aanpasbaar begin-bijknippen icoon dat een beginafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het begin-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;en een door de gebruiker aanpasbaar einde-bijknippen icoon dat een eindafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het eind-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;waarbij: het begin-bijknippen icoon is gelegen op een eerste positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting, en 383 het einde bijknippen icoon is gelegen op een tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, voor het detecteren van een tweede invoer;en, middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van een tweede invoer, voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met een huidige positie van het begin-bijknippen icoon en een huidige positie van het eind-bijknippen icoon.
  386. 386
    387. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het tonen van een afbeelding op het beeldscherm, waarbij: de afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een representatieve afbeelding omvat ;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de afbeelding in de reeks afbeeldingen op het beeldscherm, detecteren van een eerste invoer;384 middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van de eerste invoer voor het: tonen van een gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar een deelverzameling, kleiner dan de gehele reeks, van de reeks afbeeldingen, waarbij de gebruikersinterface omvat: een gebied dat representaties bevat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;een door een gebruiker aanpasbaar begin-bijknippen icoon dat een beginafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het begin-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;en een door de gebruiker aanpasbaar einde-bijknippen icoon dat een eindafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het eind-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;waarbij: het begin-bijknippen icoon is gelegen op een eerste positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting, en het einde bijknippen icoon is gelegen op een tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting;middelen, geactiveerd tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, voor het detecteren van een tweede invoer;en, 385 middelen, geactiveerd in reactie op het detecteren van een tweede invoer, voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met een huidige positie van het begin-bijknippen icoon en een huidige positie van het eind-bijknippen icoon.
  387. 387
    388. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;een of meer verwerkingseenheden;geheugen;en een of meer programma's, waarbij de een of meer programma's in het geheugen zijn opgeslagen en zijn ingericht om te worden uitgevoerd door de een of meer verwerkingseenheden, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 367 tot en met 383.
  388. 388
    389. Door een computer leesbaar opslagmedium waarop een of meer programma's zijn opgeslagen, waarbij de een of meer programma's instructies omvatten, die wanneer deze worden uitgevoerd door een elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak veroorzaken dat de inrichting een van de werkwijzen volgens conclusies 367 tot en met 383 uitvoert.
  389. 389
    390. Grafische gebruikersinterface op een elektronische inrichting met een beeldscherm, een aanraakgevoelig oppervlak, geheugen, en een of meer verwerkingseenheden voor het uitvoeren van een of meer in het geheugen opgeslagen programma's, waarbij de grafische interface gebruikersinterface is omvat 386 die worden vertoond in overeenstemming met een van de werkwijzen volgens conclusies 367 tot en met 383.
  390. 390
    391. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldscherm;een aanraakgevoelig oppervlak;en middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijze volgens conclusies 367 tot en met 383.
  391. 391
    392. Informatieverwerkend apparaat voor gebruik in de elektronische inrichting met een beeldscherm en een aanraakgevoelig oppervlak, omvattende:middelen voor het uitvoeren van een van de werkwijzen volgens conclusies 367 tot en met 383.
  392. 392
    393. Elektronische inrichting, omvattende:een beeldschermeenheid die is ingericht voor het tonen van afbeeldingen;een aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid die is ingericht voor het detecteren van gebruikersinvoeren;en een verwerkingseenheid die is gekoppeld aan de beeldschermeenheid en de aanraakgevoelige-oppervlakte-eenheid, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het: activeren van een vertoning van een afbeelding op de beeldschermeenheid, waarbij: de afbeelding één afbeelding is in een reeks afbeeldingen die door een camera zijn gemaakt;de reeks afbeeldingen een representatieve afbeelding omvatten;de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding;en 387 de reeks afbeeldingen een of meer afbeeldingen omvat die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van een representatieve afbeelding;tijdens het activeren van de vertoning van de afbeelding in de reeks afbeeldingen op de beeldschermeenheid, detecteren van een eerste invoer;in reactie op het detecteren van de eerste invoer: activeren van een vertoning van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen tot een deelverzameling, kleiner dan de gehele reeks, van de reeks afbeeldingen, waarbij de gebruikersinterface omvat: een gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;een door een gebruiker aanpasbaar begin-bijknippen icoon dat een beginafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het begin-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;en een door de gebruiker aanpasbaar einde-bijknippen icoon dat een eindafbeelding afbakent in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen via een positie van het einde-bijknippen icoon in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen;waarbij: het begin-bijknippen icoon is gelegen op een eerste positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting, en het einde-bijknippen icoon is gelegen op een tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, die automatisch wordt gekozen door de inrichting;388 tijdens het tonen van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, detecteren van een tweede invoer;en, in reactie op het detecteren van een tweede invoer, bijknippen van de reeks afbeeldingen naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met een huidige positie van het begin-bijknippen icoon en een huidige positie van het eind-bijknippen icoon.
  393. 393
    394. Elektronische inrichting volgens conclusie 393, waarbij de deelverzameling van de reeks afbeeldingen een ononderbroken verzameling afbeeldingen is vanaf de beginafbeelding tot de eindafbeelding.
  394. 394
    395. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 394, waarbij representaties van afbeeldingen tussen het begin-bijknippen-icoon en het einde-bijknippenicoon visueel zijn onderscheiden van de andere representaties in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen.
  395. 395
    396. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 395, waarbij:de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen een tweede gebied omvat dat de afbeelding toont in de reeks afbeeldingen, en het tweede gebied gelijktijdig wordt getoond met het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen. 389
  396. 396
    397. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 396, waarbij de getoonde afbeelding de representatieve afbeelding uit de reeks afbeeldingen is.
  397. 397
    398. Elektronische inrichting volgens een van conclusies 393 tot en met 396, waarbij de getoonde afbeelding een huidige geselecteerde afbeelding is uit de reeks afbeeldingen.
  398. 398
    399. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 198, waarbij:het automatisch selecteren van de beginafbeelding in de deelverzameling en de bijbehorende eerste positie van het begin-bijknippen icoon is gebaseerd op een of meer eigenschappen van de afbeeldingen in de reeks afbeeldingen;en het automatisch selecteren van de eindafbeelding in de deelverzameling en de overeenkomstige tweede positie van het begin-bijknippen-icoon is gebaseerd op een of meer eigenschappen van de afbeeldingen in de reeks afbeeldingen.
  399. 399
    400. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 399, waarbij de reeks afbeeldingen een beginafbeelding en een eindafbeelding omvat, en de verwerkingseenheid is ingericht voor het:activeren van vertoning, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen, van een of meer representaties van afbeeldingen, niet opgenomen in de reeks afbeeldingen, die zijn verkregen uit de beginafbeelding in de reeks afbeeldingen en/of die zijn verkregen na de eindaf beelding in de reeks afbeeldingen. 390
  400. 400
    401. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 400, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:voorafgaand aan het detecteren van de tweede invoer, tijdens het activeren van vertoning van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, detecteren van een invoer op het einde-bijknippen-icoon;en, in reactie op het detecteren van de invoer op het eindebi jknippen-icoon, verplaatsen van het einde-bijknippen-icoon vanaf de tweede positie naar een derde positie in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen .
  401. 401
    402. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 401, waarbij:de reeks afbeeldingen een beginafbeelding en een eindafbeelding omvat, en de gebruikersinterface een terugstelpermissie omvat, en de verwerkingseenheid is ingericht voor het: voorafgaand aan het detecteren van de tweede invoer, tijdens het activeren van vertoning van de gebruikersinterface voor het bijknippen van de reeks afbeeldingen, detecteren van een invoer op de terugstelpermissie;en, in reactie op het detecteren van de invoer op de terugstelpermissie : activeren van vertoning van het begin-bijknippenicoon op een positie, in het gebied dat representaties van afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen, die overeenstemt met het afbakenen van de beginafbeelding in de reeks afbeeldingen, en activeren van vertoning van het einde-bijknippenicoon op een positie, in het gebied dat representaties van 391 afbeeldingen omvat in de reeks afbeeldingen, die overeenstemt met het afbakenen van de eindafbeelding in de reeks afbeeldingen .
  402. 402
    403. Elektronische inrichting volgens conclusie 402, waarbij de verwerkingseenheid bovendien is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van de invoer op de terugstelpermissie: activeren van vertoning van een automatische selectiepermissie die, wanneer deze wordt geactiveerd, het beginbijknippen icoon toont op de eerste positie en het einde-bijknippen icoon op de tweede positie, in het gebied dat representaties omvat van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen .
  403. 403
    404. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 403, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:verwijderen van afbeeldingen, uit de reeks afbeeldingen, die niet zijn opgenomen in de deelverzameling van de reeks afbeeldingen.
  404. 404
    405. Elektronische inrichting volgens een van conclusies 393 tot en met 404, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van een derde invoer, selecteren van een nieuwe representatieve afbeelding voor de deelverzameling van de reeks afbeeldingen.
  405. 405
    406. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 405, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:392 na het bijknippen van de reeks afbeeldingen naar de deelverzameling van de reeks afbeeldingen in overeenstemming met de huidige positie van het begin-bijknippen-icoon, activeren van vertoning van een representatieve afbeelding van de deelverzameling van de reeks afbeeldingen op de beeldschermeenheid;tijdens het activeren van de representatieve afbeelding op de beeldschermeenheid, detecteren van een derde invoer;en in reactie op het detecteren van de derde invoer, activeren van het vervangen van vertoning van de representatieve afbeelding door een geanimeerd afspelen van de deelverzameling van de reeks afbeeldingen.
  406. 406
    407. Elektronische inrichting volgens conclusie 406, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van een vierde invoer, deactiveren van het geanimeerde afspelen van een deelverzameling van de reeks afbeeldingen onder bewaring van de deelverzameling van afbeeldingen.
  407. 407
    408. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 407, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:in reactie op het detecteren van een derde invoer die overeenstemt met een verzoek om het bewerken van de representatieve afbeelding, aan een gebruiker van de inrichting verschaffen van opties voor het: voortgaan met bewerken van de representatieve afbeelding met het geanimeerde afspelen van de deelverzameling van de gedeactiveerde reeks afbeeldingen;en opheffen van het bewerken van de representatieve afbeelding. 393
  408. 408
    409. Elektronische inrichting volgens een van de conclusies 393 tot en met 408, waarbij de verwerkingseenheid is ingericht voor het:5 presenteren van een permissie voor het verwijderen van afbeeldingen in de reeks afbeeldingen anders dan de represen tatieve afbeelding;en, in reactie op het detecteren van een derde invoer, verwijderen van de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen 10 door de camera na het verkrijgen van de representatieve afbeelding en de een of meer afbeeldingen die zijn verkregen door de camera voorafgaand aan het verkrijgen van de representatieve afbeelding. Figure 1A Event Sorter Event Monitor Hit View Determination Module Active Event Recognizer Determination Module Event Dispatcher Module 171 172 173 174 Figure 1B 212 206 Portable Multifunction Device 100 210 200 L 210 is SIM card slot 212 is headphone jack Touch Screen 112 .^Contact Intensity^ Sensor(s) 165 I ƒ Tactile Output ^Generator(s) 167j f Microphone I 113 External Port 124 Figure 2 Memory 370 126 128 130 132 133 134 136 137 138 139 140 141 142 143 144 147 148 149 149-1 149-2 149-3 149-4 149-5 149-6 150 151 152 380 382 384 386 388 390 157 Figure 3 206 Portable Multifunction Device — 100 208 I I 208 400 (speaKerw} gS] M Figure 4A 450 _ Intensity Figure 4C Figure 4D Figure 4E Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 502 Current Time 404 ► 500 406 504 514 506 (Microphone Ί 113 J Figure 5A Touch Screen 112Accelerometer(s) 168 204' Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 Current Time 404 4QS 500 506 (Microphone Ί 113 J Touch Screen 112Accelerometer(s) 168 204' Figure 5B Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 512-1 Current Time 404 4QÊ 514 508 (Microphone Ί 113 J 506 <6 Touch Screen 112Accelerometer(s) 168 204' Figure 5C Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 Current Time 404 4QS 512-2 514 508 (Microphone Ί 113 J 506 Touch Screen 112Accelerometer(s) 168 204' Figure 5D Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 512-3 Current Time 404 4QÊ 514 506 508 (Microphone Ί 113 J Touch Screen 112Accelerometer(s) 168 204' Figure 5E Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 Current Time 404 4QÊ 512-4 Figure 5F Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 512-5 Current Time 404 4QÊ 514 506 508 (Microphone Ί 113 J Touch Screen 112Accelerometer(s) 168 204' Figure 5G Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 402 Current Time 404 4QS 512-6 514 506 508 (Microphone Ί 113 J Touch Screen 112Accelerometer(s) 168 204' Figure 5H Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 Figure 51 Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 5J Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 208 I I 208 400 Figure 5K Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 6A Portable Multifunction Device 100 206 400 ^Speaker 111 X I 402 All Photos Current Time 404 4QÊ 600 Done 602-4 616-1 614 612 204' Figure 6C Intensity of Contact 618 Portable Multifunction Device 100 206 ^Speaker 111 Current Time 404 4QÊ 400 402 612 204' Figure 6E Intensity of Contact 618 Portable Multifunction Device 100 206 400 ^Speaker 111 402 Current Time 404 4Q6 All Photos 600 602-5 616-2 Done 620 614 204' Figure 6I Intensity of Contact 618 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 6N 208 I I 208 Figure 60 Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 6P Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 ntati ω o ns co ω os ns co 208 Ί Γ208 Figure 6BB IT D Vmax ~ +2X .........£ IT L IT H + 0.2x Ox - 0.2x Rate of Movement Figure 6CC Figure 6DD 208 Ί Γ208 Figure 6EE 208 Ί Γ208 Figure 6FF Portable Multifunction Device 100 206 Figure 7A 208 I I 208 Figure 7B Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 7C Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 /-\ fSoeakerU^ ( Optical Ί f Proximity Ί I Speaker ill. I I sensor 164 J I Sensor 166 J 5__ z- ;“ \ 402 Current Time 404 d n 702-5 Figure 7D Portable Multifunction Device 100 206 208 208 z-\ (speaKerw) ( s j ( ) 400 V - 7 V S_ | 402 Current Time 404► cn 406 | Figure 7E Portable Multifunction Device 100 206 208 208 400 ^Speaker 111 Optical Sensor 164 imity Ί >r 166 J Proximity Sensor 402 Current Time 404 ► tt» 406 All Photos Done 728 724-3 750-2 750-1 PREVIOUS NEXT Edit ς? ί Microphone 113 Touch Screen 112- 204' Figure 7F 208 I I 208 Figure 7G 208 I I 208 Figure 7H Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 7I Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 7J Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 7K Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 7L 208 I I 208 Figure 7M Portable Multifunction Device 100 /-\ fspesKerm) f s 4 ) ( ) 1_ | 402 Current Time 404 I 206 I 208 I I 208 724-2 Figure 7N Portable Multifunction Device 100 206 Speaker 111 208 Ί Γ208 400 402 Optical Sensor 164 Proximity Sensor 166 Current Time 404 ► tt· 406 724-2 702-5 712 738 752-3 734 204' Figure 70 Portable Multifunction Device 100 I 206 I 208 I I 208 s-\ fspesKerlll) U-X) 400 V - 7 kk 1_ 402 Current Time 404 ► tt· 406 All Photos Done 728 ΰ™ S' \ Touch Screen 112 204 z \___/ Figure 7P 208 208 Figure 7Q 208 Ί Γ208 Figure 7R 206 Portable Multifunction Device 100 Speaker 111 208 208 400 402 702-3 Optical Sensor 164 imity ?r 166 J Proximity Sensor Current Time 404 ^^13.406 728 714 724-2 712 738 734 Touch Screen 112- 204' Figure 7S 206 Portable Multifunction Device 100 Speaker 111 208 208 400 $ Optical Sensor 164 imity >r 166 J Proximity Sensor 402 Current Time 404 ^^1^406 All Photos Done 728 724-3 750-2 750-1 PREVIOUS NEXT Edit ς? Microphone 113 D Touch Screen 112 Accelerometer(s) 168 Figure 7T 208 I I 208 I 206 I Portable Multifunction Device 100 Figure 7U 208 Ί Γ208 Figure 7V 208 208 Figure 7W 206 Portable Multifunction Device 100 208 208 400 ^Speaker 111 Optical Sensor 164 Proximity Sensor 166 402 Current Time 404 4Q6 Done All Photos 760-3 PREVIOUS NEXT Edit Microphone 113 D Touch Screen 112 Accelerometer(s) 168 Figure 7X 208 Ί Γ208 Figure 7Y 208 Ί Γ208 Figure 7Z 208 Ί Γ208 Figure 7AA 208 Ί Γ208 Figure 7BB Portable Multifunction Device 100 206 208 Ί Γ208 ζ-\ ΓSoeakerH^ ( Optical Ί Γ Proximity > I Speaker 1111 I sensor 164 J [sensor 166 J 400 k - 7 kv 5_ k Z — ;\ 402 Current Time 404 >£ ► 4θθ All Photos Done Figure 7CC Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 400 ^Speaker 111 402 Current Time 404 4QS All Photos 802-3 800 812 Done 814 Edit (Microphone Ί 113 J 204' Figure 8A Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 Figure 8G 208 208 Figure 8H Portable Multifunction Device 100 206 208 I I 208 c-\ fSoeakerU^ ( Optical Ί f Proximity Ί I Speaker ill. I I sensor 164 J I Sensor 166 J 5__ z- ;“ \ 402 Current Time 404 d n 802-5 Figure 81 Portable Multifunction Device 100 I 206 I Sneaker 111Ί f °P tical Ί f Proximity Ί bpeaxer ίίί. j Sensor 164 ) Sensor 166 ) 208 I I 208 400 Figure 8J Portable Multifunction Device 100 206 ( Optical Ί ( Proximity Sensor 164 J Sensor 166 Speaker 111 Current Time 404 d 4og Done 824 - - ITd Microphone 113 204· Accelerometer(s) 168 Figure 8K Intensity of Contact 818 Portable Multifunction Device 100 206 ( Optical Ί ( Proximity Sensor 164 J Sensor 166 Speaker 111 Current Time 404 ► εν 406 Done OOI 400 - - ITd Intensity of Contact 818 822 San Francisco Zoo May 25, 2015, 9:39AM ITl Microphone 113 204· Accelerometer(s) 168 Figure 8L 900 Figure 9A 910 In response to detecting activation of the shutter button at the first time, group a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time into a first sequence of images. The first sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the first time;a representative image that represents the first sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the first sequence of images;and a plurality of images acquired by the camera after acquiring the representative image. ® I------------------------------1 918 Parameters for a respective sequence of images grouped in response to | detecting a respective activation of the shutter button are configurable by a | user of the device I 920 The plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the first time are stored in a first form in the memory prior to detecting activation of the shutter button at the first time and are stored in a second form in the memory in response to detecting activation of the shutter button at the first time 922 The plurality of images acquired prior to detecting activation of the shutter button at the first time is a predefined number of images 924 The plurality of images acquired prior to detecting activation of the shutter button at the first time is images that are within a predefined time prior to the first time 926 The plurality of images acquired prior to detecting activation of the shutter button at the first time is images that are within a predefined time prior to a time at which the representative image is acquired 928 The plurality of images acquired prior to detecting activation of the shutter button at the first time are from a range of time between the first time and a second time that is prior to the first time, and acquiring the plurality of images prior to detecting activation of the shutter button at the first time is independent of detecting an interaction with the shutter button that is temporally proximate to the second time Figure 9B 910 In response to detecting activation of the shutter button at the first time, group a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time into a first sequence of images. The first sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the first time;a representative image that represents the first sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the first sequence of images;and a plurality of images acquired by the camera after acquiring the representative image. ® 930 The plurality of images, in the first sequence of images, that are acquired ! prior to detecting activation of the shutter button at the first time meet one or . more predefined grouping criteria | 932 The predefined grouping criteria include selecting a predefined | number of images prior to detecting activation of the shutter button I 934 The predefined grouping criteria include selecting a predefined number of images prior to the representative image 936 The predefined grouping criteria include selecting images in a | predefined range of time immediately prior to detecting activation of the | shutter button i r---------------------------1 I 938 The predefined grouping criteria include selecting images in a | I predefined range of time immediately prior to the time at which the | I representative image is acquired i Figure 9C I-------------------------------I 940 The live preview is displayed as part of a media capture user interface that I includes an affordance for enabling the first media acquisition mode and the shutter I button is a software button displayed in the media capture user interface I L Γ I I I 942 In response to detecting the activation of the shutter button, display an | animation associated with the shutter button that lasts for an amount of time | that corresponds to an amount of time after the activation of the shutter button | that the camera is acquiring images for the first sequence of images | 944 Begin acquiring and storing images upon entering the first media acquisition mode T 946 Delete images that are not grouped into a respective plurality of images that are in temporal proximity to activation of the shutter button at a respective time while in the first media acquisition mode I----------------------------I 948 Begin acquiring and storing images upon displaying the live preview I I 950 Delete images that are not grouped into a respective plurality of images that I are in temporal proximity to activation of the shutter button at a respective time I while in the first media acquisition mode I I I I I I I I I I I I I l I I I Figure 9D D ------------------------------ 1 952 Acquire and store images while displaying the live preview, independent of | detecting activations of the shutter button | 954 Delete acquired and stored images that are not grouped into a respective | plurality of images that are in temporal proximity to activation of the shutter button at | a respective time while in the first media acquisition mode i ------------------------------ 1 956 In response to detecting activation of the shutter button at the first time, | associate, with the first sequence of images, audio that corresponds to the first | sequence of images | ------------------------------- η 958 In response to detecting activation of the shutter button at the first time, | associate, with the first sequence of images, metadata that corresponds to the first | sequence of images I ------------------------------ 1 960 Automatically exclude blurred images from the first sequence of images i 962 After detecting activation of the shutter button at the first time, detect a next | activation of the shutter button at a second time | Figure 9E 964 In response to detecting the next activation of the shutter button at the second time: group a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the second time into a second sequence of images. The second sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the second time;and a representative image that represents the second sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the second sequence of images. 966 The first sequence of images includes an initial image in the first sequence of images, a first number of images acquired between the initial image and the representative image, a final image in the first sequence of images, and a second number of images acquired between the representative image and the final image I-----------------------------1 I 968 Detect an input that corresponds to a request to change the | I representative image in the first sequence of images ι 970 In response to detecting the input that corresponds to the request I to change the representative image in the first sequence of images: j Change the representative image to a revised representative image in I accordance with the detected input;and j Change the grouped plurality of images in the first sequence of images by adding images at one end of the first sequence of images and deleting images . at the other end of the first sequence of images in accordance with the . detected input such that the first sequence of images has a revised initial . image and a revised final image Figure 9F 972 The display is a touch-sensitive display I 974 Receive a request to display the representative image from the first | I sequence of images | r --------------f-------------I 976 In response to receiving the request to display the representative image, | I display the representative image on the touch-sensitive display . I 978 While displaying the representative image, receive a touch input on the | I touch-sensitive display on the representative image, the touch input including | I a characteristic that changes with time I :ξξξξξξξξξξξξξξ£ΞΞΞΞΞΞΖΞΞΞΞΞΞΞ I 980 In response to receiving the touch input on the touch-sensitive display on I I the representative image, display images in the first sequence of images at a I I rate that is determined based on the change in the characteristic of the touch I I input over time I Figure 9G 1000 1002 At an electronic device with a display and a touch-sensitive surface, display a representative image on the display. The representative image is one image in a sequence of images taken by a camera. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image. 1004 While displaying the representative image on the display, detect a first portion of a first input 1006 The first input is a press-and-hold gesture I 1008 The device includes one or more sensors to detect intensity of contacts | I with the touch-sensitive surface, and the first input includes a finger contact | I that satisfies first contact-intensity criteria ι 1010 In response to detecting the first portion of the first input, replace display of the representative image with display, in sequence, of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image I-----------------------------1 I 1012 The one or more images acquired by the camera after acquiring the | I representative image are displayed, in response to detecting the first portion of | I the first input, in sequence at a rate that is based on an intensity of a contact | I in the first portion of the input ι I 1014 After detecting the first portion of the first input, detect a second portion of the | I first input ι Figure 10A 1016 In response to detecting the second portion of the first input, display, in | sequence, the one or more images acquired by the camera before acquiring the | representative image, the representative image, and the one or more images | acquired by the camera after acquiring the representative image i 1018 The sequence of images is displayed, in response to detecting the second portion of the first input, in sequence at a fixed rate | 1020 Cross fade from displaying, in sequence, the one or more images | I I | acquired by the camera after acquiring the representative image to displaying, | I I | in sequence, the one or more images acquired by the camera before acquiring | I I | the representative image | I _^ΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞΞ_ |-------------------------------1 I 1022 In response to detecting the second portion of the first input, present audio | I that corresponds to the sequence of images | ------------------------------- 1 1024 After detecting the second portion of the first input, detect a third portion of the | first input i 1026 In response to detecting the third portion of the first input, display, in | sequence, the one or more images acquired by the camera before acquiring the | representative image, the representative image, and the one or more images | acquired by the camera after acquiring the representative image | _______________I________________ 1028 In response to detecting the third portion of the first input, display metadata I that corresponds to the sequence of images I 1030 Detect termination of the first input | T --------------------------------! 1032 In response to detecting termination of the first input, display the | representative image I (BJ Figure 10B Β 1034 Detect termination of the first input while displaying a first image in the sequence of images 1036 In response to detecting termination of the first input while displaying the first image in the sequence of images: in accordance with a determination that the first image occurs before the representative image in the sequence of images, sequentially display, in chronological order, images from the first image to the representative image, and, in accordance with a determination that the first image occurs after the representative image in the sequence of images, sequentially display, in reverse-chronological order, images from the first image to the representative image 1038 The sequence of images is configured to be sequentially displayed in a loop in either a forward direction or a reverse direction I 1040 Detect termination of the first input while displaying a first image in the | I sequence of images ι I 1042 In response to detecting termination of the first input while displaying the j first image in the sequence of images: in accordance with a determination that J there are fewer images between the first image and the representative image I when the loop is traversed in the forward direction, sequentially display I images from the first image to the representative image in the forward j direction, and, in accordance with a determination that there are fewer images I between the first image and the representative image when the loop is I traversed in the reverse direction, sequentially display images from the first . image to the representative image in the reverse direction Figure 10C 1044 The one or more images are sequentially displayed in accordance with respective intensity levels of the first portion of the first input 1046 The first portion of the first input includes a change in intensity of a contact detected on the touch-sensitive surface. While the representative image is displayed and the contact has a first intensity, detect an increase in intensity of the contact by a respective amount to a second intensity;in response to detecting the increase in intensity of the contact by the respective amount, replace display of the representative image with display of a first subsequent image that is a respective number of images after the representative image in the sequence of images;while displaying the first subsequent image and the contact has the second intensity, detect an increase in intensity of the contact by the respective amount to a third intensity;and, in response to detecting the increase in intensity of the contact by the respective amount from the second intensity to the third intensity, replace display of the first subsequent image with display of a second subsequent image that is the respective number of images after the first subsequent image in the sequence of images. 1048 The respective number of images is based on the magnitude of the | respective change in intensity of the contact i ----------------------------- η 1050 When the respective change in intensity of the contact has a first | magnitude, the first sequential image is immediately after the respective image | in the sequence of images and the second sequential image is immediately | after the first sequential image in the sequence of images. When the | respective change in intensity of the contact has a second magnitude that is | greater than the first magnitude, the first sequential image spaced apart from | the respective image by a respective number of images in the sequence of | images and the second sequential image is spaced apart from the first | sequential image by the respective number of images in the sequence of | images. The respective number of images is one or more images. | Figure 10D 1052 The first portion of the first input includes a change in intensity of a contact detected on the touch-sensitive surface. While the representative image is displayed and the contact has a first intensity, detect an increase in intensity of the contact by a respective amount to a second intensity;in response to detecting the increase in intensity of the contact by the respective amount, replace display of the representative image with display of a first subsequent image that is a respective number of images after the representative image in the sequence of images;while displaying the first subsequent image and the contact has the second intensity, detect a change in intensity of the contact by the respective amount;and, in response to detecting the change in intensity of the contact by the respective amount: in accordance with a determination that the change in intensity of the contact by the respective amount includes an increase in intensity of the contact from the second intensity to a third intensity, replace display of the first subsequent image with display of a second subsequent image that is the respective number of images after the first subsequent image in the sequence of images;and, in accordance with a determination that the change in intensity of the contact by the respective amount includes a decrease in intensity of the contact from the second intensity to the first intensity, replace display of the first subsequent image with display of the representative image. Figure 10E 10000 10002 At an electronic device with a display and a touch-sensitive surface, display a representative image on the display. The representative image is one image in a sequence of images taken by a camera. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image. + 10004 While displaying the representative image on the display, detect a first portion of a first input. 10006 The first input is a press-and-hold gesture 10008 In response to detecting the first portion of the first input: transition from displaying the representative image to displaying a respective prior image in the sequence of images, wherein the respective prior image was acquired by the camera before acquiring the representative image;and, after transitioning from displaying the representative image to displaying the respective prior image, display, in sequence starting with the respective prior image, at least some of the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image and at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. |-----------------------------1 10010 Transitioning from displaying the representative image to displaying the | I respective prior image includes displaying, in sequence, at least some of the | one or more images acquired by the camera after acquiring the representative | I image and then replacing display of a respective subsequent image acquired | I after acquiring the representative image with the respective prior image. i 10012 Transitioning from displaying the representative image to displaying the | respective prior image includes replacing display of the representative image | with the respective prior image. | Figure 10F 10008 In response to detecting the first portion of the first input: transition from displaying the representative image to displaying a respective prior image in the sequence of images, wherein the respective prior image was acquired by the camera before acquiring the representative image;and, after transitioning from displaying the representative image to displaying the respective prior image, display, in sequence starting with the respective prior image, at least some of the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image and at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. ® I-----------------------------1 I 10018 The one or more images acquired by the camera before acquiring the | I representative image and the one or more images acquired by the camera | I after acquiring the representative image are displayed, in sequence starting | I with the respective prior image, at a fixed rate. i 10020 Present audio that corresponds to the sequence of images. 10022 After detecting the first portion of the first input, detect a second portion of | the first input. I I In response to detecting the second portion of the first input, display, in sequence, | at least some of the one or more images acquired by the camera before acquiring | the representative image and at least some of the one or more images acquired by | the camera after acquiring the representative image. | I-----------------------------1 I I 10024 In response to detecting the second portion of the first input, display | | I metadata that corresponds to the sequence of images. i | I 10026 Detect termination of the first input. I I I I In response to detecting termination of the first input, display the representative I I image. I Figure 10H 10008 In response to detecting the first portion of the first input: transition from displaying the representative image to displaying a respective prior image in the sequence of images, wherein the respective prior image was acquired by the camera before acquiring the representative image;and, after transitioning from displaying the representative image to displaying the respective prior image, display, in sequence starting with the respective prior image, at least some of the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image and at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. ® 10014 Transitioning from displaying the representative image to displaying the respective prior image includes: in accordance with a determination that the first portion of the first input meets first playback criteria, displaying, in sequence, at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image and then replacing display of a respective subsequent image acquired after acquiring the representative image with the respective prior image;and, in accordance with a determination that the first portion of the first input meets second playback criteria, different from the first playback criteria, replacing display of the representative image with the respective prior image. I---------------------------1 110016 The device includes one or more sensor units to detect intensity of' I contacts with the touch-sensitive surface. ' ι ι I The first input includes a contact on the touch-sensitive surface. ' I The first playback criteria include a criterion that is met when the contact ' I has a characteristic intensity above a first intensity threshold. ' I The second playback criteria include a criterion that is met when the ' I contact has a characteristic intensity above a second intensity threshold ' I that is greater than the first intensity threshold. ' Figure 10G I 10028 Detect termination of the first input while displaying a first image in the | sequence of images. | In response to detecting termination of the first input while displaying the first image | in the sequence of images: | in accordance with a determination that the first image occurs before the | representative image in the sequence of images, sequentially display, in | chronological order, images from the first image to the representative image, and | in accordance with a determination that the first image occurs after the | representative image in the sequence of images, sequentially display, in reverse| chronological order, images from the first image to the representative image. I________________________________ 10030 The sequence of images is configured to be sequentially displayed in a loop in either a forward direction or a reverse direction. Detect termination of the first input while displaying a first image in the sequence of images. In response to detecting termination of the first input while displaying the first image in the sequence of images: in accordance with a determination that there are fewer images between the first image and the representative image when the loop is traversed in the forward direction, sequentially display images from the first image to the representative image in the forward direction, and in accordance with a determination that there are fewer images between the first image and the representative image when the loop is traversed in the reverse direction, sequentially display images from the first image to the representative image in the reverse direction. Figure 101 10050 10052 At an electronic device with a display, a touch-sensitive surface, and one or more sensors to detect intensity of contacts with the touch-sensitive surface: display a representative image on the display. The representative image is one image in a sequence of images taken by a camera. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. I 10054 The sequence of images includes one or more images acquired by the | I camera before acquiring the representative image. i I 10056 While displaying the representative image on the display, detect a first input that includes detecting an increase in a characteristic intensity of a contact on the touch-sensitive surface to a first intensity that is greater than a first intensity threshold. 10058 The first input is a press-and-hold gesture. ί 10060 In response to detecting the increase in the characteristic intensity of the contact, advance, in a first direction, through the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image at a rate that is determined based at least in part on the first intensity 10062 After advancing through the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image at the rate that is determined based on the first intensity, detect a decrease in intensity of the contact to a second intensity that is less than the first intensity Figure 10J A 10064 In response to detecting the decrease in the characteristic intensity of the contact to the second intensity: in accordance with a determination that the second intensity is above the first intensity threshold, continue to advance, in the first direction, through the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image at a second rate, wherein: the second rate is determined based at least in part on the second intensity and the second rate is slower than the first rate;and, in accordance with a determination that the second intensity is below the first intensity threshold, move, in a second direction that is opposite to the first direction, through the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image at a rate that is determined based at least in part on the second intensity. 10066 Images are displayed, in sequence, at a rate that increases as the | characteristic intensity of the contact increases. | 10068 The images are displayed, in sequence, at a rate proportional to a | difference between the characteristic intensity of the contact and the first I intensity threshold | 10070 Decrease a rate at which images in the sequence of images are displayed as a terminus of the sequence of images is approached. I 10072 The first rate is determined based in part on a proximity of a | | I currently displayed image to an end of the sequence of images. | | ' I I 10074 The second rate is determined based in part on a proximity of a | [ I currently displayed image to a beginning of the sequence of images. | | I | ---------------------------- η 10076 The rate of advancement through the sequence of images is | constrained by a maximum rate while the contact is detected on the touch- | sensitive surface. i Figure 10K 10064 In response to detecting the decrease in the characteristic intensity of the contact to the second intensity: in accordance with a determination that the second intensity is above the first intensity threshold, continue to advance, in the first direction, through the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image at a second rate, wherein: the second rate is determined based at least in part on the second intensity and the second rate is slower than the first rate;and, in accordance with a determination that the second intensity is below the first intensity threshold, move, in a second direction that is opposite to the first direction, through the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image at a rate that is determined based at least in part on the second intensity. ® I-----------------------------1 I 10078 Intensity values of the characteristic intensity of the contact proximate | I to the first intensity threshold are associated with rate values that are at least a | I predetermined amount away from a rate of zero images per second. ι ----------------------------- 1 10080 The rate of movement through the sequence of images is constrained | by a maximum reverse rate while the contact is detected on the touch- | sensitive surface. ι ----------------------------- 1 10082 The representative image is displayed as a background image on a | lock screen of a device, and one or more foreground elements are not | changed while the device advances through the one or more images captured | after the respective image. ι 10084 Display metadata that corresponds to the sequence of images. r-----------------------------I 10086 Detect liftoff of the contact from the touch-sensitive surface. I | In response to detecting liftoff of the contact, move through the images in the | second direction at a rate that is greater than the maximum reverse rate. Figure 10L ------------------------------1 10088 Detect termination of the first input. ' In response to detecting termination of the first input, display the representative ' image. ' -------------------------------! 10090 Detect termination of the first input while displaying a first image in the | sequence of images. | In response to detecting termination of the first input while displaying the first image in the sequence of images: in accordance with a determination that the first image occurs before the representative image in the sequence of images, sequentially display, in chronological order, images from the first image to the representative image, and in accordance with a determination that the first image occurs after the representative image in the sequence of images, sequentially display, in reversechronological order, images from the first image to the representative image. Figure 10M 1100 1102 Store a plurality of sequences of images. A respective sequence of images includes: a respective representative image taken by a camera, one or more images acquired by the camera after acquiring the respective representative image, and one or more images acquired by the camera before acquiring the respective representative image. _y_ 1104 Display a first representative image for a first sequence of images in a movable first area on the display I------------------------------1 1 1106 The first sequence of images is a message in a message conversation | j displayed in a scrollable region of a messaging application, and the first | sequence of images is displayed as the scrollable region of the messaging | application is scrolled | 1108 Detect a drag gesture on the touch-sensitive surface _’ [_ 1112 In accordance with a determination that the drag gesture is in a first direction on the touch-sensitive surface: 1114 In the moveable first area, replace display of the first representative image for the first sequence of images with display, in chronological order, of at least some of one or more images for the first sequence of images acquired by the camera after acquiring the first representative image for the first sequence of images I 1116 Move the first area in the first direction Γ---------------------------1 I 1118 Moving the first area in the first direction includes moving at least I I part of the first area off of the display in the first direction I Figure 11A 1112 In accordance with a determination that the drag gesture is in the first direction on the touch-sensitive surface: 1122 While moving the second area in the first direction, display, in | chronological order in the second area, at least some of one or more images | for a second sequence of images acquired by the camera before acquiring a | second representative image for the second sequence of images | ι---------------------------π ι 1124 Moving the second area in the first direction includes moving at | | . least part of the second area on to the display in the first direction | | I----------------------------! I 1126 After moving the second area in the first direction, display the second | I representative image for the second sequence of images in the second area | I 1128 While displaying the second representative image for the second | I sequence of images in the second area, detect a change in intensity of an | I input corresponding to the second representative image ι I 1130 In response to detecting the change in intensity of the input, advance | I through the second sequence of images in the second area without moving | I the second area on the display ι Figure 11B B ------------------------------- 1 1132 Detect termination of the drag gesture while moving the first area and the | second area I 1134 In response to detecting termination of the drag gesture while moving the first . area and the second area: I-----------------------------1 I 1136 In accordance with a determination that the drag gesture meets next- | 1 I sequence-navigation criteria: | > 1 I move the first area completely off the display in the first direction;| I move the second area completely on to the display;and | I display the second representative image for the second sequence of images | ί in the second area i 1138 in accordance with a determination that the drag gesture does not meet the next-sequence-navigation criteria: move the second area completely off the display in a second direction, opposite the first direction;Move the first area completely on to the display;and display the first representative image for the first sequence of images in the first area Figure 11C c 1140 In accordance with a determination that the drag gesture is in a second direction on the touch-sensitive surface: 1142 In the moveable first area, replace display of the first representative | image for the first sequence of images with display, in reverse chronological | order, of at least some of one or more images for the first sequence of images | acquired by the camera before acquiring the first representative image for the | first sequence of images | 1144 Move the first area in the second direction | I 1146 Moving the first area in the second direction includes moving at | ’ I least part of the first area off of the display in the second direction | J 1148 Move a third area in the second direction 1150 While moving the third area in the second direction, display, in reverse chronological order in the third area, at least some of one or more images for a third sequence of images acquired by the camera after acquiring a third representative image for the third sequence of images Γ---------------------------1 I 1152 Moving the third area in the second direction includes moving at | ι least part of the third area on to the display in the second direction I 1154 The first sequence of images was acquired by the camera before I I the second sequence of images and the first sequence of images was | I acquired by the camera after the third sequence of images | I I I I I I I I I I I I I 1156 After moving the third area in the second direction, display the third | representative image for the third sequence of images in the third area ι ------------------------------- 1 1158 Detect termination of the drag gesture while moving the first area and the third | area I 1160 In response to detecting termination of the drag gesture while moving the first area and the third area: I I-----------------------------1 I 1162 In accordance with a determination that the drag gesture meets | 1 I previous-sequence-navigation criteria: | 1 I 1 ΐ I move the first area completely off the display in the second direction;| 1 I move the third area completely on to the display;and | 1 I display the third representative image for the third sequence of images in the | 1 ι third area ι 1 1164 In accordance with a determination that the drag gesture does not meet the previous-sequence-navigation criteria: move the third area completely off the display in the first direction;move the first area completely on to the display;and move the first representative image for the first sequence of images in the first area Figure 11E 11000 11002 At an electronic device with a display and a touch-sensitive surface: store a plurality of sequences of images. A respective sequence of images includes: a respective representative image taken by a camera, and one or more images acquired by the camera before acquiring the respective representative image. I-----------------------------1 111004 A respective sequence of images includes one or more images ' I acquired by the camera after acquiring the respective representative image. ' 11006 Display a first representative image for a first sequence of images in a movable first area on the display. 11008 The first sequence of images is a message in a message conversation | displayed in a scrollable region of a messaging application, and the first sequence of images is displayed as the scrollable region of the messaging ^application is scrolled. 11010 Detect a gesture on the touch-sensitive surface, the gesture including movement by a contact that corresponds to movement in a first direction on the display. 11012 In response to detecting the gesture on the touch-sensitive surface: move the first area in the first direction on the display;move a movable second area in the first direction on the display;and, in accordance with a determination that sequence-display criteria are met, while moving the second area in the first direction, display, in chronological order in the second area, at least some of one or more images for a second sequence of images acquired by the camera before acquiring a second representative image for the second sequence of images. Figure 11F 11012 In response to detecting the gesture on the touch-sensitive surface: move the first area in the first direction on the display;move a movable second area in the first direction on the display;and, in accordance with a determination that sequence-display criteria are met, while moving the second area in the first direction, display, in chronological order in the second area, at least some of one or more images for a second sequence of images acquired by the camera before acquiring a second representative image for the second sequence of images. 11014 In response to detecting the gesture on the touch-sensitive surface: | in accordance with a determination that the sequence-display criteria are not | met, while moving the second area in the first direction, display the second | representative image for the second sequence of images in the movable | second area on the display . ----------------------------- 1 11016 The sequence-display criteria include a criterion that the contact lifts off | prior to displaying, in chronological order in the second area, at least some of | one or more images for the second sequence of images acquired by the | camera before acquiring the second representative image. i ----------------------------- 1 11018 Moving the movable second area in the first direction on the display | includes displaying a respective prior image that was acquired prior to | acquiring the second representative image in the second region. i 11020 The sequence-display criteria include detecting liftoff of the contact j In response to detecting liftoff of the contact, continue to move the moveable j second area in the first direction and continue to move the moveable first area in the first direction. The images from the second sequence of images are . displayed at a rate such that the second representative image is displayed in . the moveable second area when the moveable second area stops moving in . the first direction. . Figure 11G 11012 In response to detecting the gesture on the touch-sensitive surface: move the first area in the first direction on the display;move a movable second area in the first direction on the display;and, in accordance with a determination that sequence-display criteria are met, while moving the second area in the first direction, display, in chronological order in the second area, at least some of one or more images for a second sequence of images acquired by the camera before acquiring a second representative image for the second sequence of images. ® I-----------------------------1 111022 While moving the moveable first region, display a simulated parallax | I effect for an image within the moveable first region such that the image within | I the moveable first region shifts relative to a frame of the moveable first region. | ----------------------------- 1 11024 While moving the moveable second region while the contact is detected | on the touch-sensitive surface, display a simulated parallax effect for an image | within the moveable second region such that the image within the moveable | second region shifts relative to a frame of the moveable second region. i ----------------------------- 1 11026 Moving the first area in the first direction includes moving at least part | of the first area off of the display in the first direction. i ----------------------------- 1 11028 Moving the second area in the first direction includes moving at least | part of the second area onto the display in the first direction. i 11030 After moving the second area in the first direction, display the second representative image for the second sequence of images in the second area. j~11032 While displaying the second representative image for the second sequence I I of images in the second area, detect a change in intensity of an input corresponding I I to the second representative image. I ! i I In response to detecting the change in intensity of the input, advance through the I I second sequence of images in the second area without moving the second area on I I the display I Figure 11H 11034 Detect termination of the drag gesture while moving the first area and the second area. In response to detecting termination of the drag gesture while moving the first area and the second area: in accordance with a determination that the drag gesture meets nextsequence-navigation criteria: move the first area completely off the display in the first direction;move the second area completely onto the display;and display the second representative image for the second sequence of images in the second area. ------------------------------- η 11036 In response to detecting termination of the drag gesture while moving the ι first area and the second area: ι in accordance with a determination that the drag gesture does not meet the ι next-sequence-navigation criteria: I move the second area completely off the display in a second direction, | opposite the first direction;I move the first area completely onto the display;and | display the first representative image for the first sequence of images ι in the first area. ι Figure 111 1200 1202 Store a plurality of sequences of images. A respective sequence of images includes: a respective representative image taken by a camera, one or more images acquired by the camera after acquiring the respective representative image, and one or more images acquired by the camera before acquiring the respective representative image. v J 1208 While displaying the first image on the display, detect a first input 1210 In response to detecting the first input: 1212 In accordance with a determination that the first image is an image in a first sequence of images, perform a first operation that includes displaying at least some of the images in the first sequence of images besides the first image ;1214 In accordance with a determination that the first image is an image in the plurality of images that are distinct from the images in the plurality of sequences of images, perform a second operation, distinct from the first operation, involving the first image Figure 12A 1210 In response to detecting the first input: ® I 1216 The first input is a press-and-hold gesture, the first operation displays at | I least a portion of the first sequence of images, and the second operation | I displays information about the first image with the first image ι I 1218 The first input is a press-and-hold gesture, the first operation displays at | I least a portion of the first sequence of images, and the second operation | I displays an animation that shows different portions of the first image ι I 1220 The device includes one or more sensors to detect intensity of contacts | I with the touch-sensitive surface, the first input includes a finger contact that | I satisfies first contact-intensity criteria, the first operation displays at least a | I portion of the first sequence of images, and the second operation displays | I information about the first image with the first image ι I 1222 The device includes one or more sensors to detect intensity of contacts | I with the touch-sensitive surface, the first input includes a finger contact that | I satisfies first contact-intensity criteria, the first operation displays at least a | I portion of the first sequence of images, and the second operation displays an | | animation that shows different portions of the first image ι I 11224 The first input is a drag gesture, the first operation displays at least some | I of the images in the first sequence of images while transitioning from | I displaying the first image to displaying a second image (the second image not | I being an image in the first sequence of images), and the second operation | I transitions from displaying the first image to displaying a third image (the third | I image not being an image in the first sequence of images) . Figure 12B 1300 Figure 13 1400 Figure 14 1500 Figure 15 1600 Figure 16 1700 I_______ Figure 17 1800 Figure 18 1900 Processing unit 1908 Display enabling unit I 1910 I !__________i I Detecting unit 1912 | I Storing unit 1914 I_______ I Moving unit 1916 I Advancing unit 1918 | Figure 19 2002-2 206 Portable Multifunction Device 100 z-\ EED GêS ESïJ 208 Ί Γ208 402 Current Time 404 >f ► tn 406 Figure 20B Figure 20C Figure 20D Figure 20E Figure 20F /-\ Figure 20G Figure 20H 206 Portable Multifunction Device — 100 208 Ί Γ208 400 ^Speaker 111 Optical Ί (Proximity Sensor 164 J Sensor 166 402 Current Time 404 ► tt· 406 2006 B Apply t0 All 2002-3 2004-1 Cancel 2008 Microphone 113 Touch Screen 112MB Accelerometer(s) 168 Figure 20I Figure 20J Figure 20K Portable Multifunction Device 100 206 208 Ί Γ208 Proximity Sensor 166 2018 Cropping just the keyframe is incompatible with enhanced photo playback! 2020-1 -4 Edit as new still image Delete extra images in enhanced photo Apply edits to all images in enhanced photo Cancel fllifeST· Done Γ Microphone I 113 204 Figure 20L Portable Multifunction Device 100 206 Speaker 111) ( J Proximity Sensor 166 208 Ί Γ208 400 402 Current Time 404 £ ► 4QS ν·χχχχχχ·χ·χχ<<<·χ<<<·χχ·χ^.'·χχ<<< ;χχ·χ·χ·χ·:·χ·χ·χχ·χχ·χ·'·· - --·.?.;- ·· · 2102 Good! I've been workino at this tv show but today is my last day Really working that grind, you know? The synergy is all off. Yeah I’m gonna go to Atlanta tomorrow to visit family But only for a quick second 2104 2106 QWERTYU I OP SDFGHJKL Ζ X C V Β N M 123......0space Touch Screen 112Microphone 113 204 Figure 21A Portable Multifunction Device 100 206 Proximity Sensor 166 Speaker ( _ °P tical 208 Ί Γ208 400 402 Sensor 164 Current Time 404 Stephanie 406 Good! I’ve been working at this tv show but today is my last day Really working that grind, you know? 2108 2110-a'· 2112 The synergy is ali off. Yeah I'm gonna go to Atlanta tomorrow to visit family n. ·< .....t.. -......t-i...............* 2110-b 2110-c .ibVmiA'. 2116 Photo Library 2114 2116 Take Photo or Video Cancel Touch Screen 112Γ Microphone I 113 204 ? Figure 21B Portable Multifunction Device 100 206 Speaker 111 j ( j Proximity Sensor 166 208 Ί Γ208 400 402 Current Time 404 lillllllllllllllBlilllillll 406 Good! I've been workino at this tv show but today is my last day Realiy working that grind, you know? 2110-a- 2110-b 0-1 -in 2118-a Send Enhanced Photo 2118-b Send Still Image 2118-c Send GIF 2118-d Send Movie 2118-e Cancel s' \ Touch Screen 112204' Figure 21C Portable Multifunction Device 100 206 Speaker 111) ( j Proximity Sensor 166 208 Ί Γ208 400 402 Current Time 404 £ ► 4QS 2122-a 2122-b 2122-c 2122-d Touch Screen 112204 Microphone 113 Accelerometer(s) 168 Figure 21D Portable Multifunction Device 100 206 SoeakerH^ ( Optical Ί ( Proximity > bpeakeriiij Sensor 164 J Sensor 166 J 208 Ί Γ208 400 402 Current Time 404 >£ ► 4θθ Collections Moments Select 2124 San Francisco 2129-6 -x Share Yesterday Today Share 2129-8 Shared Images Albums Touch Screen 112- Γ Microphone I 113 204 ? Figure 21E Portable Multifunction Device 100 206 Speaker 111 j ( s ' Proximity Sensor 166 2134 400 Current Time 404 San Francisco 2126 ς? 2132 Edit Microphone 113 204· Figure 21F Portable Multifunction Device 100 206 Speaker Hl] ( s Proximity Sensor 166 208 Ί Γ208 400 402 Current Time 404 ► 1 Enhanced Photo Selected 406 Cancel 2138 2142-a-^ 2142-b Touch Screen 112- Γ Microphone I 113 204 ? Figure 21G Portable Multifunction Device 100 206 Speaker Hl] ( s ' Proximity Sensor 166 8021 I 802 400 2144 2146 Current Time 404 k 4Q6 2148 «A» —LzneCK OUl ΙΠΙ5 train Ml i i 2152 f E R Τ Y U I 0 SDFGHJKL Z X C V Β N M ξΐ space;Touch Screen 112- Γ Microphone I 113 204· Figure 21H Portable Multifunction Device 100 206 Speaker Hl] ( s ' Proximity Sensor 166 208 Ί Γ208 400 2144 2126 Current Time 404 k 4Q6 2126 2148 2118-a Send Enhanced Photo 2118-b 2118-c 2118-d 2118-e Send Still Image Send GIF Send Movie Cancel Touch Screen 112Γ Microphone I 113 204· Figure 211 Portable Multifunction Device 100 206 Sneaker 111Ί ( Optical Ί ( Proximity bpeakeriiij Sensor 164 J Sensor 166 208 Ί Γ208 400 402 Current Time 404 406 2146 Check out this train 2122-a2122-b2122-c2122-dSend Still Image Send GIF Send Movie Cancel I Touch Screen 112Γ Microphone I 113 204 ? Figure 21J Portable Multifunction Device 100 206 r-208 Ί Γ208 fspeaKerm) ( s ) ( s “ ) 400 VV -=-2 k -=^ r—-· 402 Current Time 404 ► «3· 406 Figure 22A Portable Multifunction Device 100 206 208 Ί Γ208 400 (speaKerw} ggg ( 402 Current Time 404 ► =& 406 All Photos Done Wagner Burger 3401 Sampson St. Philadelphia, PA 19029 2214 August 24, 1:58PM Your Server: John 1^’ Edit ς? Touch Screen 112 Accelerometer(s) Uf Accelerom Figure 22B Figure 22C Figure 22D Portable Multifunction Device 100 206 Speaker Hl] ( s ' Proximity Sensor 166 OOI O exil 400 OOI O cmI 2302 Current Time 404 ► tb 4Q6 | Apply to Touch Screen 112- Γ Microphone l 113 204 ? Figure 23A Portable Multifunction Device 100 206 Speaker Hl] ( s ' Proximity Sensor 166 208 r7?i208 400 Current Tims 4Q4 s SoTk ΎΤ,φρ^η- 1 =F %(||p%èLËl E |g A i _xd 402 Current Time 404 0-Ί XC-2310-2 2310-3 Figure 23B Portable Multifunction Device 100 206 Speaker Hl) ( s ' Proximity Sensor 166 208 Ί Γ208 400 Current Time 404 Apply to Z3ZU-D H All OFF TRIM DELETE 2320-a 2318 — < 2320-0 2316 2314 Cancel 2004-1 Touch Screen 112- Γ Microphone I 113 204· Figure 23C Portable Multifunction Device 100 206 208 Ί Γ208 s-\ (speaKerlll) ( s ( s « } 400 V - 7 V 402 Current Time 404 >f ► tb 406 Figure 23D Portable Multifunction Device 100 206 Speaker Hl) ( s ' Proximity Sensor 166 2314 400 Current Time 404 ► tt· 406 2322 Apply to All 2302 Auto Cancel 2004-1 2004-2 2004-3 ·°@°· 2301 Done Γ Microphone I 113 204· Figure 23E 2400 2402 Display a representative image on a display. The representative image is one image in a sequence of images taken by a camera. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image. 2404 While displaying the representative image on the display, detect an input to modify the representative image. 2406 In response to detecting the input to modify the representative image: in accordance with a determination that the device is in a first editing mode, modify the representative image, the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image, and the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image;and, in accordance with a determination that the device is in a second editing mode, distinct from the first editing mode, modify the representative image, without modifying the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image, and without modifying the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image. Figure 24A Γ 2408 After modifying the representative image, without modifying the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image, and without modifying the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image: Display the modified representative image on the display;While displaying the modified representative image on the display, detect a first portion of a second input;In response to detecting the first portion of the second input, replace display of the modified representative image with display of, in sequence, at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image;After detecting the first portion of the second input, detect a second portion of the second input;and, In response to detecting the second portion of the second input, display, in sequence, at least some of the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image, the representative image without modification, and at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. 2410 After modifying the representative image, without modifying the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image, and without modifying the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image: Display the modified representative image on the display;While displaying the modified representative image on the display, detect a second input;and, In response to detecting the second input, display, in sequence, at least some of the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image, the representative image without modification, and at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. Figure 24B Γ 2412 After modifying the representative image, without modifying the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image, and without modifying the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image: Display the modified representative image on the display;While displaying the modified representative image on the display, detect a first portion of a second input;In response to detecting the first portion of the second input, replace display of the modified representative image with display of, in sequence, at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image;After detecting the first portion of the second input, detect a second portion of the second input;and, In response to detecting the second portion of the second input, display, in sequence, at least some of the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image, the modified representative image, and at least some of the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. r------------------------------I 2414 After modifying the representative image, without modifying the one or more I images acquired by the camera after acquiring the representative image, and I without modifying the one or more images acquired by the camera before acquiring I the representative image: I Display the modified representative image on the display;I While displaying the modified representative image on the display, detect a second I input;and, I In response to detecting the second input, display, in sequence, at least some of I the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative I image, the modified representative image, and at least some of the one or more I images acquired by the camera after acquiring the representative image. Figure 24C I 2416 After modifying the representative image, without modifying the one or more I images acquired by the camera after acquiring the representative image, and I without modifying the one or more images acquired by the camera before acquiring I the representative image: I Display the modified representative image on the display;I While displaying the modified representative image on the display, detect a first I portion of a second input;I In response to detecting the first portion of the second input, replace display of the I modified representative image with display of, in sequence, at least some of the one I or more images acquired by the camera after acquiring the representative image;I After detecting the first portion of the second input, detect a second portion of the I second input;and, I In response to detecting the second portion of the second input, display, in I sequence, at least some of the one or more images acquired by the camera before I acquiring the representative image and at least some of the one or more images I acquired by the camera after acquiring the representative image. I________________________________ r------------------------------I 2418 After modifying the representative image, without modifying the one or more I images acquired by the camera after acquiring the representative image, and I without modifying the one or more images acquired by the camera before acquiring I the representative image: I Display the modified representative image on the display;I While displaying the modified representative image on the display, detect a second I input. I In response to detecting the second input, display, in sequence, at least some of I the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative I image and at least some of the one or more images acquired by the camera after I acquiring the representative image. Figure 24D ------------------------------- 1 2420 After modifying the representative image, the one or more images acquired by | the camera after acquiring the representative image, and the one or more images | acquired by the camera before acquiring the representative image: | Display the modified representative image on the display;| While displaying the modified representative image on the display, detect a first i portion of a second input;| In response to detecting the first portion of the second input, replace display of the | modified representative image with display of, in sequence, at least some of the | modified one or more images acquired by the camera after acquiring the | representative image;I After detecting the first portion of the second input, detect a second portion of the | second input;and, I In response to detecting the second portion of the second input, display, in | sequence, at least some of the modified one or more images acquired by the | camera before acquiring the representative image, the modified representative | image, and at least some of the modified one or more images acquired by the | camera after acquiring the representative image. i r------------------------------I 2422 After modifying the representative image, the one or more images acquired by I the camera after acquiring the representative image, and the one or more images I acquired by the camera before acquiring the representative image: I Display the modified representative image on the display;I While displaying the modified representative image on the display, detect a second I input;and, I In response to detecting the second input, display, in sequence, at least some of I the modified one or more images acquired by the camera before acquiring the I representative image, the modified representative image, and at least some of the I modified one or more images acquired by the camera after acquiring the I representative image. ------------------------------- Ί 2424 Detect a second input corresponding to a request to delete the one or more | images acquired by the camera before acquiring the representative image and the | one or more images acquired by the camera after acquiring the representative | image;and, I In response to detecting the second input, delete the one or more images acquired | by the camera before acquiring the representative image and the one or more | images acquired by the camera after acquiring the representative image. | Figure 24Ë 2500 2502 Display, on a display, a representative image in a user interface of an application that is configured to communicate with other electronic devices. The representative image is one image in a sequence of images taken by a camera. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image. I 2504 The application that is configured to communicate with other electronic | I devices is displayed in response to detecting selection of an application icon | I that corresponds to the application in a sharing user interface i + 2506 While displaying the representative image on the display, detect an input that corresponds to a request to send the representative image or a request to select the representative image for sending to a second electronic device, remote from the first electronic device, using the application J 2508 In response to detecting the input that corresponds to the request to send the representative image or to the request to select the representative image for sending to the second electronic device: in accordance with a determination that the second electronic device is configured to interact with the sequence of images as a group, display a first set of options for sending at least a portion of the sequence of images to the second electronic device;and, in accordance with a determination that the second electronic device is not configured to interact with the sequence of images as a group, display a second set of options for sending at least a portion of the sequence of images to the second electronic device, wherein the second set of options is different from the first set of options. ® Figure 25A 2508 In response to detecting the input that corresponds to the request to send the representative image or to the request to select the representative image for sending to the second electronic device: in accordance with a determination that the second electronic device is configured to interact with the sequence of images as a group, display a first set of options for sending at least a portion of the sequence of images to the second electronic device;and, in accordance with a determination that the second electronic device is not configured to interact with the sequence of images as a group, display a second set of options for sending at least a portion of the sequence of images to the second electronic device, wherein the second set of options is different from the first set of options. ® I-----------------------------1 I 2510 The first set of options for sending at least a portion of the sequence of | I images to the second electronic device includes an option to send the entire | I sequence of images ι 2512 The second set of options for sending at least a portion of the sequence of images to the second electronic device includes an option for converting at least the portion of the sequence of images to a video format 2514 The first set of options for sending at least a portion of the sequence of images to the second electronic device includes an option for converting at least the portion of the sequence of images to a video format. 2516 In accordance with the determination that the second electronic device is configured to interact with the sequence of images as a group, send audio that corresponds to the sequence of images. 2518 In accordance with the determination that the second electronic device is configured to interact with the sequence of images as a group, send metadata that corresponds to the first sequence of images. 2520 The second set of options for sending at least a portion of the sequence of images to the second electronic device includes an option for sending the representative image without sending the one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image and without sending the one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image. Figure 25B B Β ------------------------------- η 2522 Determine whether the first electronic device is in a first mode that permits | sending the sequence of images. | In accordance with a determination that the first electronic device is not in the first | mode that permits sending the sequence of images as a group, modify the first set | of options for sending at least the portion of the sequence of images to the second | electronic device. I 2524 While displaying the representative image on the display, detect a second input. In response to detecting the second input, replace display of the representative image with display of, in sequence, at least some of the images in the sequence of images. 1 2526 The first electronic device the first electronic device includes a touch- | I sensitive surface and one or more sensors to detect intensity of contacts with | 1 the touch-sensitive surface. | 1 The second input includes a finger contact that satisfies first contact-intensity | I criteria. I I______________________________! Figure 25C 2600 2602 At an electronic device with a display and a camera: while in a first media acquisition mode for the camera: display a live preview of a scene on the display 2604 Perform scene recognition on the scene + 2606 While displaying the live preview of the scene, detect a single activation of a shutter button at a first time I 2608 In response to detecting the single activation of the shutter button at the first time: In accordance with a determination that the scene meets action capture criteria, based at least in part on the scene recognition performed on the scene, retain a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time and group the plurality of images into a first sequence of images. The first sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the first time;a representative image that represents the first sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the first sequence of images;and a plurality of images acquired by the camera after acquiring the representative image. In accordance with a determination that the scene does not meet the action capture criteria, the device retains a single image in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time (without grouping a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time into a first sequence of images). I-----------------------------2610 The action capture criteria include recognizing one or more faces in the | scene I Figure 26A 2608 In response to detecting the single activation of the shutter button at the first time: In accordance with a determination that the scene meets action capture criteria, based at least in part on the scene recognition performed on the scene, retain a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time and group the plurality of images into a first sequence of images. The first sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the first time;a representative image that represents the first sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the first sequence of images;and a plurality of images acquired by the camera after acquiring the representative image. In accordance with a determination that the scene does not meet the action capture criteria, the device retains a single image in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time (without grouping a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time into a first sequence of images). 2612 The device includes default image capture parameters for acquiring images I 2614 Determine that the scene contains a single face in portrait | I orientation, the single face occupying more than a predetermined amount | I of the display I 2616 In response to determining that the scene contains the single face | | I in portrait orientation, the single face occupying more than a | | 1 j predetermined amount of the display: acquire the plurality of images with | | I I image capture parameters that are distinct from the default image | | I I capture parameters | | lZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZZJ r----------------------------- 1 ι 2618 The action capture criteria include recognizing motion in the scene ι Figure 26B 2608 In response to detecting the single activation of the shutter button at the first time: In accordance with a determination that the scene meets action capture criteria, based at least in part on the scene recognition performed on the scene, retain a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time and group the plurality of images into a first sequence of images. The first sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the first time;a representative image that represents the first sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the first sequence of images;and a plurality of images acquired by the camera after acquiring the representative image. In accordance with a determination that the scene does not meet the action capture criteria, the device retains a single image in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time (without grouping a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time into a first sequence of images). ® 2620 Performing scene recognition on the scene includes determining an amount of motion in the scene. Retaining the plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time includes: In accordance with a determination that the amount of motion is a first amount, retaining the plurality of images at a first frame rate;and In accordance with a determination that the amount of motion is a second amount that is greater than the first amount, retaining images at a second frame rate that is higher than the first frame rate. ----------------------------- 1 2622 The action capture criteria include detecting movement of the electronic ' device above a predetermined threshold value. ' Figure 26C 2608 In response to detecting the single activation of the shutter button at the first time: In accordance with a determination that the scene meets action capture criteria, based at least in part on the scene recognition performed on the scene, retain a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time and group the plurality of images into a first sequence of images. The first sequence of images includes: a plurality of images acquired by the camera prior to detecting activation of the shutter button at the first time;a representative image that represents the first sequence of images and was acquired by the camera after one or more of the other images in the first sequence of images;and a plurality of images acquired by the camera after acquiring the representative image. In accordance with a determination that the scene does not meet the action capture criteria, the device retains a single image in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time (without grouping a plurality of images acquired by the camera in temporal proximity to the activation of the shutter button at the first time into a first sequence of images). © I 2624 The number of images in the retained plurality of images depends on | I detected movement of the device while the plurality of images was acquired | I-----------------------------1 I 2626 Performing scene recognition on the scene includes recognizing text. | I I I The action capture criteria include a criterion that is met when an amount of | text in the scene is below a predefined threshold. i Figure 26D 2700 2702 Display an image on a display. The image is one image in a sequence of images taken by a camera. The sequence of images includes a representative image. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera after acquiring the representative image. The sequence of images includes one or more images acquired by the camera before acquiring the representative image. 12704 The displayed image is the representative image from the sequence of | I images. I I----------------------------- 1 12706 The displayed image is a currently selected image from the sequence of | I images. I 2708 While displaying the image in the sequence of images on the display, detect a first input 2710 In response to detecting the first input: display a user interface for trimming the sequence of images to a subset, less than all, of the sequence of images. The user interface includes: an area that contains representations of images in the sequence of images;a user-adjustable begin-trim icon that delimits a beginning image in the subset of the sequence of images via a position of the begin-trim icon in the area that contains representations of images in the sequence of images;and a user-adjustable end-trim icon that delimits an ending image in the subset of the sequence of images via a position of the end-trim icon in the area that contains representations of images in the sequence of images. The begin-trim icon is located at a first position, in the area that contains representations of images in the sequence of images, that is automatically selected by the device. The end-trim icon is located at a second position, in the area that contains representations of images in the sequence of images, that is automatically selected by the device. ® Figure 27A 2710 In response to detecting the first input: display a user interface for trimming the sequence of images to a subset, less than all, of the sequence of images. The user interface includes: an area that contains representations of images in the sequence of images;a user-adjustable begin-trim icon that delimits a beginning image in the subset of the sequence of images via a position of the begin-trim icon in the area that contains representations of images in the sequence of images;and a user-adjustable end-trim icon that delimits an ending image in the subset of the sequence of images via a position of the end-trim icon in the area that contains representations of images in the sequence of images. The begin-trim icon is located at a first position, in the area that contains representations of images in the sequence of images, that is automatically selected by the device. The end-trim icon is located at a second position, in the area that contains representations of images in the sequence of images, that is automatically selected by the device. ® |-----------------------------1 I 2714 The user interface for trimming the sequence of images includes a | I second area that displays the image in the sequence of images. | I I I The second area is displayed concurrently with the area that contains | I representations of images in the sequence of images. ι 12716 Automatically selecting the beginning image in the subset and the . I corresponding first position of the begin-trim icon is based on one or more . I characteristics of the images in the sequence of images. . I Automatically selecting the ending image in the subset and the corresponding . I second position of the begin-trim icon is based on one or more characteristics . I of the images in the sequence of images. . I______________________________! |-----------------------------1 12718 The sequence of images includes an initial image and a final image. | Display, in the area that contains representations of images in the sequence of | images, one or more representations of images, not included in the sequence | of images, that were obtained before the initial image in the sequence of | images and/or that were obtained after the final image in the sequence of | images. ι Figure 27B 2710 In response to detecting the first input: display a user interface for trimming the sequence of images to a subset, less than all, of the sequence of images. The user interface includes: an area that contains representations of images in the sequence of images;a user-adjustable begin-trim icon that delimits a beginning image in the subset of the sequence of images via a position of the begin-trim icon in the area that contains representations of images in the sequence of images;and a user-adjustable end-trim icon that delimits an ending image in the subset of the sequence of images via a position of the end-trim icon in the area that contains representations of images in the sequence of images. The begin-trim icon is located at a first position, in the area that contains representations of images in the sequence of images, that is automatically selected by the device. The end-trim icon is located at a second position, in the area that contains representations of images in the sequence of images, that is automatically selected by the device. ® I-----------------------------1 12720 Prior to detecting the second input, while displaying the user interface for' I trimming the sequence of images, detect an input on the end-trim icon. ' I I I In response to detecting the input on the end-trim icon, move the end-trim icon ' I from the second position to a third position in the area that contains ' I representations of images in the sequence of images. I 2722 While displaying the user interface for trimming the sequence of images, detect a second input I 2724 In response to detecting a second input, trim the sequence of images to the subset of the sequence of images in accordance with a current position of the begin-trim icon and a current position of the end-trim icon Figure 27C ------------------------------- 1 2726 Delete images, from the sequence of images, which are not included in the | subset of the sequence of images i I------------------------------12728 The sequence of images includes an initial image and a final image, and the I user interface includes a reset affordance. I Prior to detecting the second input, while displaying the user interface for trimming I the sequence of images, detect an input on the reset affordance. I In response to detecting the input on the reset affordance: I Display, the begin-trim icon at a position, in the area that contains I representations of images in the sequence of images, that corresponds to delimiting I the initial image in the sequence of images. I Display the end-trim icon at a position, in the area that contains I representations of images in the sequence of images, that corresponds to delimiting I the final image in the sequence of images. I________________________________ r------------------------------12730 In response to detecting the input on the reset affordance: I display an automatic selection affordance that when activated displays the beginI trim icon at the first position and the end-trim icon at the second position, in the area I that contains representations of images in the sequence of images. Γ-----------------------------12732 In response to detecting a third input, select a new representative image for I the subset of the sequence of images. I------------------------------- 1 12734 After trimming the sequence of images to the subset of the sequence of ' I images in accordance with the current position of the begin-trim icon and the ' I current position of the end-trim icon, display a representative image of the subset of ' I the sequence of images on the display. I I I I While displaying the representative image on the display, detect a third input. I I I I In response to detecting the third input, replace display of the representative image ' I with an animated playback of the subset of the sequence of images. ' I I Figure 27D I 2736 In response to detecting a fourth input, disable the animated playback of the | I subset of the sequence of images while retaining the subset of images , 12738 In response to detecting a third input that corresponds to a request to edit the | I representative image, provide a user of the device with options to: | I continue editing the representative image with the animated playback of the | I subset of the sequence of images disabled;and I I cancel editing the representative image. I________________________________! 12740 Present an affordance for deleting images in the sequence of images other 1 I than the representative image. J I In response to detecting a third input, delete the one or more images acquired by ' I the camera after acquiring the representative image and the one or more images ' I acquired by the camera before acquiring the representative image. ' I________________________________! Figure 27E 2800 Figure 28 -2900 Display unit 2902 Γ--I Touch-sensitive I I surface unit UI 2904 I Sensor units 2906 I 1 I_______I Figure 29 -3000 Display unit 3002 Γ-------- 1 I Touch-sensitive I I surface unit L<I 3004 I I_______I M Camera units 3006 ◄-► ◄-► Figure 30 3100 Figure 31 P25361NL1/63266-7270NL
Independent claims408