NL2012198C2

Device and method for forming a workpiece by means of 3-D extrusion

Abstract

The invention relates to a device and a method for forming a workpiece by 3-D extrusion, wherein the device is provided with three vertical spindles drivable by spindle motors, a horizontal work platform for the workpiece connected to the spindles, wherein the vertical position of the work platform at the position of the spindles is adjustable by these spindles, a displacing member for horizontal displacement of an extrusion head and a control member for controlling the spindle motors, the displacing member and the extrusion head, wherein the device comprises a measuring device for measuring the vertical position of the work platform at the spindles and the control member is configured to move the work platform close to the extrusion head, to measure the vertical position of the work platform at each spindle and to correct the vertical position of the work platform by means of the spindle motors. The extrusion head thus always moves parallel to the work platform.

NL2012198C2, drawing sheet 1
Sheet 1 of 12

Term

7.4 yearsleft in the term

Expires 4 February 2034.

  1. Priority and filed
  2. Granted
  3. Today
  4. Expires

10 claims: 4 independent, 6 dependent

  1. 1
    Conclusies 1. Inrichting voor het door middel van 3D-extrusie vormen van een werkstuk, waarbij de inrichting omvat:- een frame;- tenminste drie, zich op drie verschillende posities in het frame in verticale richting uitstrekkende, door middel van spilmotoren aandrijfbare spindels;- een zich hoofdzakelijk horizontaal uitstrekkend werkplatform voor het dragen van het werkstuk, waarbij het werkplatform met elk van de spindels is verbonden en waarbij de verticale positie van het werkplatform op de positie waar het werkplatform met één van de spindels is verbonden, door de betreffende spindel instelbaar is;- een met het frame verbonden verplaatsingsorgaan, dat is ingericht voor het in een hoofdzakelijk horizontaal bewegingsvlak verplaatsen van een drager;- tenminste één aan de drager bevestigde extrusiekop;- toevoermiddelen voor het aan de tenminste ene extrusiekop toevoeren van te extruderen materiaal;en - een besturingsorgaan voor het besturen van de spilmotoren, van het verplaatsingsorgaan, van de extrusiekop en van de toevoermiddelen, met het kenmerk, - dat de inrichting is voorzien van een meetinrichting voor het meten van de verticale positie van het werkplatform op in de nabijheid van de spindels gelegen meetposities;- dat het besturingsorgaan is ingericht voor het tot in de nabijheid van de drager doen bewegen van het werkplatform, het in elk van de meetposities meten van de verticale positie van het werkplatform en het door middel van de spilmotoren corrigeren van de verticale positie van het werkplatform opdat het werkplatform zich parallel aan het bewegingsvlak van de drager uitstrekt.
  2. 2
    Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de meetinrichting aan het frame is bevestigd en is voorzien van tenminste drie meetorganen die elk in de nabijheid van een spindel zijn aangebracht.
  3. 3
    Inrichting volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat de meetorganen zijn ingericht voor het meten van de verticale positie van de drager in elk van de meetposities en dat het besturingsorgaan is ingericht voor het achtereenvolgens naar de meetposities doen bewegen van de drager.
  4. 4
    Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, - dat de drager is voorzien van een meetorgaan voor het vaststellen van de hoogte van het werkplatform ten opzichte van de drager;- dat het besturingsorgaan is ingericht voor het naar de nabijheid van de drager doen bewegen van het werkplatform, het achtereenvolgens naar de meetposities doen bewegen van de drager, het in elk van de meetposities meten van de verticale positie van het werkplatform door middel van het meetorgaan en het door middel van de spilmotoren corrigeren van de verticale positie van het werkplatform opdat het werkplatform zich parallel aan het bewegingsvlak van de drager uitstrekt.
  5. 5
    Inrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat het meetorgaan is voorzien van een in verticale richting in een geleider beweegbare pen en van een detector die bij het naar boven bewegen van de pen ten opzichte van de geleider bij het bereiken van een vooraf bepaalde positie een signaal afgeeft.
  6. 6
    Inrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk dat het meetorgaan een door middel van laser werkende afstandmeter omvat.
  7. 7
    Inrichting volgens één van de voorafgaande conclusies, met het kenmerk, dat het besturingsorgaan is ingericht voor het voorafgaande aan het vervaardigen van een product corrigeren van de verticale positie van het werkplatform.
  8. 8
    Inrichting volgens één van de voorafgaande conclusies, met het kenmerk, dat het verplaatsingsorgaan omvat:- een eerste en een tweede, zich beide hoofdzakelijk horizontaal aan weerszijden van de door de spindels bepaalde ruimte uitstrekkende primaire geleiderail;- een zich tussen de primaire geleiderails uitstrekkende, langs de primaire geleiderails beweegbare wagen, die is voorzien van een zich dwars op de primaire geleiderails uitstrekkende secundaire geleiderail, waarlangs de drager beweegbaar is;en - aandrijfmiddelen voor het langs de primaire geleiderails doen bewegen van de wagen en het langs de secundaire rails doen bewegen van de drager.
  9. 9
    Inrichting volgens conclusie 8, met het kenmerk, dat de aandrijfmiddelen een in het frame geplaatste primaire motor omvatten, die is gekoppeld met een primair getand wiel dat door middel van een primaire getande band verbonden is met de wagen en een in het frame geplaatste secundaire motor omvatten die is gekoppeld met een secundair getand wiel dat door middel van een secundaire getande band is verbonden met de drager.
  10. 10
    Werkwijze voor het parallel aan het bewegingsvlak van een extrusiekop van een 3D extrusiemachine brengen van een in door middel van spindels in verticale richting beweegbaar werkplatform, waarop het door de extrusiemachine te vervaardigen werkstuk wordt gevormd omvattende de volgende stappen:- het tot in de nabijheid van een drager waarop de extrusiekop geplaatst is, doen bewegen van het werkplatform, - het achtereenvolgens naar meetposities in de nabijheid van de spindels doen bewegen van de drager, het in elk van de meetposities meten van de verticale positie van het werkplatform en het door middel van de spindels corrigeren van de verticale positie van het werkplatform. 1/3